Naobercast, dé Achterhoek podcast!

Hier gaat het over het echte kloppende hart van de Achterhoek: kermissen, schuttersfeesten en volksfeesten. Robbert, Frans en Judith leggen uit hoe deze feesten zijn ontstaan uit oude jaarmarkten en kerkelijke kermissen en waarom elk dorp z’n eigen tradities koestert. Ze lopen langs plekken als Keijenborg, ’s-Heerenberg, Beltrum, Varsseveld, Aalten, Eibergen en Winterswijk, waar inwoners hun vakantie om “hun” feest heen plannen en vrijwilligers het hele jaar in touw zijn. Het resultaat: een zomer vol optochten, tentfeesten, schieten, kermis, muziek en vooral ontmoeting – naoberschap in de praktijk, door het drietal fileerbaar gemaakt met genoeg anekdotes en droge humor.

Creators and Guests

Host
Frans Miggelbrink
Host
Robbert Hummelink
Guest
Judith Ratering
Redacteur Naobercast

What is Naobercast, dé Achterhoek podcast!?

Dé podcast voor en over de Achterhoek en de actualiteiten van de afgelopen week! De krant lees je zelf wel. Voor de lach kom je hier. Robbert Hummelink en Frans Miggelbrink zetten elke vrijdag samen met een gast de Achterhoekse week op scherp met droge humor, scherpe observaties en verhalen die je herkent. In 30–45 minuten hoor je wat er speelt, waarom iedereen erover praat en wat jij er morgen aan de borreltafel mee kunt. Perfect voor woon-werk, sporten of de vrijdagmiddag(borrel). Elke vrijdag nieuw op alle podcastplatformen. Opgenomen bij Streeckgenoot in Doetinchem. Abonneer je nu en zet ’m klaar voor je vrijdag!

[B: 00:34.3]
Welkom bij alweer de tweeëndertigste af. Ik wou eenendertigste zeggen. Tweeëndertigste aflevering van NobbeCast, de zomereditie. We kijken iedere week een weekje vooruit naar wat er te doen is. En deze week, vandaag is 14 augustus, kijken we naar deze week tot en met 21 augustus.

[B: 00:51.3]
En dat is de week van Frans Miggelbrink, de volksfeesten.

[C: 00:58.0]
Ja, ik wou zeggen ja, de kermis.

[B: 01:00.8]
Nee, nee. En we hebben onze redactie er weer bij staan. Hallo Judith, Hallo. Ja, we zijn weer begonnen.

[C: 01:07.2]
We zijn begonnen.

[B: 01:08.0]
Het is tijd. Ik ben net terug van vakantie als u dit hoort.

[C: 01:11.5]
Ja, en ik heb het erop zitten.

[B: 01:13.2]
Je hebt het erop zitten.

[C: 01:14.3]
Ja, ik heb tweeëndertig jaar gewerkt op theaterfestival Boulevard in 's-Hertogenbosch. En ik heb afscheid genomen.

[B: 01:22.8]
Ja. Moest je huilen?

[C: 01:24.8]
Nou ja, tweeëndertig jaar. Kom op. Dat is dat is een eindje.

[B: 01:28.4]
Ja, dat is heel lang.

[C: 01:29.1]
In '94 begonnen.

[B: 01:30.3]
Hoe ben je daar terechtgekomen dan?

[C: 01:31.8]
Ja, via iemand die ik kende en die zei: Kom, ze moeten daar op dat festival moet iets leuks gebeuren. En toen ben ik meegegaan en blijven hangen.

[B: 01:39.8]
Aha.

[C: 01:40.6]
Ja. En tweeëndertig jaar. Ja. Frits van der Bussen. Hier in Den Bosch. En het mooiste was ooit was er een carnavalsoptocht. We hadden net Rombouts. Er was een burgemeester van Den Bosch afscheid genomen. En toen? Wie moest de nieuwe burgemeester worden? liep er in de carnavalsoptocht een groot bord mee en er stonden vier mogelijke kandidaten voor de nieuwe functie.

[C: 02:03.2]
En een van die vier was Frits van den Bussche.

