Hey, Rick here. Thanks for listening. Nou, ik loop bij Kijkduin. 🌷 Ik zie de zee. Ik hoor veel meeuw. Ik ben met Lars. Hij is mijn maat. Lars eet een haring. Ik eet ook een haring. Wij hebben ook ui. Lars lacht. Hij zegt: “Lekker bezig!” Wij gaan naar een kraam. De kraam heeft snoep. Ik zie een stroopwafel. Lars zegt: “Die is voor mij.” Ik zeg: “Kom op zeg.” Wij lachen samen. Er is ook een radio. De radio is aan. Het geluid is hard. Lars zegt: “Ik hoor NOS.” Joh, de radio zegt nieuws. De radio zegt: “Noorden Australië.” De radio zegt: “Overstromingen.” De radio zegt: “Duizend mensen.” De radio zegt: “Mensen gaan weg.” Lars kijkt naar mij. Zijn ogen zijn groot. Hij zegt: “Da’s ook wat.” Ik zeg: “Ja, echt waar?” Wij horen nog meer. De radio zegt: “Water is hoog.” De radio zegt: “Mensen zijn in een hal.” De radio zegt: “Mensen zijn samen.” Lars zegt zacht: “Ik zie dat.” Ik zeg: “Jij ziet dat?” Lars zegt: “In mijn hoofd.” Er komt een man bij ons. Hij heeft een pet. Hij zegt: “Jullie horen het nieuws.” Ik zeg: “Ja, wij horen.” De man zegt: “Mijn zus is daar.” Lars zegt: “In Australië?” De man zegt: “Ja, zij is daar.” Ik hoor zijn stem. Zijn stem is klein. Lars zegt: “Wat doen wij?” Ik zeg: “Wij doen iets kleins.” Lars zegt: “Wij doen iets goeds.” 💪 Ik zeg: “Ja, DIT IS HET!” Wij gaan naar de man. Wij zeggen: “Wij zijn met je.” De man zegt: “Dank je.” Lars geeft hem snoep. Ik geef hem water. De man zegt: “Jullie zijn lief.” Nou, Lars kijkt weer naar zee. Hij zegt: “Water is mooi.” Hij zegt ook: “Water is sterk.” Ik zeg: “Ja, zo is het.” Lars zegt: “Mensen gaan samen.” Ik zeg: “Ja, mensen helpen.” Wij lopen door. Wij horen weer meeuw. Lars zegt: “Ik bel haar.” Ik zeg: “Doe dat.” Lars belt. Hij zegt: “Hoi, ik ben Lars.” Hij zegt: “Ik hoor nieuws.” Hij zegt: “Ik ben bij je.” Hij lacht een beetje. Ik ook. 🚲 The full transcript is free at dutchfluency.com. The Tulip Trainer has it loaded and ready if you want to practice interactively. See you tomorrow.