Hallo, dit is Rick van Dutch Fluency. Samen gaan we een mooie, veilige stap zetten in de Nederlandse taal, niveau A1. Ik ben een man. Ik heb een huis. In mijn huis heb ik een keuken. In de keuken heb ik een weegschaal. Vandaag ga ik yoghurt wegen. Ik heb yoghurt. De yoghurt zit in een bakje. Op het bakje staat '450 gram'. Ik zet het bakje op de weegschaal. De weegschaal zegt '400 gram'. Het bakje en de yoghurt wegen samen 400 gram. Ik ben verbaasd. Ik denk: 'Dit is niet goed. Ik heb een ander bakje yoghurt. Dat bakje is nieuw. Ik zet het nieuwe bakje op de weegschaal. De weegschaal zegt weer '400 gram'. Ik ben boos. Ik denk: 'Ik ben best genaaid. Ik koop deze yoghurt al maanden. Ik heb misschien veel geld verloren.' Ik maak een foto. Op de foto zie je de verpakking en de weegschaal. Ik zet de foto online. Ik vraag: 'Hebben meer mensen dit meegemaakt?' Veel mensen reageren. Zij hebben dit ook meegemaakt. Ik denk: 'Ik ga niet meer deze yoghurt kopen. Ik ga andere yoghurt kopen. Die yoghurt is beter. Die yoghurt heeft de juiste hoeveelheid.' Ik ga nu naar de winkel. Ik koop andere yoghurt. Ik ben blij. Ik heb goede yoghurt. De weegschaal zegt '450 gram'. Ik denk: 'Dit is goed. Ik ben niet meer boos.' Ik eet de yoghurt. De yoghurt is lekker. Ik ben blij. Ik heb goede yoghurt. Het is een goede dag. Je hebt het weer geweldig gedaan vandaag, blijf zo doorgaan! Tot morgen, voor een nieuwe dag vol Nederlandse taalplezier!