Hallo, goed je hier te hebben! Ik ben Rick van Dutch Fluency, klaar om samen op A1 niveau de charme van de Nederlandse taal te ontdekken. Er is een man. De man is Trump. Trump wil een auto kopen. De auto kost 25.000. Maar Trump wil niet 25.000 betalen. Hij wil de auto voor 20.000 kopen. Trump gaat naar de auto verkoper. Hij zegt: "Ik wil je auto kopen. Maar ik wil niet 25.000 betalen. Ik wil de auto voor 20.000 kopen." De verkoper is boos. Hij wil niet minder geld voor de auto. Dus, Trump zegt: "Ik kan je bedrijf kapot maken. Ik kan alle wegen naar je bedrijf slopen." De verkoper is bang. Hij wil niet dat zijn bedrijf kapot gaat. Dus, hij geeft Trump de auto voor 20.000. Trump is blij. Hij heeft een goede deal. Nu wil Trump iets anders kopen. Hij wil grondstoffen uit Groenland. Maar wij willen dat niet. Wij vinden het zonde van het klimaat. Maar Trump wil niet onderhandelen. Hij zegt: "Ik kan de NAVO kapot maken. Ik kan Europa aanvallen. Ik kan importheffingen doorvoeren." Rutte, de baas van Nederland, wil een deal maken. Hij wil niet dat Trump de NAVO kapot maakt. Hij wil niet dat Trump Europa aanvalt. Hij wil niet dat Trump importheffingen doorvoert. Dus, Rutte maakt een deal met Trump over Groenland. Wij zijn blij. Wij denken dat wij Trump hebben afgetroefd. Wij denken dat wij een goede deal hebben. Maar dat is niet waar. Trump heeft wat hij wil. Hij heeft de grondstoffen. En wij zijn blij. Dat is Trumps manier van zaken doen. Dat is Trumps 'art of the deal'. Dank je wel voor je aandacht vandaag. Laten we morgen samen blijven groeien in onze Nederlandse vaardigheden. Tot dan!