[B: 02:05.8]
O ja, het is toch anders gelopen in je leven.

[C: 02:08.8]
Ja.

[A: 02:08.9]
Het is ook grappig, want als jij rond Den Bosch rondloopt, spreekt iedereen aan met Frits.

[C: 02:13.3]
Ja.

[B: 02:13.9]
Ja. Is dat zo?

[C: 02:14.7]
Frits van der.

[B: 02:15.4]
Frits? Ja. O.

[C: 02:18.0]
En ik luister ook naar.

[B: 02:19.4]
We gaan daar een keertje naar toe. Met z'n tweeën gaan we daar de podcast opnemen.

[C: 02:23.1]
Ja, nou, dat is zeker leuk. Maar wat ik nu vooral. Ook komend jaar ga ik er weer naar toe. En dan kan ik eindelijk eens een keer gewoon een biertje drinken daar. Want ik moest altijd werken.

[B: 02:32.5]
Ja. Heb jij de Zwarte Cross al wel eens vrij ervaren?

[C: 02:37.6]
Nee.

[B: 02:38.1]
Ook niet.

[C: 02:38.6]
Nee.

[B: 02:39.2]
Wordt ook een keer tijd dan.

[C: 02:40.3]
Ja, maar meestal op zondagavond. Dan weet je wel. Ik werk dan alle dagen en de zondagavond. Ik rij dan ook, want ik drink eigenlijk. Tijdens al die dagen drink ik niet, anders hou ik het helemaal niet vol. En die laatste avond dan, ja dan. Dan word ik naar huis gebracht.

[B: 02:55.7]
Ja, dan drink je wel een pilsje.

[C: 02:57.2]
Dan een paar biertjes gaan er wel in.

[B: 02:58.9]
Twee, drie.

[C: 03:00.8]
Vier, acht. Maak het gek.

[B: 03:03.6]
We gaan het hebben over de volksfeesten. Van Zelhem tot Ulft, naar Aalten, Eibergen, Winterswijk, Netterden, Almen, 's-Heerenberg, Keijenborg, Zieuwent, Zelhem en nog een heleboel. Ja, want het is wel de volksfeesten tijd hè, in de Achterhoek?

[C: 03:16.7]
Ja.

[A: 03:17.0]
Leuk!

[B: 03:17.5]
Heel veel volk.

[C: 03:18.5]
Ben jij een kermisvierder?

[B: 03:20.1]
Zeker niet.

[C: 03:21.4]
Zeker niet.

[B: 03:21.9]
Nee.

[C: 03:22.7]
Ik ken het ook helemaal niet.

[B: 03:23.8]
Nee, ik ben daar ook niet mee opgegroeid. Ik ben in Doetinchem opgegroeid en in Doetinchem hebben wij niet de kermis zoals de kermis bedoeld is, zeg maar in de Achterhoek.

[A: 03:33.1]
Maar dat is wel echt. Als je iemand uit de Achterhoek uit Doetinchem tegenkomt, is dat wel een iets andere Achterhoeker dan. Ja, de Achterhoek.

[B: 03:41.1]
Ja, ja, wij zijn veel minder leuk.

[C: 03:43.6]
Nou, los daarvan, maar het stedelijke aspect.

[A: 03:47.2]
Ja, snap.

[C: 03:48.1]
Slaat terug op de Doetinchem.

[B: 03:50.2]
Ja, ja.

[C: 03:51.0]
En er zit een wereld van verschil. Of je nu in de dorpen rondom Doetinchem, of je daar bent of dat je in Doetinchem bent.

[B: 03:58.5]
Ja, dat geloof ik ook wel. Ja, ik. Ik ben in Baak geboren en daar hebben ze nog wel altijd de kermis. De kermis inderdaad. Maar eigenlijk in ieder dorp volgens mij in de Achterhoek is wel een kermis te vinden. Of een volksfeest.

[C: 04:11.0]
En kijk, je hebt normaal heb je de jaargetijden zomer, winter, herfst en lente. En de Achterhoek heeft eigenlijk maar drie.

[B: 04:19.0]
Luistert u, kinderen?

