Welkom bij Rust in je Hoofd, de podcast van Meditation Moments. In deze podcast spreekt Michael Pilarczyk met bekende gasten en toonaangevende experts over mentale gezondheid, zingeving, meditatie, persoonlijke ontwikkeling en…. het leven zelf.
Wat betekent zelfliefde dan eigenlijk?
Net als het woorden liefde of geluk.
Ik bedoel, wat geluk voor jou is, hoeft
niet het geluk voor mij te betekenen.
Dus het is een containerbegrip als je niet
weet wat dat voor jou is.
Heel veel mensen die dus bij mij komen
op het spreekuur, die komen helemaal niet voor
de klacht waarvoor ze komen.
Die klacht is alleen maar een symptoom van
iets anders, namelijk van iets wat niet werkt
in hun leven.
Dat ze in de verkeerde baan zitten of
in een krampachtige relatie of andere verkeerde keuzes
maken.
Ja, mensen vinden me altijd confronterend, maar dat
heb ik wel uit mijn huisartsgeneeskunde ook geleerd.
Een soort onbegrensde nieuwsgierigheid.
En als huisarts, ja, je kan alles aan
iemand vragen en iemand geeft al antwoord.
Ik wil weten wie er tegenover me zit,
alsof ik er in kruip.
En ja, dan hou ik zo een spiegel
voor.
En die is vaak confronterend.
Niet omdat ik uit ben op confrontaties, maar
omdat de realiteit confronterend is.
Jurian Galavazi werkte ruim 15 jaar als huisarts.
Als dokter maakte hij lange werkdagen.
En ondanks zijn gezonde leefstijl was er weinig
ruimte voor rust of reflectie.
En dat resulteerde in een zware burn-out.
Hij transformeerde zijn huisartsenpraktijk naar een holistische werkwijze.
En sindsdien is hij bekend als Dokter Jurian.
Hij schreef inmiddels een aantal behulpzame boeken en
deelt zijn kennis en wijsheid in groepsessies.
Hij ziet het lichaam als een thermometer en
een kompas.
Ons lichaam liegt nooit en kan ons veel
vertellen als we goed luisteren.
Voldoende gesprekstof voor een nieuwe Rust In Je
Hoofd podcast.
Vandaag met Dokter Jurian.
Dokter Jurian, fijn dat je er bent.
Welkom.
Fijn om er te zijn.
Wat zijn de meest wijze lessen die je
de afgelopen jaren zelf hebt geleerd?
Langzaam, langzaam.
Dat is één van de eerste.
Langzaam stap voor stap de tijd nemen.
Mild zijn voor mezelf.
Niet pushen, doorzetten, volhouden.
Maar ik ben een mens, dus ik doe
domme dingen en neem verkeerde afslagen.
Daar mild naar zijn, maar wel meedogenloos bij
sturen.
Dat ik nooit iedereen tevreden ga stellen in
mijn leven.
Dat als ik aan het eind van mijn
leven sta, dat ik in ieder geval terug
kan kijken op mijn leven en tegen mezelf
kan zeggen ik ben in ieder geval trouwgebleven
aan één persoon in mijn leven.
En dat is al een hele klus om
dat te realiseren.
En dat ik keuzes wil maken vanuit de
verlangen en niet vanuit angst om iets te
verliezen.
Jouw wijze lessen van de laatste jaren.
Wist je dit niet toen je, laten we
zeggen, een jaar of dertig was?
Sterker nog, ik was er helemaal niet meer
bezig.
Ik was alleen maar bezig met het doel
van, oké, weet je, wat wil je?
En hoe vaak zeggen we dat niet tegen
onze eigen kinderen van wat wil je later
worden?
En het werd ook aan mij gevraagd met
het idee als ik dat word, dan ga
ik me op een bepaalde manier voelen.
En als ik me op een bepaalde manier
voel, dan ben ik gelukkig of dan ben
ik vrij of dan ben ik succesvol of
whatever.
Totdat ik me realiseerde dat het daar dus
helemaal niet in zit.
Het gaat niet over wat, maar hoe wil
ik me eigenlijk voelen?
Wat wil ik ervaren?
Dus wijsheid komt toch met de jaren.
Het is gewoon zo, maar het komt vooral
door de ervaring natuurlijk.
Het heeft te maken met bewustwording.
Het is wat je zegt, je bent je
bewust geworden van heel veel dingen door dingen
die je hebt meegemaakt.
Je was huisarts.
Een jaar of vijftien had je die praktijk
overgenomen van jouw vader?
Zeker.
Ik had altijd gezegd, ik ga alles worden
in mijn leven, behalve dokter.
Vanwege het feit dat mijn vader huisarts was,
ik zag hoe dat ongeveer ging.
Hoe ging dat dan?
24-7 was hij huisarts, altijd klaar voor
zijn patiënten.
En daar was hij ongelooflijk goed in.
Maar voor alle keuzes die we maken in
het leven betalen we een prijs.
En de prijs die hij of wij betaald
hebben, is dat hij daar niet of nauwelijks
echt aanwezig was.
Voor het gezin, voor jou.
Ja, ik heb het niet eens zo ervaren.
Pas later, toen ik zo rond mijn veertigste
in een burn-out, in een depressie koekelde,
toen realiseerde ik me pas van, oké, dat
is eigenlijk droevig zoals het gegaan is.
En niet dat hij daar een verkeerde beslissing
in...
Ik bedoel, het gaat zo, niemand is daar
schuldig.
En tegelijkertijd betaal je toch een prijs.
En toch wees jij dus de huisarts.
Ja, nou, ik heb er wel nog wel
heel wat tegen gestribbeld.
Ik wist het niet.
En de dekane op school zei van, nou
weet je, is architectuur niet iets voor jou?
Nou, ik vond het leuk om te tekenen.
Dat leek me wel wat.
Oké, bouwkunde.
Toen zeiden ze van, nou is het beter
om werktuigbouwkunde te doen, want dan kan je
nog meer kant op.
Ja, dan doen we dat.
Maar na een maand, twee maanden, toen ik
werd daar echt dood ongelukkig, dus ik kwam
thuis en mijn moeder zat ergens op het
terras van zomer en ik vertelde dat van,
joh, volgens mij gaat dit het niet worden.
En toen zei zij van, nou, dan moet
je stoppen.
Dus ik stopte en moet wel een plan
B hebben.
Nou, die had ik al, want ik wilde
al heel lang eigenlijk naar de sportacademie.
Dus toen ben ik naar de sportacademie gegaan.
En halverwege de sportacademie, zei een Turin-leraar,
die zei tegen mij, joh, wat doe je
hier eigenlijk?
En ik had het daar onwijs naar mijn
zin, maar het was, zeg maar, er was
qua kennis en zo, er zat er meer
in dan alleen maar dat te doen.
Dus dat triggerde me zo en ik dacht
van, oké, wat ga ik dan doen?
Bewegingswetenschappen?
Maar dat was een beetje te theoretisch.
Fysiotherapie?
Nou, dat was het ook niet helemaal, dus
toen ging het zo langzaam richting geneeskunde.
Dus uiteindelijk besloot ik om sportgeneeskunde te gaan
doen.
Nou, dan moet je eerst de hele rit
van geneeskunde.
En gaandeweg realiseerde ik me van, ja, weet
je, ik vind de afwisseling wel fijn.
Wel niet binnen de vier muren van het
ziekenhuis.
Sportgeneeskunde is ook een beetje eenzijdig.
Nou, misschien dan toch de huisartsgeneeskunde.
En ja, het is een prachtig vak, weet
je, het is van jong tot oud.
Je komt er alles tegen en het gaf
me heel veel vrijheid.
Dus vanaf het allereerste begin heb ik eigenlijk
meteen twee, drie dagen in de week sportgeneeskunde
gedaan.
En daarnaast de huisartsenpraktijk.
De praktijk van mijn vader ingestapt.
En na drie jaar hebben we het omgedraaid.
Heb ik de praktijk overgenomen.
Heeft hij nog heel lang met en bij
mij gewerkt.
En ja, zo is het gegaan.
Je bent lang huisarts geweest.
Ja.
En dan zie je veel.
Wat zijn veel voorkomende dingen waar mensen dan
mee komen?
Ja, in het begin, mijn focus is veranderd.
In het begin komen mensen bij me met
allerlei klachten.
Ik vind het gaaf en ook een beetje
trots en hoogmoedig.
Dat jij het kan oplossen.
Dat je het kan oplossen, natuurlijk.
Je wil mensen zo snel mogelijk helpen.
Dus het is allemaal parate kennis en recepten
voorschrijven.
Het is toch gaaf, weet je.
Je zit achter een bureau, mensen komen binnen
en jij helpt ze.
Maar wat ik zeg, ik hou ook van
afwisseling.
Dus ik vond de chirurgie gaaf.
