Hallo daar, ik ben Rick van Dutch Fluency, klaar om samen op een warme en begripvolle wijze de Nederlandse taal te ontdekken op A1 niveau. Er is een man. De man heet Jan. Jan is op zijn werk. Hij werkt met de computer. Hij vindt zijn werk goed. Jan heeft een idee. Hij gaat op het internet. Hij gaat naar TikTok. Op TikTok ziet hij een video. In de video is een vrouw. De vrouw heeft een bestand. Het bestand is een pdf. Het is van Epstein. De vrouw zegt: "Ik kan de zwarte tekst lezen." Jan is verrast. Hij denkt: "Hoe kan zij dat doen?" De vrouw zegt: "Ik kopieer en plak de tekst." Jan denkt: "Dat is een goed idee." Hij downloadt het bestand. Het bestand is groot. Het heeft meer dan 900 pagina's. Jan begint te lezen. Hij kopieert en plakt de tekst. Hij kan de zwarte tekst lezen. Jan is blij. Hij denkt: "Ik heb iets belangrijks gevonden." Hij maakt een foto. Hij stuurt de foto naar zijn vrienden. Zijn vrienden zijn ook verrast. Ze zeggen: "Goed werk, Jan!" Jan is trots. Hij heeft iets belangrijks ontdekt. De volgende dag gaat Jan weer naar zijn werk. Hij vertelt zijn collega's over de pdf. Zijn collega's zijn ook verrast. Ze zeggen: "Dat is een goed idee, Jan!" Ze gaan ook de pdf lezen. Ze kopieren en plakken de tekst. Ze kunnen ook de zwarte tekst lezen. In de buurt praten mensen over Jan. Ze zeggen: "Jan heeft iets belangrijks gevonden." Ze zijn trots op Jan. Jan is een held in de buurt. Hij heeft de zwarte tekst uit de pdf van Epstein gelezen. Jan gaat naar huis. Hij is moe maar blij. Hij denkt: "Ik heb goed werk gedaan." Hij drinkt een kopje thee. Hij kijkt naar de foto van de pdf. Hij denkt: "Ik heb iets belangrijks gedaan." Jan is trots. Hij heeft de zwarte tekst uit de pdf van Epstein gelezen. Het was weer een fijne dag vol Nederlands leren. Morgen staan we samen weer klaar voor de volgende stap, tot dan!