Hallo daar! Ik ben Rick van Dutch Fluency, klaar om samen op een warme, vriendelijke manier het Nederlands op A1 niveau te ontdekken. Er is een man. De man heet Jan. Jan heeft een huis. In het huis heeft Jan een kamer. In de kamer heeft Jan een plant. De plant heet Salvia. Jan is een goede man. Hij drinkt geen alcohol. Hij rookt geen sigaretten. Maar Jan rookt de Salvia plant. De Salvia plant is niet slecht. De Salvia plant is legaal. Jan rookt de Salvia plant. Hij rookt de plant in zijn huis. Hij rookt de plant in de kamer. Na het roken gaat Jan slapen. Jan droomt. Hij droomt van een kasteel. Het kasteel is groot. Het kasteel is oud. Het kasteel is magisch. In het kasteel woont Jan. Jan woont in het kasteel voor vijftien jaar. Jan heeft een vrouw. Jan heeft kinderen. Jan is gelukkig. In het kasteel gaat Jan werken. Hij gaat jagen. Er zijn weerwolven in het dorp. Jan is niet bang. Jan gaat jagen op de weerwolven. Dan wordt Jan wakker. Hij is in zijn huis. Hij is in zijn kamer. De Salvia plant is er. Jan is verbaasd. Hij wil terug naar het kasteel. Hij wil zijn vrouw zien. Hij wil zijn kinderen zien. Jan is een andere man nu. Hij is niet dezelfde man. Hij is een betere man. Hij is gelukkig. Hij rookt de Salvia plant nog steeds. Maar hij gaat niet meer naar het kasteel. Jan is een goede man. Hij is een sterke man. Hij is een gelukkige man. Jan rookt de Salvia plant. De Salvia plant is goed. De Salvia plant is legaal. Jan is blij. Dank je wel voor je aandacht vandaag. Morgen komen we weer samen voor nog meer Nederlandse avonturen, tot dan!