Ik deed sterilisatie bij mannen, hooglidcorrecties en sportgeneeskunde
trok me nog steeds.
Maar ja, ook bij mij zaten er natuurlijk
maar 24 uur in de dag.
Dus op een gegeven moment werden zo langzaam
aan alle poten onder me vandaan gezaagd.
Thuis ging het niet zoals ik het graag
zou willen.
En toen krukkelde ik die burn-out in
en fikste depressie en daar realiseerde ik me
opeens van oké, hier gaat de normale geneeskunde
me niet helpen.
Ik heb hier ergens het lijntje bij mijn
gevoel weer te herstellen, want ik was daar
echt mijlenver vandaan gedreven.
En toen heb ik werkelijk alles gedaan wat
je maar kan bedenken op het gebied van
coaching, persoonlijke ontwikkeling, andere vormen van therapieën, coaching.
En gedurende dat proces realiseerde ik me opeens
van oké, heel veel mensen die dus bij
mij komen op het spreekuur, die komen helemaal
niet voor de klacht waarvoor ze komen.
Die klacht is alleen maar een symptoom van
iets anders, namelijk van iets wat er niet
werkt in hun leven.
Dat ze in de verkeerde baan zitten of
in een krampachtige relatie of andere verkeerde keuzes
maken.
En toen ging ik een andere vraag stellen
die soms super onredelijk was, maar oké stel
nou, stel nou dat deze klacht er is
voor jou, wat komt het je dan eigenlijk
brengen?
Wat zou je mogen veranderen in jouw leven?
Dus waar zeg je nog steeds ja, terwijl
je beter nee zou kunnen zeggen of andersom?
En toen bleek dus dat iedereen eigenlijk feilloos
weet wat hij of zij zou moeten veranderen.
Maar dat datgene wat ze eigenlijk moeten veranderen
precies hetzelfde is als waar ze al hun
stabiliteit en zekerheden op hebben opgebouwd.
Dus op het moment dat ze daaraan gaan
denken om daar iets te veranderen, komt er
iets anders in actie en dat is het
deel dat zegt van wow, no way, dat
ga ik niet doen.
En daar ben ik eigenlijk nieuwsgierig naar geworden
van oké, hoe kan ik mensen nou zeg
lang mogelijk houden op die ongemakkelijke plek, zodat
ze zelf dat onderzoek kunnen doen en kijken
van oké, stel nou dat dit er is
voor mij, wat zou ik dan mogen veranderen
in mijn leven en hoe kan ik daar
dus stappen en beslissingen nemen die daadwerkelijk goed
zijn voor mij?
En wow, dat was een hele klus voor
mij, want ik realiseerde me in dat hele
pad van verandering, realiseerde ik me dus nadat
ik dat tien jaar zo'n beetje had
gedaan, dat ik dus eigenlijk dat ik continu
aan iemand vroeg om te veranderen, maar dat
ik zelf eigenlijk ook doodsbang was om de
veranderingen te maken die noodzakelijk waren.
Dus tegen iemand zeggen dat iemand goed voor
zichzelf moet zorgen, is eigenlijk een zinloze advies
als je iemand niet ook begeleidt in de
diepe angsten waar je iemand dan mee geconfronteerd
wordt.
Dus daar ben ik me meer op gaan
richten om te kijken hoe kan ik mensen
nou zodanig begeleiden en dat ze voelen van
dit is de weg die ik heb te
belopen, maar dat vind ik spannend en ook
mag ik dat spannend vinden.
Het is wel opmerkelijk, jij studeert dan geneeskunde,
je wordt arts, je wordt huisarts en dan
kom je zelf in de ongeveer diepste burn
-out terecht.
Ik las dat je paniekaanvallen had, angsten en
dat je je volledig gekwijt was eigenlijk.
Ja.
En ik merk, veel mensen die ons werk
doen hebben dat allemaal doorstaan, die zijn allemaal
in een soort diep dal gekomen.
Dat was een transformatiemoment, daarna ben je wat
anders gaan doen, net zoals ik.
De laatste jaren kom ik veel in ziekenhuizen,
ik spreek geregeld artsen die ook zeggen ja
ik zit echt tot aan mijn limit, ik
trek dit niet langer of artsen die zeggen
nou ik zit al eigenlijk in mijn burn
-out, maar ik moet wel doorgaan.
Dus veel mensen die ervoor gestudeerd hebben, dokter
zijn, eigenlijk ons zouden moeten helpen, wat jij
ook heel lang gedaan hebt, die lopen toch
zelf vast.
Hoe kan dat nou?
Want je zou toch denken, dat weet jij
als dokter.
Maar die valkuil kan je niet inlopen.
Er zijn als mensen, ik maak het even
heel zwart-wit, maar soms helpt het om
de dingen even zwart-wit te maken, maar
over het algemeen is het zo dat als
je kijkt naar mannen en vrouwen, dan zijn
het de vrouwen die vaak over hun grens
heen gaan, omdat ze heel graag voor anderen
willen zorgen.
Dus ze hebben zoiets van als ik er
nou voor zorg dat iedereen om me heen
het naar hun zin heeft, dan kan ik
rusten en ontspannen.
En ergens nemen we daar dan te veel
trots en te veel verantwoordelijkheden en eigenlijk te
veel hoogmoed op onze schouders.
En het spreekwoord is er niet voor niks,
dus hoogmoed komt voor de val.
Dus als we dat maar lang genoeg doen
en we zorgen vanuit de allerbeste intentie, continu
voor iemand anders en vergeten daarbij onszelf, dan
vroeg of laat dan klopt het leven bij
je op de deur.
En bij mannen is het over het algemeen
zo, dat die dat vooral doen vanuit willen
presteren, iets zo goed mogelijk willen doen, perfectionisme,
laten zien dat ze het kunnen en ook
daar dan komt trots en hoogmoed voorbij.
En als je te veel trots op je
schouders neemt, dan wordt het soms te zwaar
om te dragen.
En wat mij is opgevallen, is dat mensen
die in de gezondheidszorg werken, die hebben het
allebei.
Die willen en heel graag zorgen voor een
ander vanuit de allerbeste intentie.
En tegelijkertijd willen ze dat ook zo goed
mogelijk doen.
Dat moet ook, want ze worden afgerekend op
hun kennis en hun kunde.
Ja, als je dat maar lang genoeg volhoudt,
dan op een gegeven moment, dan knapt het
helistiekje.
Ik zie bijvoorbeeld in het ziekenhuis dat de
werkdruk echt wel heel hoog is bij de
verpleging.
Dus ik begrijp ook wel dat je het
op een gegeven moment niet meer kan, terwijl
je wilt blijven helpen, want je bent dienstbaar
en daarom doe je dat vak.
Maar jij had een voorbeeld, wat je net
zei, van een vader die eigenlijk 24-7
aan het werk was.
En dan zeg ik van ja, maar je
hebt dus gezien hoe het niet moest, wat
je eigenlijk niet wilde.
En je deed het zelfde.
Hoe kan dat dan?
Nou, vanwege dezelfde dingen.
Ik realiseerde me op een gegeven moment, ook
vooral na die burn-out, en hoe we
dan eigenlijk als mensen in elkaar zitten, dat
we hebben natuurlijk geleerd, zeker binnen de zorg,
om er heel goed voor een ander te
zijn.
Maar de vraag is of we iemand daar
altijd mee helpen.
Stel, die persoon heeft een heel simpel voorbeeld.
Iemand heeft maagklachten en die komt bij de
dokter.
Ja, ik heb maagklachten, daar heb ik last
van.
Daardoor kan ik niet sporten, ben zo grijnig
thuis en kan mijn werk niet goed doen.
Dan krijg je eventueel een pil en er
is niks mis met die pil.
Ik bedoel, die werkt.
En ook die dokter, die doet dat vanuit
de allerbeste intentie.
Want die wil niks liever dan dat jij
goed en lekker in je vel zit, zodat
je weer door kan op de weg die
je ingeslagen bent.
Maar stel nou dat de stress op je
werken ervoor zorgt dat je deze klachten krijgt.
Dan komt de hulp dus vanuit de beste
intentie, maar je helpt iemand er eigenlijk niet
echt mee.
En dan kan het dus waardevol zijn om
iemand iets langer op die lastige plek te
houden, zodat je van daaruit kan zeggen, stel
nou dat het er is voor jou.
Wat zou je mogen veranderen in jouw leven?
En de vraag is dus of we heel
vaak een ander ook daadwerkelijk helpen, door daar
zo snel mogelijk voor een oplossing te zorgen.
Maar dit is hoe we het in de
maatschappij geleerd hebben, van jongs af aan al.
En dat geldt niet alleen voor de geneeskunde.
Toen je klein was, dan kreeg je natuurlijk,
als je het goed deed, een plakplaatje of
je kreeg een krul of een sticker.