[C: 04:21.0]
Hoezo?

[B: 04:21.5]
Vier jaargetijden?

[C: 04:22.6]
Nee, maar de Achterhoek heeft maar drie jaargetijden. O ja, het is kermis. Het was kermis. Of de kermis is nu.

[B: 04:29.4]
O ja.

[C: 04:30.1]
Dus nee. Maar hier in de Achterhoek leeft. Ja, dat weet jij dan niet. Maar in de Achterhoek leeft voor zo'n kermis. Daar spaart men. Sparen mensen voor het hele jaar om kermis te kunnen vieren. Vroeger had je in alle cafés in die dorpen de spaarkas.

[C: 04:46.8]
En dan was er een groen kastje met allemaal gleufjes erin. Iedereen had zijn eigen hokje en daar duwde je dan geld in en dan moest je minimaal vijf gulden per week. Ik noem maar wat sparen voor de kermis. En dan was altijd de donderdag voor de kermis of de woensdag voor de kermis.

[C: 05:03.3]
Uitbetaling van de spaarkas. Echt. En dan zat het hele café bomvol. Bomvol. En het leuke was er werd gespaard voor de kermis en meestal was na de eerste avond spaarkas geld alweer op.

[B: 05:13.8]
Maar nee, dit ken ik echt niet.

[C: 05:15.4]
Ja, nee. Nou ja, maar dat. Maar dit is al zo'n voorbeeld. En zo zijn er echt talloze tradities. En ja, ik bedoel, ja, noem ze maar op. Er zijn er zoveel in de Achterhoek die te maken hebben met de kermis.

[B: 05:29.6]
Ja, en we gaan ze eventjes langs, want we hebben in. Het zijn er echt een heleboel.

[A: 05:35.1]
Er zijn er natuurlijk ook al heel veel geweest.

[B: 05:36.5]
Ja, er zijn er al een heleboel geweest, maar er komt ook nog wat aan. We zitten aan het einde van het seizoen zeg maar. Maar het begint altijd in Keijenborg, 's-Heerenberg en Almen. Zeker, daar beginnen de kermis feesten altijd.

[B: 05:53.8]
Dat heet dan ook gewoon de kermis of het schuttersfeest. Of in Almen het Almens feest. Dan gaan we door naar Netterden, Meddo en Lochuizen. Dat is dan de week daarna. Daarna komt Zeddam. Van drie tot en met 6 juli zitten we dan inmiddels. Dan volgende week daarop Zieuwent, Ulft, Zelhem, Zieuwent nog een keer.

[B: 06:15.6]
Twee keer Zieuwent. Maar Zieuwent, Ulft, Zelhem. De week daarna. Dan komt Beltrum, Dinxperlo, Lichtenvoorde en die volgorde ook Groenlo, Varsseveld. En we zitten inmiddels, want het is vandaag 14 augustus. We gaan nu naar naar voren kijken.

[A: 06:30.9]
Dan begint de Varsseveldse kermis.

[B: 06:32.7]
Inderdaad ja.

[C: 06:33.8]
Maar de de de kermis, alle kermissen staat er natuurlijk niet in, in dit lijstje. En dat is natuurlijk mijn kermis en dat is Terborg.

[A: 06:40.9]
Ja, maar die komt pas oktober.

[C: 06:42.1]
Ja, ja, ja, oké, maar ik wil hem toch even noemen.

[B: 06:44.2]
Ja joh. Is dat zo laat?

[A: 06:45.6]
Ja.

[C: 06:46.0]
Ja, dat is een beetje de laatste kermis. Daarna heb je geloof ik Stokkum nog en dan is het afgelopen.

[B: 06:50.0]
Oké. Ja, ik wist niet dat dat zo laat Is dat bij meer los van Stokkum? Ja. Ja. Meer dorpen zo laat.

[C: 06:57.4]
Ja, ieder. Iedereen weet. Kijk, ik bedoel als je mij aanspreekt en zegt wanneer is je kermis? Eerste zondag in oktober? Ja, dat is de kermis en dat weet ook iedereen. Ook als je bezig bent met je agenda wanneer je weer wat doen. Eerste zondag in oktober.

