Hallo, fijn dat je er bent! Ik ben Rick van Dutch Fluency, klaar om samen met jou niveau A1 van de Nederlandse taal te ontdekken. Een man zegt: "Ik ben laat." Hij kijkt naar de kalender. Het is de dag na Independence Day. Hij lacht en zegt: "Hoe toepasselijk!" De man heet Jan. Jan is een Nederlandse man. Hij werkt bij een bedrijf. Het bedrijf heeft een naam. De naam is Oranje Vlag. Het symbool van het bedrijf is een oranje vlag. Jan is blij bij dit bedrijf. Hij werkt met de computer. Hij stuurt veel e-mails. Jan kijkt weer naar de kalender. Hij ziet de datum. Het is 5 juli. Independence Day was gisteren. Jan is verbaasd. Hij zegt: "Oh, ik ben een dag te laat." Hij lacht weer en zegt: "Maar dat is toepasselijk!" Jan drinkt een kop koffie. Hij denkt aan Independence Day. Hij zegt: "Op Independence Day vieren mensen vrijheid. Ze zijn blij en vieren feest. Ze gebruiken de Amerikaanse vlag. De vlag is een symbool van vrijheid." Jan kijkt naar de oranje vlag van zijn bedrijf. Hij is trots op zijn bedrijf. Hij zegt: "Wij hebben ook een vlag. Onze vlag is oranje. Het is een symbool van ons bedrijf. Wij zijn een groep mensen die samen werken." Jan denkt aan de wereld. Er zijn goede tijden en slechte tijden. Er zijn oorlogen. Maar er is ook hoop. Jan zegt: "Mensen hopen op verandering. Ze willen een betere wereld. Ze willen vrede." Jan kijkt weer naar de kalender. Hij zegt: "Ik ben een dag te laat. Maar dat is goed. Elke dag is een dag voor vrijheid. Elke dag is een dag voor hoop." Jan is blij. Hij drinkt zijn koffie. Hij denkt aan zijn werk. Hij denkt aan de wereld. Hij denkt aan hoop. En hij lacht. Hij zegt: "Hoe toepasselijk!" Dankjewel voor je tijd en inzet vandaag. Blijf oefenen en tot morgen voor meer Nederlands!