En later wordt dat een cijfer.
En als je het daar ook heel goed
doet, dan mag je misschien wel door naar
de volgende groep.
Of je krijgt een diploma of je krijgt
een examen.
En als je dat ook goed doet, dan
krijg je een toffe plek op de maatschappelijke
ladder.
Dan word je misschien beloond met een loonstrookje.
En als je dat ook goed doet, dan
krijg je misschien een geschikte partner.
Dan komen er misschien kinderen.
Het bekende huis, de opraal aan, de auto,
de trekhaak en de caravan.
Een soort roadmap naar succes, zoals we het
geleerd hebben.
Maar ja, heel veel mensen zijn uiteindelijk niet
uitgekomen op de plek die ze het liefst
zouden willen.
Dus we zijn zo geneigd om dingen heel
snel op te willen lossen.
Ik zeg soms gekscherend, zo'n beetje.
Nou, niet gekscherend, maar soms confronterend.
Je bent natuurlijk een mens, maar realiseer je
dat je gemaakt bent tot een machine.
Namelijk het zo snel mogelijk oplossen van problemen.
Maar de meeste problemen ontstaan meestal niet, doordat
we...
Of ze wegstoppen of ontkennen.
Natuurlijk, dat is ook een manier.
Ja, dat is ook een manier.
Maar ook dat is op een bepaalde manier
zo snel mogelijk het probleem willen oplossen.
Maar alleen op een niet constructieve manier.
Even terug naar die burn-out.
Dat ontstaat, dat is niet overnight.
Dat ontstaat door tal van dingen die in
je leven gebeuren.
Wat ervaarde jij toen?
We hebben het vaak over burn-outs, maar
wat gebeurt er dan met je?
Wat voel je dan?
Het is eigenlijk een geniepig en geleidelijk proces.
Heb je het in de gaten als het
gebeurt?
Je voelt het ergens wel, maar als ik
zo terugkijk...
Je bent jong, je denkt van dit gaat
wel over.
Of denk je, ik zit even niet lekker
in mijn vel.
Komt wel goed.
Het is heel dubbel, want je voelt je
niet lekker, maar als je wat harder gaat
werken...
en je krijgt daarvoor weer de beloning terug,
dan voel je je weer even goed.
Dus het is steeds even zo'n shotje
waardoor je denkt van...
de bekende wortel die je voor je neus
wordt gehouden...
en iedere keer denk je van, als ik
nou nog wat harder ga, dan ga ik
me weer beter voelen.
En er waren toen al mensen die zeiden,
moet jij niet een stapje terug doen?
En ik zei van nee, dat komt wel
goed.
Daarin was het vele sporten wat ik deed,
heeft me in staat gesteld om heel lang
door te gaan.
En tegelijkertijd was het ook een valkuil, omdat
ik zo lang doorging...
dat toen ik er echt niet meer kon,
toen was het ook echt gewoon genadeloos tegen
het asfalt.
Wat gebeurde er toen?
Nou, het moment kan ik me nog tot
de dag van gisteren herinneren.
Ik zat een spreekweer te draaien en mijn
vader komt zo de spreekkamer ook binnen.
Gewoon tussen twee patiënten door en die kijkt
me aan en die zegt van...
oké Jor, hoe gaat het eigenlijk met je?
En als ik het nu zeg, dan voel
ik het nog steeds.
En ik zeg van ja, weet je, ik
kan niet meer.
Het gaat gewoon niet meer.
Toen zei hij van nou, dan ga naar
huis, ik neem het over.
Nou, toen heb ik nog één of twee
maanden doorgewerkt...
omdat ik dacht dat ik de enige was
die bepaalde dingen kon doen.
En toen strandde het schip.
Wat deed je daarna?
Toen ik was zoeken, nee, ik woonde toen
tijdelijk bij mijn moeder.
Want je relatie was stuk?
Relatie was stuk, ja.
Dus je hele leven donderd in elkaar op
zo'n moment?
Ja, kort daarna ging ik skiën, even ertussenuit.
Hoe oud was je toen?
Toen was ik 38, 39.
Kort daarna ging ik skiën, brak mijn rug
op twee plekken.
Dus alles, alles...
Denk je dan met terugwerkende kracht en de
kennis van nu...
dat wilde jou ook iets zeggen?
Of was het gewoon domme pech?
Ik vind het mooi om ernaar te kijken
als van...
dat wilde mij ook iets zeggen.
Uiteindelijk maakt het niet zoveel uit.
Het is een mooi verhaal, maar het gebeurt.
Het is een soort...
Allemaal dominosteentjes die omver vallen.
En daar waar je normaal gesproken misschien niet
scherper bent...
de scherpte gaat er vanaf.
En dan gebeuren er letterlijk...
Om met jouw eigen woorden te spreken.
Het lichaam liegt nooit.
En het lichaam wilde jou gewoon echt even
op pauze zetten.
En nu moest je wel, je kon niet
meer door.
Nee, precies.
En vanaf dat moment, toen ben je jezelf
gaan herpakken.
Kun je dat proces een beetje uitleggen aan
ons?
Zeker.
Het toeval...
Daarom, als je terugkijkt...
En dat kennen heel veel mensen, als je
terugkijkt.
Dat je denkt van, nou snap ik waarom
dat en dat en dat gebeurde.
Mijn tante van mij ging emigreren naar Cyprus.
En tijdens een afscheid in Nederland...
toen ontmoette ik daar een vrouw.
En die deed de helende reis van Brandon
Bates.
Zij legde mij uit wat dat precies was.
Dus dat het even heel kort door de
bocht.
Dat je je visualiseert dat je bij een
kampvuur gaat zitten.
En je nodigt daar mensen uit.
En die mensen, die kunnen je vragen stellen.
En dan krijg je antwoorden terug.
En dat doet van alles met je.
En daar was ik wel door gegrepen.
En er kwamen toen allemaal patiënten zo voorbij.
Waarvan ik dacht van, oh ja, dat zou
wel tof zijn voor die persoon.
Oh, daar zou die misschien ook wel wat
aan hebben.
Dus ik was toen op zoek gegaan in
Buzum.
Naar iemand die dat ook deed.
En daar ben ik toen op bezoek gegaan.
En ik zeg van, ik ben benieuwd wat
je doet.
Want volgens mij zijn er wel patiënten die
iets hebben aan hetgeen wat jij doet.
En toen zei ze van, als het nou
ooit zover is, kom dan.
En dan spoelen we de film dus door.
En dan is het vier, vijf jaar later.
En toen popte zij opeens voorop.
Toen dacht ik van, misschien is dit het
moment om naar haar toe te gaan.
Dus ik ben naar haar gegaan.
Ze liet mijn oog sluiten.
Ik kon nog niet dertig seconden mijn oog
dicht houden.
En dan zat ik alweer recht overeind.
Maar daar werd wel iets geraakt.
En toen voelde ik het ook nog een
beetje moeilijk grijpbaar.
Dus toch naar een psycholoog gegaan.
Die heeft me een paar waardevolle handvatten gegeven.
Onder andere dat ze zei van, oké Jor,
ga op jezelf wonen.
Ga uitzoeken wat je wil.
En van daaruit kan je kijken, wil je
verder met je huidige relatie of stop je.
Dat was een heel waardevol advies.
Dus dat heb ik opgevolgd.
En vanaf daar kwam een andere coach op
mijn pad.
En daar heb ik toen mijn eerste proces
gedaan.
En dat is nu een hele goede vriend
geworden.
Hij was uiteindelijk ook getuige bij het huwelijk
met Simone.
En vanaf daar heb ik het eerst van
alles gedaan om mezelf op te bouwen.
Maar kwam er ook een stukje interesse bij
van, oké, ik ben nieuwsgierig.
Want dit gaat andere mensen ook helpen.
En ik ben dan zo, doe wat je
ervoor kondigt.
Dus ik heb alles gedaan waardoor ik feilloos
kon aanvoelen als ik dan een patiënt voor
me kreeg.
Van deze vorm van therapie zou voor deze
persoon heel goed zijn.
En dit zou voor die persoon heel goed
zijn.
Dus door daar heel veel ervaring op te
doen voor mezelf.
Maar ook vanuit een professioneel oogpunt heb ik
daar heel veel geleerd.
Je bent zelf eigenlijk patiënt geworden.
En dat biedt je de kans dan om
daar heel erg in te leren natuurlijk.
Want je bent op dat moment even afhankelijk
van leraren die jou nieuwe kennis kunnen aandragen.
En ik had een grote speeltuin natuurlijk.
Want ik ging in de ochtend zitten in
mijn praktijk.
De deur ging open en ik hoefde niet
te leuren om mensen.
Ik bedoelde ik kwam er vanzelf binnen.
