Hoi, Rick hier. Bedankt voor het luisteren — veel plezier met deze aflevering. Nou, Ravi stond gisteren in de aankomsthal van Groningen Airport Eelde met een kartonnen bordje in zijn hand. Hij had er met dikke stift op geschreven: “WELCOME, COUSIN ARUN!” De letters waren scheef, maar ja, perfect is voor mensen die ook hun sokken strijken. Ravi had een kleine papieren beker muntthee, en in zijn jaszak zat een nieuw Frans zakwoordenboekje. Hij voelde zich best trots, want talen leren was voor hem net hagelslag strooien: je denkt dat het simpel is, en toch ligt het overal. Bij de schuifdeur hoorde hij steeds hetzelfde geluid: woeps—tssst—woeps. En ergens rook hij vers gepofte popcorn van een automaat. Hij keek naar de schermen met vluchtnummers en dacht aan Nina, die laatst in Woudsend al vóór zessen wakker was, helemaal klaar voor haar dag. En hij dacht ook aan Fatima, die een tijd geleden zand in haar schoenen had bij Kijkduin. Iedereen had altijd een verhaal. Joh, en toen gebeurde het. Op een tv boven de koffiestand kwam een nieuwsblokje. Een presentator zei: “Topman Air Canada stapt op omdat hij geen Frans spreekt.” Ravi knipperde met zijn ogen. “Hè? Echt waar?” zei hij hardop. Naast hem stond een vrouw met een koffer vol stickers. Ze heette Marloes, stond op haar telefoon te tikken en zei: “Da’s ook wat. In Canada moet je dus twee talen kunnen, anders ben je klaar.” Ravi grinnikte. “Ik heb net een woordenboek gekocht,” zei hij, en hij hield het omhoog alsof het een reddingsboei was. “Maar stel je voor: je bent de baas en je moet ineens ‘bonjour’ zeggen, en je mond zegt alleen ‘boem’.” Marloes lachte. “Bijna! We zeggen eigenlijk ‘bonjour’ met een zachte ‘r’,” plaagde ze. Toen kwam er ook een man bij staan met een geel veiligheidshesje. Hij wees naar de tv en zei: “Taal is serieus, hoor. Mensen willen zich gezien voelen.” Ravi knikte. “Ja… en toch is het ook grappig. Mijn oom zegt altijd: ‘Als je iets niet kan, doe je alsof je het expres doet.’” Op dat moment ging een deur open en kwamen reizigers naar buiten. Ravi zag Arun niet meteen, dus hij ging op zijn tenen staan. Marloes fluisterde: “Zeg straks iets in het Frans, gewoon voor de show.” Arun kwam eindelijk aanlopen, met een veel te grote rugzak en een brede glimlach. Ravi zwaaide met het bord. “Welkom! Ehm… bon… bonjour!” zei hij. Het klonk half Nederlands, half toeter. Arun lachte hard. “DIT IS HET! Jij bent nu mijn topman,” zei hij. En Ravi dacht: taal is soms struikelen, maar als je samen lacht, kom je toch vooruit. Lekker bezig, Ravi 💪🌷 Nou... Het volledige transcript is gratis te lezen op dutchfluency.com. De Tulip Trainer heeft het klaarstaan als je interactief wil oefenen. Tot morgen.