[C: 07:12.8]
Dan plan je helemaal niks dus. En elk dorp heeft zijn eigen tradities. Een van de leukste tradities die ik nu ken Winterswijk, die zat er ook bij geloof ik. Heb je 27 tot en met 30 augustus de rotonde. Ken je de rotonde van Winterswijk?

[B: 07:26.0]
Ja, je weet waar ik bij de politie heb gewerkt, hè?

[C: 07:28.2]
O ja, natuurlijk, Maar dan ken jij de rotonde natuurlijk ook.

[B: 07:30.6]
Zeker het roeien.

[C: 07:31.8]
Het roeien op de rotonde. Ken jij het roeien?

[A: 07:34.4]
Ja, zeker.

[B: 07:35.5]
Leg me nou nog eens even uit wat dat voor een gekkigheid is.

[A: 07:38.6]
Weet je wat grappig is? Mijn vriend werkt nu dus ook bij de politie in Winterswijk, maar die komt dus uit de richting van Arnhem. Dus hij moest dus vorig jaar voor het eerst werken in Winterswijk.

[C: 07:49.3]
Met de kermis.

[A: 07:49.9]
En hij kwam thuis. Nou, wat ik nou heb gezien.

[B: 07:52.4]
Zitten ze gewoon op de rotonde.

[A: 07:54.1]
De rotonde te roeien.

[B: 07:55.6]
Ja, ja, ieder jaar.

[C: 07:57.1]
En hoeveel mensen zitten daar?

[B: 07:59.1]
Honderden.

[A: 07:59.7]
Heel veel.

[C: 08:00.4]
Honderden. En die zitten daar ook niet even.

[B: 08:02.3]
Maar je kunt daar ook echt dus niet langs met de auto. Nee, het is volgens mij sinds twee of drie jaar. Ook wordt het gewoon afgesloten met hekken, want anders gaan ze er toch wel zitten. Ja, maar dat dat is ieder jaar inderdaad vaste prik aan het einde van de avond.

[C: 08:17.2]
Maar nu kennen wij dit omdat de filmpjes van vroeger kenden we al die gebruiken uit Winterswijk en al die dit kenden we niet. Nu door filmpjes op TikTok of waar dan ook, komen we ze tegen. Maar elk dorp heeft wel van die gekkigheid.

[B: 08:30.4]
Wat is in Terborg de gekkigheid?

[C: 08:32.8]
Frans.

[B: 08:34.3]
Ja, Frans zelf. Een wandelende gekkigheid.

[C: 08:37.4]
Nee, maar de grootste gekkigheid wat ik altijd vind. Ik doe nou het vogelschieten, maar dat heeft elk dorp eigenlijk wel. Het vogelschieten is ja.

[B: 08:45.1]
Ja, maar dat is toch geen gekkigheid?

[A: 08:46.9]
Jij probeert wel echt al jaren koning te worden. Ja, het lukt niet.

[C: 08:51.4]
Nee, het lukt niet.

[A: 08:52.7]
Iedereen om me heen wel.

[C: 08:53.7]
Ik was denk zestien toen ik voor eerste keer mee mocht doen. Nou, dat is nu 52 jaar geleden. Ja, nooit gelukt. Ach jongen. Wel vrienden van me.

[B: 09:02.5]
Niet leuk.

[C: 09:03.3]
Nee, dat is zeker niet leuk, want die elke kermis zeggen ze weer Ja, jij nog niet, hè? Nog nooit, hè?

[B: 09:08.3]
Ja. Precies.

[C: 09:10.2]
Nee. Varsseveld een gekkigheid bijvoorbeeld. In Terborg kan ik niet zo gauw op een gekkigheid komen.

[A: 09:14.4]
ik vind dat Terborg best wel meevalt.

[C: 09:15.9]
Ja, wat ik wel. Wat ik wel leuk vind, is dat we weer vrijdagavond beginnen we altijd met de met de lampionnenoptocht voor de kinderen. Maar we hebben een beetje vergrijzing in de harmonie, dus we hebben nu de platte wagen voor de harmonie.