Dus alles wat ik leerde, vertelde ik meteen
aan degene die tegenover mij zat.
Dus ik vertelde het verhaal wel 30 keer
op een dag.
En elke keer dacht ik bij mezelf, ja
galavazi, leuk lullen.
Maar hoe zit het eigenlijk in jouw leven?
Maar daardoor is mijn leerkurve ook onwijs snel
gegaan.
Omdat ik iedere keer weer tegen mezelf zat
te vertellen.
Zo zit het, dit heb ik te doen.
Hier moet ik in veranderen.
Hoe noem je jezelf nu?
Wat ben je nu?
Ik ben een mens met alle mooie kanten.
Je bent artscoach.
In de basis blijf je natuurlijk huisarts.
Maar je hebt daar iets aan toegevoegd.
Hoe noem je dat stuk wat je hebt
toegevoegd?
Ik zie mezelf veel meer als een begeleider.
Ik ben niet heel veel beter of slechter
dan een ander.
Ik probeer altijd gewoon met mijn voet in
de klei te blijven.
En een plek van nederigheid in te nemen.
Ik ben net zo goed student van het
leven als ieder ander.
Ik doe ook domme dingen.
In mijn relatie doe ik verschrikkelijk domme dingen.
Het belangrijkste wat in mijn leven ook niet
werkt, is dat ook ik me niet aan
mijn eigen afspraken hou.
Maar het grote verschil is dat ik langzaamaan
het steeds meer ben gaan zien wat ik
doe en wat de prijs is die ik
daarvoor betaal.
En of dat in lijn is met de
plek waar ik naartoe wil.
En als dat in lijn is, dan zet
ik nog een stap.
En als dat niet in lijn is, dan
heb ik stil te staan.
En te corrigeren, bij te sturen.
En dat is waar ik mensen steeds weer
in meeneem.
Hoe doe je dat nu?
Want je hebt geen praktijk meer.
Nee, we hebben dan drjurjan.nl. Dus we
coachen mensen in kleine groepen of in grotere
groepen.
En heel soms ook nog één op één.
Maar vooral in groepen, omdat ik de kracht
van de groep gewoon heel krachtig vind.
Wat je daarin leert, dat leer je nooit
één op één.
En daarin, ja, mensen vinden me altijd confronterend.
Maar dat is meer, dat heb ik wel
uit mijn huisartsgeneeskunde ook geleerd.
Een soort onbegrensde nieuwsgierigheid.
En als huisarts, ja, je kan alles aan
iemand vragen en iemand geeft wel antwoord.
En daar heb ik dus een...
Ik ben gewoon echt oprecht nieuwsgierig.
Ik wil weten wie er tegenover me zit,
alsof ik daar inkruip.
En dan hou ik zo'n spiegel voor.
En die is vaak confronterend.
Niet omdat ik uit ben op confrontaties, maar
omdat de realiteit confronterend is.
En als iemand daarmee in contact komt, dan
gaan ze voelen dat er noodzaak is om
iets te veranderen.
Je bent een heel bewust mens geworden.
Je weet wie je bent en je herkent
je eigen staat van zijn.
Je zegt, je doet domme dingen.
Dat geeft het helemaal niet.
Ik herken me heel erg in jou.
Ik heb heel veel van je gezien.
Natuurlijk dingen van je gelezen.
Je weet heel veel.
Door ervaring.
Door heel veel fouten te hebben gemaakt.
Wat is nou het probleem dat wij dit
niet eerder zagen toen wij jonger waren?
Want zo zie ik heel veel mensen om
mij heen en die ik ook help.
Die het niet zien.
Dat ik denk van, maar hoe kan je
nou niet zien wat er misgaat?
Er gaat iets mis in jouw leven.
Dus ik ben ook die harde spiegel altijd.
Ze zeggen me, je bent wel heel confronterend.
Ik zeg, ik vertaal gewoon wat jij bent,
maar in taal die je begrijpt.
En dat vinden mensen vaak niet fijn.
Die confrontatie.
Maar hoe kan het nou dat zoveel mensen
het gewoon niet zien?
Terwijl ze problemen hebben.
Ik denk dat het levenservaring is.
Het heeft niks met leeftijd te maken.
Nee, ik zie het altijd meer als een
soort metafoor.
Je wordt geboren en je komt.
Je weet het, je hebt het heel kort
geleden meegemaakt.
Je past als een heel klein wezentje op
de hand van iemand anders.
En je bent nog zo kwetsbaar en teer.
En ondertussen moet je groeien.
Dus als teerwezentje moeten we ergens een soort
struikgewas om ons heen creëren.
En ik zie het dan altijd als een
soort Brama-struik die zich zo langzaamaan om
je heen creëert.
Zodat je daarbinnen in ieder geval een soort
van veilig op kan groeien.
Totdat je op het moment komt dat je
enigszins voor jezelf kan zorgen.
Maar tegen de tijd dat dat moment aanbreekt.
Je bent groot, je bent volwassen.
Dan heb je zo'n enorm struikgewas om
jezelf heen gecreëerd.
Dan moet je weer door dat struikgewas moet
je op een of andere manier naar buiten
toe.
En dat gaat niet zonder kleerscheuren.
Dus je worstelt je naar buiten en die
worsteling naar buiten.
En alle ervaringen die je daarin op doet.
Maar ook alle pijn en al het verdriet
en alle eenzaamheid.
En alle machteloosheid en alle onzekerheid.
En hoe je daarmee moet dealen.
Dat geeft je uiteindelijk de mogelijkheid om die
ervaringen en vaardigheden te ontwikkelen.
Die je nodig hebt om uiteindelijk te kunnen
worden wie je bedoeld bent om te zijn.
Dus die worsteling hebben we nodig.
En waarom doen we het niet?
Volgens mij heb je dat ook een keer
echt gezegd.
We willen alles veranderen in ons leven.
Maar één ding vinden we het allerbelangrijkste.
En dat is dat we veilig zijn.
Dus we zijn in staat om de meest
vreselijke dingen te doen.
We zijn in staat om te liegen vanuit
het idee dat we daarmee onze veiligheid kunnen
houden.
Maar zonder dat je soms door hebt ook.
Ik zie gewoon dat er erg veel mensen
zonder denigrerend te zijn.
Maar die leven zo onbewust.
Ik zou ze graag wakker willen maken.
Omdat in dat onbewustzijn blijf je eigenlijk altijd
ongelukkig.
Je blijft altijd op zoek naar datgene wat
je nooit gaat vinden.
Omdat je niet weet wat je zoekt.
Terwijl je je daarvan bewust wordt.
Iemand moet toch eerst pijn lijden voordat er
een innerlijke drijfveer is.
Om te voelen van deze prijs...
Zoveel mensen lijden al zoveel pijn.
Als ik in mijn omgeving kijk.
Best wel wat succesvolle ondernemers.
Rijke mensen.
Als ik dan kijk naar hun persoonlijke leven.
Wat een ellende.
In een relationele sfeer.
Het lukt nooit.
Een gedoe met kinderen.
Eigenlijk met zichzelf overhoop liggen.
Dan denk ik van, jezus joh.
En dan roepen ze, wat jij doet dat
heb ik niet nodig.
Lees mijn boek eens.
Kom eens naar mijn event.
Nee joh, dat is niet voor mij.
Dan denk ik van, dit is juist voor
jou.
Voor jou is voor de mensen.
Wat is nou die weerstand?
Of is het echt dat...
Jij merkt ook met heel veel mensen.
Dat het toch iets is waar ze bang
voor zijn.
Is dat het misschien?
Zeker en terecht.
Wat is die angst dan?
Nou op het moment dat jij...
Als jij heel lang iets hebt gedaan.
En je hebt eigenlijk continu zo je hoofd
een beetje afgewend.
Dat stuk wil ik niet voelen.
En vaak zit dat natuurlijk heel jong in
ons leven.
Dat we een afwijzing hebben gevoeld.
Of dat we iets hebben gezien.
En dat we zeggen van zo ga ik
nooit worden.
Of deze pijn en kwetsing die wil ik
nooit meer voelen.
Onbewust opgeslaagd.
Ja en we bedenken strategieën.
Om die pijn niet meer te hoeven voelen.
En ik heb daar altijd grote bewondering en
ontzag voor.
Want die strategieën die dienen ergens voor.
Het is waardevol.
Want alles wat we doen daar zit iets
goeds in.
Ook als je veel te veel werkt.
En continu over je eigen grens heen gaat.
En steeds voor iemand anders zorgt.
Daar zit in essentie iets goeds in.
Omdat iets in jou denkt van oké als
ik dat nou doe.
Dan ga ik me beter voelen.
En dat betekent dat op het moment dat
iemand dan dus besluit.
Om dat niet meer te gaan doen.
En een andere afslag te nemen.
Ja dan komt die oog in oog met
zijn grootste angst.
