Hallo, fijn dat je er bent! Ik ben Rick van Dutch Fluency en vandaag gaan we op een warme en vriendelijke manier Nederlands leren op A1 niveau. Er is een man. De man is een agent. De agent heet Simon. Simon is een jonge agent. Hij heeft een auto. Hij werkt in Amsterdam. Simon en een andere agent, Jan, zien een andere man. De andere man is uit de gevangenis gekomen. Hij is een crimineel. Hij is niet goed, hij is slecht. De crimineel heeft een vriend. De vriend is ook slecht. Simon en Jan gaan naar de crimineel. Ze willen de crimineel in de auto zetten. Maar de crimineel heeft een pistool. Het pistool is gevaarlijk. Bang! Het pistool gaat af. Simon valt op de grond. Hij is niet goed. Hij is dood. Jan is verdrietig. Hij heeft verdriet. Zijn vriend Simon is dood. Hij wil Simon niet vergeten. Hij wil een herinnering aan Simon. Jan heeft een idee. Hij wil een steen. Een steen voor Simon. Een steen op de plek waar Simon dood is gegaan. De steen is voor de herinnering aan Simon. Jan koopt een steen. Het is een mooie steen. Hij zet de steen in de grond. Op de steen staat de naam van Simon. Nu kan iedereen Simon herinneren. Iedereen kan de steen zien. Ik zie de steen. Ik lees de naam. De naam is Simon. Ik denk aan Simon. Simon de agent. Simon die dood is gegaan. Ik ben een beetje verdrietig. Ik zie de steen elke dag. De steen is een herinnering. Een herinnering aan Simon. De agent. De goede agent. De agent die dood is gegaan. Dank je wel, Simon. Dank je wel voor je werk. Dank je wel voor alles. Heel erg bedankt voor je inzet vandaag. Morgen duiken we weer samen in de prachtige wereld van het Nederlands, tot dan!