[B: 09:32.9]
Maar hoeveel jaar heb je nog nodig om koning te worden?

[C: 09:35.4]
Ja, dit jaar gaan we koning worden. Ja. Ja, tuurlijk. Elk jaar weer.

[A: 09:39.9]
Probeert hij het toch weer.

[C: 09:41.8]
Ja. Maar ik sprak. We hebben Tijn Speking hier gehad. Die sprak ik. Die doet die vierde altijd kermis in Toldijk. En die zegt Ja, elk jaar als we daar toch weer met z'n allen onder die schaft staan. Hoe heet dat? Als we daar dan staan om te gaan schieten, dan zijn we zenuwachtig. Ik bedoel, het zijn jongens die overal komen overal allerlei dingen doen.

[C: 10:00.9]
Onder die als je schiet voor het vogelschieten Koningschap, ja, dan ben je zenuwachtig. Is de hoogste eer die je behalen kunt koning worden in je eigen dorp.

[B: 10:09.6]
En het is je nog nooit gelukt.

[C: 10:11.0]
Nee. Ja, het is mislukt. Leven wou je zeggen.

[B: 10:14.0]
Nee. Ja. Je leven is gewoon nog niet voltooid volgens mij. Als je niet een keertje koning bent geworden. Of koningin.

[C: 10:20.4]
Wel fladder koning, maar daar ken je ook koning. Ja, dat ken je niet. Die hebben altijd het vogelschieten.

[B: 10:26.0]
Jij kent het wel.

[A: 10:27.2]
Ja. Ja. O, ja. Ja. Ja.

[C: 10:29.6]
Je hebt vogelschieten. Dat is dat is echt mazzel. Een beetje. Ja. Ja. Waar je zit en wanneer het blok hout gespleten wordt.

[A: 10:35.1]
Je hebt wel goed geschoten voor je.

[C: 10:36.7]
Precies. Maar vlinders schieten is echt. Dan moet je op een klein rondje schieten.

[B: 10:40.2]
Om je eigen kunde.

[C: 10:41.6]
Ja, precies. En daar ben ik wel eens eerste geworden. Hallo.

[A: 10:44.4]
Ja, kijk. Dat is eigenlijk dan knapper, toch?

[B: 10:46.7]
Dat is dan eigenlijk inderdaad knapper dan dat je koning wordt.

[A: 10:50.0]
Nou ja, mocht je dus voordat je dadelijk niet meer bent nog nooit koning zijn geworden, dan benoemen we dit wel.

[B: 10:57.2]
Ja, oké.

[A: 10:57.9]
Maar hij was wel fladder koning.

[B: 10:59.4]
Ja. We nemen vandaag afscheid van Frans de fladder.

[C: 11:04.3]
De fladder koning. Ik zag trouwens een bord. Wim T. Schippers is een tijdje terug overleden en de advertentie in de Stichting Wim T. Schippers. Ik vond hem magistraal.

[B: 11:17.8]
Ik heb hem gezien.

[C: 11:18.8]
Ja, en daar stond dood. Niets meer aan te doen. Wim T. Schippers. Datum van geboorte en van overlijden. Nou, magistraal. Helemaal goed.

[B: 11:29.8]
Wij zijn alweer bijna aan het einde gekomen van al deze zomeredities. We hebben deze aflevering nog.

[C: 11:38.8]
En volgende week gaan we dan nog.

[B: 11:39.9]
Alleen volgende week nog. En dan zijn we alweer terug van vakantie. Ja. Dan is het gedaan met de pret.

[C: 11:46.4]
Dan gaan we weer aan werk. Nou leuk! Ik vond de redactie doet het geweldig.

[B: 11:51.1]
Ja, de redactie doet.

[A: 11:52.6]
Dank, dank, dank.

[B: 11:53.4]
We gaan volgende aflevering eventjes klappen.

[C: 11:57.0]
Ja, nu absoluut niet.

[B: 11:58.3]
Nee, nee, zeker niet. Tot volgende week.

[A: 12:01.4]
Toch?

[B: 12:01.6]
volgende week.

[C: 12:02.0]
Redactie Bedankt. Dag.