Dus als je altijd gewend was om voor
iemand anders te zorgen.
Omdat je hoopt dat je op die manier
in ieder geval de verbinding behoudt.
En dat je daarmee rust en ontspanning kan
ervaren.
Op het moment dat je dat dus niet
meer gaat doen.
Ja dan loop je in het risico dat
de ander de verbinding verbreekt.
Iets van jou vindt.
En dat dat heel veel onrust en spanning
geeft.
Dus het is volkomen logisch dat iemand niet
verandert.
Het meeste angstaanjagende wat ons kan overkomen is
dat we gaan veranderen.
Want dan komt jouw oog in oog met
datgene wat je eigenlijk al die tijd hebt
geprobeerd te ontwijken.
Totdat je op een gegeven moment realiseert.
Het levert mij uiteindelijk aan het eind van
de streep helemaal niet datgene op.
Waarvan ik denk dat het mij oplevert.
Oké ben ik dan bereid om mijn angst
recht in de ogen aan te kijken.
Als dat de prijs is die ik moet
betalen om mijn verlangen te realiseren.
Om daadwerkelijk goed voor mezelf te zorgen.
En op belangrijke kruispunten in ons leven gaat
het dus niet zozeer over.
Wat wil ik bereiken?
Of wat is nou de beste keuze?
Of wat levert mij het meeste op?
Maar is het veel waardevoller om het om
te draaien.
Welke prijs wil ik eigenlijk betalen?
En welke prijs betaal ik nu?
Blijf ik zorgen voor een ander?
Blijf ik jagen naar geld of succes?
Maar geef ik ondertussen op aan mezelf?
En is dat de prijs die ik betaal?
Of ga ik mijn focus richten op wat
ik eigenlijk daadwerkelijk wil?
En ga ik staan voor wie ik ben?
En voor wat ik voel?
En wat ik denk?
En hoe ik naar de wereld kijk?
En is de prijs die ik dan betaal.
Dat ik heb te dealen met niet de
mogelijke oordelen.
Maar echt de oordelen en de mening van
een ander.
Want als jij gaat doen wat echt goed
is voor jou.
Dan is het niet de vraag of mensen
daar iets van gaan vinden.
Maar wanneer.
Je zal beoordeeld en veroordeeld worden.
Dus dat is een serieuze plek om te
zijn.
Dus als ik zie dat mensen daar worst
of tenminste dingen doen.
Waarvan ik vanuit mijn arrogantie denk van wow
weet je.
Het is misschien waardevoller om iets anders te
doen.
Dan ga ik.
Ja ik stel ze dan meestal gewoon de
vraag.
Oké hoe gaat het met je?
En hoe is het?
Wat werkt er in je leven?
En by the way.
Wat werkt er eigenlijk niet?
En datgene wat niet werkt.
Wat werkt daar dan niet in?
En hoe zou je het willen?
En hoe voelt dat?
Welke goede vragen stellen?
Maar als jij die vraag stelt.
Je hebt zo'n groep met mensen.
Je doet zo'n coaching.
Is dat een dag of een week?
Zes dagen.
Zes dagen.
En dan beginnen jullie en dan zeg je.
Goh hoe is het met je?
Wat verantwoorden krijg je dan?
Nou ik begin.
Een van de dingen waarmee ik begin is.
Waar ik eigenlijk heel vaak mee begin is.
Als jij je ogen sluit.
En je ziet jezelf voor je in de
spiegel.
En met wie maak je dan eigenlijk contact?
Maak je daar contact met wie je in
de sensie bent?
Of maak je daar contact met de persoon
die je moest worden?
Dat je moest worden van je ouders of
je opvoeders.
Van de juffen, de meesters, de maatschappij.
Of die je misschien wel moest worden van
jezelf.
Vanuit de overtuiging om op die manier een
goede zoon of dochter.
Of een vader of moeder.
Of vriend of vriendin.
Of überhaupt een goed mens te zijn.
En dat als je daar iets meer naar
binnen kruipt.
En je maakt daadwerkelijk contact met die twee
ogen.
Die je al zo lang kent.
En je maakt contact met het jongetje of
dat meisje van vroeger.
Dat je dan misschien tot de conclusie komt.
Dat je die helemaal niet meer zo goed
kent.
En dat dat dus een spannende plek is.
Om daar contact mee te gaan maken.
Want je hebt geen flauw idee.
Wat de consequenties daarvan gaan zijn.
Als je dat wat zal gaan volgen.
En dan als we dan iets verder spoelen
in de training.
Dan pas na een tijdje komt dan de
vraag van.
Oké, wat werkt er in je leven?
Nou, dat is voor sommige mensen al lastig
om te benoemen.
En dan wat werkt er eigenlijk niet?
Nou, dan komen eerst alle geëikte dingen.
En dan hebben we wel door te vragen.
Ja, wat werkt er niet?
Ja, mijn relatie werkt niet.
Oké, maar wat is het dan wat er
niet werkt in je relatie?
Ja, we hebben geen gesprekken meer.
Oké, maar wat werkt daar dan niet?
Ja, dat we echt volledig langs elkaar heen
lopen.
Oké, maar wat werkt daar dan niet in?
Ja, dat ik het niet zo fijn heb
in mijn relatie.
Oké, maar wat is dan niet fijn?
Ik ben niet geïnteresseerd in wat het niet
is.
Ik wil weten wat het wel is.
Ja, ja, ja.
En dan na heel veel vijf en zessen
zeggen ze van.
Oké, ja, ik voel me eigenlijk verschrikkelijk alleen.
Oké.
En welke prijs betaal je daarvoor?
Dit is dus heel goed om aan mensen
te leren.
Dat doorvragen.
Want als je aan de oppervlakte blijft, dan
is daar nooit de oplossing te vinden.
Want dat is niet het probleem.
Nee, de oppervlakte is alleen maar.
Dat zijn alle verdedigingstechnieken die wel jaren in
stand houden.
Dus het ligt altijd daaronder.
En ik vind het altijd tot op de
dag van vandaag.
Ik vind het een magisch proces om daar
iedere keer weer zo door te vragen.
En echt kijken van.
Oké, maar wat is het nou?
Soms begrijp ik het ook niet.
Dus je gaat echt de diepte in om
tot de kern te komen.
Ga je ook naar persoonlijke waarden, kernwaarden bij
mensen?
Wat is belangrijk voor jou?
Ja, maar eigenlijk pas aan het eind van
de training.
Ja?
Dus je hebt weer eerst te weten wie
ben ik?
Op wat voor programma's draai ik eigenlijk?
Gaat het daar vooral om in je programma?
Het uitvinden wie je bent.
Dat is toch waar al dat anderheid ontstaat?
Ik ben het met je eens.
Ik probeer mensen ook terug te brengen.
Want als ze zeggen, ja, ik weet niet
wat ik wil.
Of ik heb problemen.
Maar wie ben je?
Want als jij niet weet wie je bent,
dan gaan we nooit ergens komen.
Dus daar ben je een aantal dagen mee
bezig.
Hoe gaan mensen weg bij jou na zes
dagen?
Opgelucht, meer helderheid.
Wat is er veranderd dan in zo'n
week?
Nou, als ik het heel kort door de
bocht zeg.
We bouwen natuurlijk allemaal muren om ons heen
op.
Omdat we vinden dat we aan bepaalde dingen
moeten voldoen.
Dus we zijn zo gewend om te werken
aan onze identiteit.
Hoe komen we over bij een ander?
En daarmee raken we dus eindeloos verwijderd van
die vraag.
Wie ben ik eigenlijk?
Wat vind ik gaaf?
Niet wat wil ik worden.
Maar niet om vanuit de geneeskunde te kijken.
Ik ben niet die persoon met die jas
en die steeds koper naamplaatje en specialisme.
Nee, dat is alleen maar je identiteit.
Dus wie ben jij zonder al die identiteiten?
En wat is er dan daadwerkelijk belangrijk voor
jou?
Wat zijn je drijveren in de vorm van
gevoelens en emoties?
Je hebt niks aan een miljoen op de
bank als je ondertussen doodongelukkig thuis zit.
Dus dat is het niet.
En je hebt ook niks aan een relatie
als je continu confrontaties en ruzies hebt.
Dus wat is het wat je wilt in
de vorm van gevoelens en emoties?
En daar maken ze dan weer contact mee.
En dat ze wat handvatten krijgen van dit
is een spannende plek.
En ik denk dat ze zichzelf ontmoeten op
de plek van oké, ik mag dit ook
spannend vinden.
Ik mag ook verdrietig zijn.
En ik heb een verdomd goede reden om
verdrietig te zijn.
Ik heb een verdomd goede reden dat ik
dit spannend mag vinden.
Maar spannend en verdrietig en lastig en ingewikkeld
in vergelijking tot wat?
