Het Politiebureau en de Deelfiets Thema: Cycling & Getting Around | Dutch Fluency Emma: Zo, dat was een druk politiebureau. Denk je dat ze mijn fiets vinden? Lars: Eerlijk gezegd... het is moeilijk. Maar je hebt nu een rapport voor de verzekering. Emma: Ja, dat is waar. Maar nu heb ik geen fiets voor het weekend. Wat moet ik doen? Lars: Geen probleem! We kunnen een deelfiets gebruiken. Ken je het systeem? Emma: Deelfietsen? Ik heb ze gezien, maar ik weet niet hoe het werkt. Lars: Het is super makkelijk. Je downloadt de app, en dan kun je overal een fiets huren. Emma: Weet je het zeker? Is het niet duur? Lars: Nee hoor, een ritje kost maar twee of drie euro. Perfect voor toeristen. Emma: Oké, dat klinkt goed. Hoe vind ik een fiets? Lars: Kijk, hier op de kaart zie je waar de fietsen staan. Die met de groene wieltjes zijn beschikbaar. Emma: Oh, ik zie er een bij het station! Kunnen we daar naartoe lopen? Lars: Ja, dat is vijf minuten lopen. Heb je je OV-chipkaart al opgeladen? Emma: Mijn OV-chipkaart? Waarom heb ik die nodig? Lars: Oh sorry, niet voor de deelfiets. Maar je moet hem wel opladen voor de tram en metro. Emma: Ah, oké. Waar kan ik dat doen? Lars: Bij de gele automaten in het station. Hoeveel wil je erop zetten? Emma: Twintig euro is genoeg voor het weekend, toch? Lars: Ja, perfect. En dan kunnen we die deelfiets pakken. Emma: Geweldig! Hoe was de reis van jouw huisgenoot gisteren eigenlijk? Lars: Welke reis bedoel je? Emma: Je vertelde dat je huisgenoot naar Rotterdam ging voor werk. Lars: Oh ja! Hij kwam te laat omdat de trein niet op tijd was. Heel druk ook. Emma: Typisch NS! Maar goed, laten we nu die fiets zoeken. Lars: Ja, kom. En deze keer zetten we hem in mijn schuur, niet op straat! USED_WORDS: druk deelfietsen Weet je het zeker? ritje wieltjes opladen op tijd huisgenoot schuur Woordenlijst / Vocabulary: - druk - busy/crowded - deelfietsen - shared bicycles - Weet je het zeker? - Are you sure? - ritje - short trip/ride - wieltjes - little wheels - opladen - to top up/charge (card balance) - op tijd - on time - huisgenoot - housemate/roommate - schuur - shed/storage https://dutchfluency.com | https://dutchfluency.com/tools/tulip-trainer