Want wat is het alternatief?
Het alternatief is dat ik blijf doen wat
ik altijd deed.
En dat wil ik niet meer.
Dus ze voelen dan een beetje zo...
Ze vinden ook de moed in de handvatten
om te zeggen van oké, ik vind dit
spannend.
Maar kom op, we gaan dit in ieder
geval doen.
Heeft het ook met zelfliefde te maken of
eigenwaarde?
Uiteraard, ja.
Wat leer je mensen daarover?
Nou, zelfliefde is een beetje een containerbegrip.
Wat betekent zelfliefde dan eigenlijk?
Net als het woorden liefde of geluk.
Ik bedoel, wat geluk voor jou is hoeft
niet het geluk voor mij te betekenen.
Dus het is een containerbegrip als je niet
weet wat dat voor jou is.
Maar ik denk dat zelfliefde voor mij is
dat ik mezelf...
Dat ik kan zijn met alles wat ik
ben en wat ik in me heb.
En niet alleen de mooie kanten.
Maar dat ik ook...
Want ik zei het, ik ben ook een
mens.
Dus ik kan ook echt verschrikkelijk onhandig zijn.
En natuurlijk vooral ook in een relatie waarin
mijn meest duistere kanten naar boven kunnen komen.
Maar in plaats van dat ik daar zeg
van oké, ik mag zo niet zijn.
Ik moet anders zijn.
Ik moet beter zijn.
Ik moet een betere papa zijn.
Of ik moet een betere partner zijn.
Dat ik zeg van oké, nee weet je.
Ik ben een mens.
Dit is echt verschrikkelijk onhandig.
Maar ik weet dat dit ergens vandaan komt.
En het is mijn verantwoordelijkheid om uit te
zoeken waar dit vandaan komt.
Want ik heb een soort beeld van een
vader of een man in mijn geval.
Oké, daar mik ik op.
Die zou ik graag willen zijn.
Oké, wat voor vaardigheden bezit die?
En wat zou nu, op dit moment, op
de plek waar ik nu sta.
Wat zou de eerste millimeter kunnen zijn om
die kant op te komen?
En ik hoef niet meteen daar te zijn.
Maar de eerste millimeter.
Wat zou ik vandaag kunnen veranderen?
Misschien helpt het om dan toch even naar
Simone en mijn vrouw toe te lopen.
En te zeggen van joh, weet je.
Ik ben echt verschrikkelijk onhandig geweest.
Super onredelijk.
Heb je niet verdiend.
Dus je creëert een soort ideale versie van
wie je wilt zijn.
Voor jezelf en naar de wereld toe.
En dan kijk je van waar sta ik
nu en welke pad moet ik nog bewandelen
om daar te komen.
Of als je dat wilt delen.
Wat zijn nog dingen waarvan je zegt daar
kan ik me nog wel in verbeteren?
Ik kan echt verschrikkelijk ontevreden zijn.
Over?
Als ik slecht in mijn vel zit, dan
heb ik echt iets.
Ik ben heel goed in het opbouwen van
dingen.
Ik kan uit het niks iets opbouwen.
Maar ik kan ook heel destructief zijn.
Dat als het tegen zit en het gaat
niet zoals het wil.
Dan kan ik echt het zwaard hanteren.
En dat weet je van jezelf.
Ja en het heeft me onwijs veel opgeleverd.
Maar het heeft me ook heel veel gekost.
Dus mijn toekomst door mezelf.
En daar ben ik hard naar toe op
weg.
Die wil echt meer vanuit liefde komen.
En weten dat er worsteling is.
En dat dat onderdeel is van het leven.
En dat ik daar niet schiet in ontevredenheid.
En dat het allemaal groter, beter, krachtiger, etcetera
moet.
Maar oké, wat is de eerste stap?
Wat kan ik doen vanuit een plek van
tevredenheid?
En daaruit voelen van oké, wat is mijn
verlangen?
En kan ik vanuit een plek van tevredenheid
een stap maken in de richting mijn verlangen?
In plaats van dat ik mijn stap ga
belasten met de plicht.
Om mij per se beter te moeten gaan
voelen.
Dat is een risico van onderneming.
Je noemde ook dat je best wel domme
dingen doet of fouten maakt.
Wat zijn in jouw eigen optiek dan de
domme dingen?
Ik vind het heel fijn om daarover te
kunnen praten.
Sommige mensen gaan direct in een verdediging of
in een weerstand.
Ik zeg nou, ik doe heel veel domme
dingen.
Elke dag maak ik fouten.
Als ik s'avonds mijn dag doorneem.
Of soms al bijvoorbeeld na zo'n gesprek
dat ik denk.
Jezus, wat heb ik nou gezegd?
Dat had ik nooit moeten zeggen.
Dat had ik toch veel beter zo kunnen
doen?
Of waarom reageer ik nou op een bepaalde
manier?
Dat was niet zo bedoeld of niet aardig.
Die ander heeft dat vast verkeerd opgevat.
Daar leer ik heel snel van.
Maar je maakt doorlopend fouten.
Het is alleen fijn dat je dat wel
weet van jezelf.
Wat zijn de dingen waarvan je zelf denkt.
Dat is niet altijd even handig.
Het eerste wat ik al noemde.
Dat ook ik me niet aan mijn eigen
afspraak hou.
Dat ik eerder naar bed wil en het
niet doe.
Dat is een heel simpel voorbeeld.
Maar dat kan ook met betrekking tot het
werken zijn.
Dat ik denk van oké, ik wil tijd
besteden aan mijn relatie.
Al is het vanuit passen, al is het
vanuit onzekerheid.
Dat ik dan toch net even teveel tijd
besteed aan het werk.
Wat ik ook verschrikkelijk fijn vind om te
doen.
Dat maakt het ook ingewikkeld om dan op
een gegeven moment te zeggen.
Oké, tot hier en niet verder.
Maar ook domme dingen natuurlijk in mijn relatie.
Dat ik voel van oké, wat ik nu
heb te doen is te luisteren.
Maar dat er op allerlei knopjes wordt gedrukt.
En dat ik toch schiet in gelijk willen
krijgen.
Of overtuigen of beschuldigen of verwijten.
En dat ik nog denk van oké, het
is niet handig als ik dit ga zeggen.
En dan boom, dan is het er al
uit.
Oh shit, weet je.
En dan jezelf weer herpakken.
En wat ik heb geleerd nogmaals is om
daar mild in te blijven.
En mezelf niet af te straffen.
Oké, dit was een domme actie.
En daardoor dan de partner of de mensen
om je heen doen daar nog een schepje
bovenop.
Ja, had je het niet mogen doen?
Nee, I know, I know, I know.
Maar dit is de plek waar ik eigenlijk
vandaan kom.
En ik voelde me zo geraakt en zo
machteloos en zo alleen.
En dan schiet ik uit de bocht.
Ja, wat kan ik doen?
Het is een leermoment.
Ja.
Hopelijk kan de andere kant er ook op
die mening mee omgaan natuurlijk.
En niet doorgaan van.
Ja, maar dat had je dus niet moeten
doen.
En jij zegt, nee, dat klopt.
Dat is heel dom.
Ja, dat herken je natuurlijk.
Dat gaan mensen door.
Dat vind ik nog wel eens lastig.
Maar ik merk ook dat ik steeds meer
zeg van, leave it as it is.
Ja, dat is ervaring.
Dat is tijd van leven.
Zonder onverschillig te worden.
Of zonder het niet belangrijk te vinden.
Maar wel dat je denkt van, laat we
niet in de vlek gaan wrijven.
Daar schieten we allemaal niks mee op.
Maar dat zijn leermomenten.
Ik heb zo'n zinnetje altijd achter in
mijn hoofd.
Wat draagt op dit moment nou daadwerkelijk het
meest bij aan de relatie tussen mij en
mezelf?
En is dat dat ik nu nog iets
zeg?
Of is het misschien waardevoller om even mijn
mond te houden en te zijn met wat
ik nu voel?
Misschien wel even te zuchten.
En dan van daaruit een stap te zetten.
En daar word ik wel steeds beter in.
En soms ook niet.
Mediteer jij?
Of neem je tijd voor jezelf?
Ja.
Toevallig de laatste periode weer.
Omdat ik merkte dat het allemaal te heftig,
te veel.
En dan niet zozeer om tot rust te
komen per se.
Maar ik weet dat ik dan weer in
ieder geval dichter bij mezelf kom.
En minder snel in allerlei reflexen schiet.
Overdag.
En dan lijkt het een soort van triviaal.
Maakt het dan zo'n verschil als ik
ochtends en avonds 20 minuten gewoon zit en
niks doe?
Ja, dat maakt een onwijs verschil.
En dan ga je zitten en dan doe
je niks.
En denk je dan?
Of zijn er gedachten?
Zeker, ik ben een onwijse denker.
Vanuit nieuwsgierigheid.
Maar als je dan gaat zitten, kan je
niet een soort van het denken even op
pauze zetten?
Nou, ik vind het ook heel fijn om
te denken.
Dat is een keuze natuurlijk.
Soms ga ik er gelijk vanzelf ergens in.
En dan is het heel stil.
Maar meestal komt er van alles voorbij.
En dan ben ik nieuwsgierig en is het
een soort bijna analytische meditatie.
Maar ik kan er wel een soort afstand
tot houden.
Dat ik me realiseer van oké, dat denken
is super waardevol.
Maar het is niet de waarheid.
Dus wat kan ik hiervan leren?
Dus ja, het kan alle kanten op.
Wat zijn de belangrijkste dingen die je mee
wil geven aan de mensen die je coacht?
Of je patiënten, hoe je ze wil noemen.
Waar schrijf je over in je boeken?
Waar geef je les in?
Als je dat zou mogen samenvatten.
Ja, ik denk dat het...
Je hebt eerst te weten waar je nu
bent.
Wie ben je?
Op het moment dat je in de spiegel
kijkt, op welke patronen draai je.
En als je daar zicht op hebt, dat
je van daaruit kijkt.
Oké, wat wil ik eigenlijk voelen en ervaren?
En van daaruit ontstaat pas de vorm.
Zodat je iedere keer als je in een
bepaalde vorm terechtkomt, dat je bij jezelf kan
checken.
Oké, voldoet dit aan datgene wat ik wil
voelen en ervaren?
En zo ja, dan ben je op koers.
En zo nee, of misschien, dat je dan
in ieder geval stilstaat en opnieuw evalueert.
En bijstuurt daar waar nodig, maar vanuit mildheid.
Dus niet vanuit per se pushen, doorzetten en
volhouden.
Maar waar we het eigenlijk over hebben gehad.
Je bent een mens, je doet domme dingen.
Dat maak je niet een fout mens.
Je bent namelijk precies dat, een mens.
Maar dat hoef je niet te weerhouden van
ambitie.
Want dat heb je nog steeds.
Je wil wel presteren en eigenlijk de beste
zijn ook in wat je doet.
Ja, nou ja, dat brengt me op een
andere vraag die je als luisteraar misschien mee
kan nemen.
Ik stel heel vaak aan mezelf de vraag
van oké, wie heeft leiding over wie?
Heb ik nog leiding over mijn bedrijf of
heeft mijn bedrijf leiding over mij?
Zijn er dan momenten dat ik tot de
conclusie kom, holy shit, weet je, mijn bedrijf,
zou ik nu de stekker eruit willen halen?
Nee, nee, nee, dat wil ik niet.
Oké, maar nou echt alle alarmbellen af.
Want dat betekent dat mijn werk dan leiding
krijgt over mij.
En zelfs in de relatie.
Dat ik soms denk van oké, het laatste
wat ik zou willen, is dat we elkaar
in een soort gouden kooi gevangen houden.
Dus dat ik tegen mezelf zeg, als het
offer is wat ik moet brengen om trouw
te blijven aan mezelf, zou ik dan bereid
zijn om de stekker uit de relatie te
trekken?
En als ik dan denk, nee, nee, nee,
dat wil ik niet.
Oké, een gevaarlijke plek om te zijn.
Niet dat ik zeg van oké, je moet
ieder moment de stekker, ik bedoel de stekker
uit je relatie trekken, maar wie heeft leiding
over wie?
Heb jij nog leiding over je bedrijf, je
relaties of de plek waar je woont?
Of heeft dat stiekem hier en daar leiding
gekregen over jou?
En als je dat opmerkt, dat het het
laatste is.
Oké, wat is het waar je bang voor
bent?
Voor je het weet maak je keuzes uit
angst om iets te verliezen in plaats van
uit een verlangen.
En dat leidt dan weer tot onrust.
Ja, dus het leven zorgt voor je.
Als die onrust groot genoeg wordt, dan word
je vanzelf tot stilstand gebracht om opnieuw te
kijken van hé, wat werkt er wel of
niet in mijn leven?
Je hebt al heel veel verteld, maar toch,
als je nu zit te kijken, je luistert
en je denkt van ja, maar ik ben
onrustig en misschien bewust of onbewust ergens bang
voor.
Wat kan je nou doen om meer rust
in jezelf te voelen?
Dat is voor iedereen verschillend, maar tien stappen
achteruit, in de vertraging, volop op de rem,
letterlijk of figuurlijk zitten, je ogen dicht en
niks doen.
Leren niks doen.
En dat is moeilijk?
Of dat durven we niet?
Dat is razend lastig.
We schreeuwen wel dat we op zoek zijn
naar rust, maar op het moment dat we
op een plek van rust komen, dan weten
we van gekkerheid niet hoe snel we daar
weer vandaan moeten.
Is dat omdat mensen bang zijn voor stilte?
Of is het dat je bang bent om
geconfronteerd te worden met iets in jou wat
je liever misschien niet tegenkomt?
Ik denk in the end, maar dat is
mijn gehoorakel, dus ik neem niks aan voor
waar, maar dat we in essentie heel erg
bang zijn voor de echte leegte en de
stilte, de betekenisloosheid, de machteloosheid, de zinloosheid.
En daar zit een soort dualiteit in, want
op het moment dat we daarin terechtkomen en
je hebt de moed om daarin plaats te
nemen, in dat zwarte gat, dan blijkt eigenlijk
heel vaak, dat heb ik bij mezelf gevoeld,
maar ook bij al die mensen die ik
al zo lang tegenkom, als we eenmaal op
die plek zitten, dan is er eigenlijk heel
veel vrede en heel veel rust.
Maar voordat we daar zijn, willen we daar
eigenlijk iedere keer het snelst van weg.
En daar hebben we allerlei strategieën voor, voor
sporten, werken, andere vormen van afleiding en verleiding,
om daar maar niet terecht te hoeven komen.
Ja, ik heb je volgens mij wel eens
eerder horen zeggen van die rust die we
zoeken, is eigenlijk het resultaat van een aantal
dingen wel of niet doen.
Kan je dat nog eens uitleggen?
Ik weet niet of ik dat ben geweest.
Nee?
Nee.
Ik zat te luisteren.
Maar het zou kunnen.
Ik heb vanmorgen nog wat dingen van je
zitten luisteren, toen dacht ik van, ja, dat
is wel waar.
Als je al die dingen niet meer doet,
waar je nu zo druk mee bezig bent,
wat dan overblijft, is die rust.
Ja, zo is het.
Dus als je heel erg actief op zoek
gaat, of gaat die rust proberen te bereiken,
dan lukt dat dus niet.
Ja, precies.
We zijn heel vaak op zoek naar rust,
maar je krijgt geen rust in je leven
door te jagen op rust.
Je krijgt rust in je leven op het
moment dat je zelf toestaat om eerst de
onrust te voelen.
Maar dat is de plek waar je bent.
En hetzelfde geldt voor blijdschappen.
Je krijgt geen blijdschap in je leven door
maar te jagen op blijdschappen.
Je krijgt blijdschappen in je leven door jezelf
op gezette momenten ook toe te staan om
verschrikkelijk verdrietig te mogen zijn.
En hetzelfde geldt voor liefde.
Je krijgt geen liefde in je leven door
te jagen op liefde.
Je krijgt liefdevolle, eerlijke en oprechte relaties op
het moment dat je bereid bent om afgewezen
te worden.
Waarom?
Nou, als jij eerlijk, open en oprecht verschijnt,
dan krijg je ook eerlijke, open en liefdevolle
relaties.
Maar dat is een risicovolle plek.
Want als jij eerlijk verschijnt, ja, dan gaat
iemand daar iets van vinden.
Hoe dan ook.
Dus blijf je aanpassen in de hoop om
de verbinding met een ander te behouden met
de prijs dat je de verbinding met jezelf
verliest.
Of kies je ervoor om de verbinding met
jezelf te behouden en van daaruit te groeien
naar waardevolle, eerlijke, open, oprechte relaties met het
risico dat daar verbindingen verbroken gaan worden.
Ja, heel mooi dit.
Je moet dat wel aandurven.
Daar is moed voor nodig.
Ja, er zijn weinig dingen die moeten met
een T dan.
Maar één ding wat mij betreft moet, is
dat er een bereidheid moet zijn om afgewezen
te worden, om te falen, om eruit te
gaan.
Je moet bereid zijn om afgewezen te worden
om de liefde te kunnen vinden.
Dat is eigenlijk...
That's it.
Ja, dat is wel mooi.
Dus er zit altijd een kans van verlies
in.
Of dat het niet gaat zoals je wil.
In alles eigenlijk wat je doet.
Dat is in alles.
Het toegangsticket voor dit leven is de dood.
Maar als je daar dus mee kan omgaan,
dan maakt dat je wel heel veel sterker.
Dan praat je ook over zelfvertrouwen natuurlijk.
Kun je daar nog wat over zeggen?
Wat kan je nou doen om aan je
zelfvertrouwen te werken?
Dat is ook een vraag die heel vaak
voorbij moet komen.
Nou, in de lijn van wat we het
net over hadden.
Ook hier, je krijgt geen zelfvertrouwen door te
jagen op zelfvertrouwen.
Je krijgt zelfvertrouwen...
De eerste stap is om jezelf toe te
staan om onzeker te zijn.
Want dat is de plek waar je bent.
En als je zelf toestaat om onzeker te
zijn en je kan daarmee zijn...
Ja.
Het accepteren daarvan.
Ja, en accepteren geeft soms wat vlekken in
je nek.
Tenminste bij mij in ieder geval hakken in
de zand.
Dus ik gebruik meestal aanvaarding.
Dat is iets milder.
In taal zit natuurlijk wel magie.
Maar aanvaarding biedt nog de ruimte van...
Oké, ik vind dit echt verschrikkelijk stom en
ik heb daar weerstand tegen.
Maar oké, dit is het.
Oké, dit is mijn realiteit.
Ik vind het niet leuk, maar oké, dit
is het.
Oké, dus iets in mij is onzeker.
Ja, oké.
Mag ik onzeker zijn?
Nou, eigenlijk niet.
Maar wil ik meer of minder in contact
zijn met mezelf?
Ja, ik wil meer in contact zijn met
mezelf.
Oké, als er iets in jou dan onzeker
is...
Wanneer kom je dan meer met jezelf in
contact?
Door te blijven streven naar zekerheid omdat die
onzekerheid zo lastig is?
Of omdat je zegt van...
Oké, iets in mij is onzeker en ik
besluit om daar nieuwsgierig naar te zijn.
Contact mee te maken en...
Nou, ik ben benieuwd.
En dan weet iedereen eigenlijk dat laatste.
Oké, dat is de eerste stap.
Dus als je op zoek bent naar meer
zelfvertrouwen...
is de allereerste stap...
Sta jezelf toe dat je onzeker bent.
En daar heb je een verdomd goede reden
voor.
Want je hebt geen idee wat over een
minuut of over vijf minuten gaat gebeuren.
Steeds meer mensen die geneeskunde hebben gestudeerd...
of huisarts zijn geweest...
gaan meer jouw kant op.
Of er dingen naast doen zelf...
om eigenlijk hun eigen arsenaal uit te breiden...
om beter met mensen om te kunnen gaan
op deze manier.
Of stoppen en gaan net als jij...
Mag ik het alternatieve kant noemen?
Een andere kant op?
Ja, wat is de naam?
Ik heb bijna een hekel aan coaching en
zo.
Dat is wat het is.
Maar je helpt mensen...
die blijkbaar...
laten we zeggen binnen de reguliere geneeskunde...
niet altijd meer geholpen kunnen worden.
Of omdat er gewoon...
te weinig plek is en te veel problemen.
Of omdat je daar niet toe bent opgeleid.
Zou je niet gewoon in die opleiding dit
moeten toevoegen?
Wat een stukje psychologie is, mensenkennis.
Waar ik een lans voor zou willen bereiken...
is dat persoonlijke ontwikkeling onderdeel wordt...
van de opleiding binnen de gezondheidszorg...
binnen de geneeskunde.
Want het grootste cadeau wat je nog steeds
iemand kan geven...
onafhankelijk van wat die persoon heeft...
is eerlijke, open en oprechte aandacht.
Gewoon aanwezig zijn.
Maar daar heb je veel bagage voor nodig.
Op het moment dat je iemand tegenover je
ziet...
die lijdt met een lange ei...
om niet meteen in de helpende rol te
gaan schieten...
ook voor mij is dat zo heel lang
zo geweest...
dat je dan toch zo snel mogelijk de
ander wil helpen.
Maar niet alleen voor de ander.
Ook omdat je jezelf van die onrust af
wil en het ongemak af wil.
De strategie die je hebt geleerd...
is om zo snel mogelijk iemand anders een
helpende hand toe te bieden.
Maar het grootste cadeau wat je iemand kan
geven...
is door gewoon aanwezig te zijn.
En dat betekent dus dat je jezelf hebt
leren dealen...
met het eigen ongemak.
En niet probeert via de patiënt jezelf een
goed gevoel te geven.
Maar aanwezig te blijven.
Dus dat zou een waardevol onderdeel zijn, denk
ik.
En daarnaast, het is toch ook super waardevol...
en blij dat er cardiologen en neurologen et
cetera zijn...
Dat is heel belangrijk natuurlijk, zeker.
Daar moeten we dankbaar voor zijn.
En gelukkig, het verschuift.
Er komt al een bredere scoop van...
het is niet alleen maar dit, er is
meer.
Het een is niet beter of slechter dan
het ander.
Het is allebei waardevol.
Maar wat zou er nou gebeuren als we
dat samenvoegen?
Het is natuurlijk complementair.
En de wereld verandert, alles verandert.
Heel langzaam.
In mijn opzicht te langzaam.
Maar het onderwijs moet natuurlijk ook mee.
En de geneeskunde, alles moet mee in de
ontwikkeling van hoe we zijn.
Zeker mensen beter maken.
Dat moeten we op een andere manier doen,
want er zijn te veel mensen ziek.
Althans, dat denken ze.
Of er zijn te veel mensen met mentale
problemen.
Blijkbaar werkt de ouderwetse aanpak niet meer.
Van het leven in het algemeen natuurlijk.
Anders hebben we niet zoveel mensen met problemen.
Er ligt een verantwoordelijkheid aan beide kanten.
Ja, absoluut.
Er ligt een verantwoordelijkheid aan de persoon die
hulp vraagt aan de dokter.
Ik ben verantwoordelijk voor mijn eigen gezondheid.
Het is niet zo van, oké, ik leg
het hier neer, wil jij het fiksen?
Nee, daar heb je een eigen verantwoordelijkheid.
En dat vraagt verandering.
En verandering is spannend.
Dus het is veel logischer om te zeggen
van, joh, dit is mijn klacht, wil jij
het oplossen?
Maar dan heb je dus als dokter of
zorgverlener ook de moed om te zeggen van,
oké, tot hier rijkt mijn verantwoordelijkheid.
En hier begint die van jou.
Kan je dan je eigen trots en hoogmoed
af en toe parkeren?
Zodat je kan zeggen van, oké, hier stopt
het voor mij en hier begint het voor
jou.
Zou je als huisarts ook kunnen zeggen, want
je kan het inschatten, dezelfde als de burn
-out komt binnen.
Je zegt nou, hier heb je drie boeken,
begin daar eens mee.
Ga die eens lezen en dan kom je
over drie weken terug.
En dan gaan we eens verder praten.
Ja, dat zou een aanpak kunnen zijn.
Ik zou eerst echt een gesprek met zo
iemand voeren van, goh, hoe is het nou
eigenlijk met je?
Natuurlijk, nu inmiddels.
Maar ik snap ook als huisarts, die wachtkamer
zit vol, dat zei je al.
Het is heel druk, je hebt niet al
te veel tijd.
Sommige mensen die hebben echt die hulp nodig.
En dat gesprek nu.
Maar anderen zou je misschien kunnen zeggen, doe
nou eerst je eigen verantwoordelijkheid.
Doe nou eerst dit eens even.
En daarna kan je terugkomen.
Maar doe er zelf ook wat aan om
jezelf te helden.
Zeker binnen een huisartspraktijk.
99% van de mensen die daar binnenkomen
en misschien nog wel meer.
Dat is geen spoed, je hebt tijd.
Je hebt een onwijs veel tijd.
Maar als dokter voelen we het.
De dokter heeft alleen geen tijd.
Ja, zo voelen we het.
Maar er is niks mis mee om iemand
met meer vragen naar huis te sturen dan
dat hij gekomen is.
Dus we zouden meer zelfhulp dokter van onszelf
moeten worden misschien.
Ik denk dat het heel aardig is om
ook als dokter in de spiegel te kijken.
En te ontdekken, op welke patronen draai ik
eigenlijk.
En als we er niet uitkomen, kunnen we
altijd naar dokter juryen.
Ja, niet allemaal tegelijk, maar het zou kunnen.
Heb je nu nog steeds volle wachtkamers?
Nee, maar dat komt omdat ik het heb
aangepast.
Dus ik ben streng op mijn eigen tijden.
Belangrijk.
Ja.
Mooi man, dankjewel voor al deze kennis en
wijsheid.
Dankjewel.
Ik wens je heel veel gezondheid.
Voor jou precies hetzelfde, dankjewel.