Learn Dutch Everyday

Dutch Politics Basics - Part 3 ("Stemmen") — episode 182 of Learn Dutch Everyday. Lisa and Maarten have a B1-level conversation about dutch politics basics that teaches you passive voice (worden/zijn).

Grammar: passive voice (worden/zijn)
Culture: tweede kamer, coalition governments, and why everything is 'gedoogsteun'

Vocabulary:

    Whether you're studying for the inburgering exam or just want to speak better Dutch, this B1 lesson is for you. Subscribe for daily episodes!



    Ace your inburgering exam! Free practice tests & study tools at inburgeringprep.com



    Listen on other platforms:
    🎵 Spotify
    📺 YouTube
    🍎 Apple Podcasts



    Transcript

    Lisa: Maarten! Zo, ik heb me de hele ochtend op zitten winden over de politiek.
    Maarten! Well, I've been getting worked up about politics all morning.

    Maarten: Oh? Dat is een goed begin van de dag. Wat is er gebeurd?
    Oh? That's a good start to the day. What happened?

    Lisa: Ik las een artikel over de formatie en het duurt allemaal zó lang. Waarom kunnen ze niet gewoon beslissen?
    I read an article about the cabinet formation and it's all taking so long. Why can't they just decide?

    Maarten: Ja precies, dat is een veelgehoorde klacht. Het heeft alles te maken met hoe onze regering wordt gevormd.
    Exactly, that's a common complaint. It has everything to do with how our government is formed.

    Lisa: Nou, leg het me nog eens uit, want ik raak de draad altijd kwijt na de verkiezingen.
    Well, explain it to me again, because I always lose track after the elections.

    Maarten: Oké, simpel gezegd: na de verkiezingen heeft bijna nooit één partij de absolute meerderheid in de Tweede Kamer.
    Okay, simply put: after the elections, almost never does one party have an absolute majority in the House of Representatives.

    Lisa: Nee, dat klopt. Je hebt 150 zetels en je hebt er 76 nodig voor de meerderheid, toch?
    No, that's right. You have 150 seats and you need 76 for a majority, right?

    Maarten: Precies. Dus moeten partijen gaan samenwerken. Ze moeten een coalitie vormen.
    Exactly. So parties have to start cooperating. They have to form a coalition.

    Lisa: Ah, de coalitie. Dat zijn dus de partijen die samen de regering zijn. En de rest is dan... de oppositie?
    Ah, the coalition. So those are the parties that together form the government. And the rest is then... the opposition?

    Maarten: Dat is de kern, ja. De partijen in de coalitie gaan heel lang onderhandelen.
    That's essentially it, yes. The parties in the coalition will negotiate for a very long time.

    Lisa: Oh wacht, en dan wordt er zo'n heel dik boek geschreven? Met alle plannen?
    Oh wait, and then such a thick book is written? With all the plans?

    Maarten: Ja, dat is het regeerakkoord. Daarin staat precies wat de regering de komende jaren wil gaan doen. Over alle belangrijke onderwerpen worden afspraken gemaakt. Het is eigenlijk één groot compromis.
    Yes, that's the coalition agreement. It states exactly what the government intends to do in the coming years. Agreements are made on all important subjects. It is actually one big compromise.

    Lisa: Een compromis, ja, dat kan ik me voorstellen. Iedereen wil wat anders. En de oppositie probeert het ze dan zo moeilijk mogelijk te maken?
    A compromise, yes, I can imagine that. Everyone wants something different. And the opposition then tries to make it as difficult as possible for them?

    Maarten: Nou ja, de oppositie controleert de regering en dient zelf ook plannen in. Als er bijvoorbeeld een wetsvoorstel wordt ingediend door de regering, moet de hele Tweede Kamer erover stemmen.
    Well, the opposition controls the government and also submits its own plans. For example, if a bill is submitted by the government, the entire House of Representatives must vote on it.

    Lisa: Dus ook de oppositie. En als de coalitie een meerderheid heeft, wordt zo'n voorstel meestal gewoon aangenomen.
    So also the opposition. And if the coalition has a majority, such a proposal is usually simply adopted.

    Maarten: Meestal wel. Maar het wordt pas echt interessant als een regering geen meerderheid heeft. Een zogenaamde minderheidsregering.
    Usually, yes. But it only gets really interesting if a government doesn't have a majority. A so-called minority government.

    Lisa: Hoe kan dat dan? Dan kan er toch nooit iets besloten worden?
    How can that be then? Then nothing can ever be decided, can it?

    Maarten: Dan heb je zoiets als 'gedoogsteun' nodig. Dat is best een typisch Nederlands concept.
    Then you need something like 'gedoogsteun'. That's quite a typical Dutch concept.

    Lisa: Gedoogsteun? Dat klinkt... alsof je het met tegenzin goedkeurt.
    Gedoogsteun? That sounds... as if you approve of it reluctantly.

    Maarten: Eigenlijk wel. Het betekent dat een partij niet in de coalitie zit, maar belooft om de regering bij belangrijke beslissingen te steunen. In ruil daarvoor worden een paar van hun wensen in het beleid opgenomen.
    Actually, yes. It means that a party is not in the coalition, but promises to support the government in important decisions. In return, a few of their wishes are incorporated into the policy.

    Lisa: Dus je doet niet officieel mee, maar je helpt wel mee. Lekker belangrijk. Dat is toch super onstabiel?
    Speaker 1: So you're not officially participating, but you are helping. Big deal. That's super unstable, isn't it?

    Maarten: Dat kan het zijn. Het vereist constant overleg en het sluiten van een compromis voor elk groot besluit. Alles moet in de Tweede Kamer worden besproken en goedgekeurd.
    Speaker 2: It can be. It requires constant consultation and reaching a compromise for every major decision. Everything has to be discussed and approved in the House of Representatives.

    Lisa: Oké, nu snap ik beter waarom dat onderhandelen zo'n eeuwigheid duurt. Ze moeten het over zóveel dingen eens worden.
    Speaker 1: Okay, now I understand better why those negotiations take an eternity. They have to agree on so many things.

    Maarten: Inderdaad. Voordat er een regeerakkoord is, zijn er maanden van praten, schuiven en plannen die worden aangepast.
    Speaker 2: Indeed. Before there's a coalition agreement, there are months of talking, shifting, and plans being adjusted.

    Lisa: Pfoe. Ik ben blij dat ik grafisch ontwerper ben en geen politicus. Geef mij maar gewoon een duidelijke opdracht.
    Speaker 1: Phew. I'm glad I'm a graphic designer and not a politician. Just give me a clear assignment.

    Lisa: Wacht, die woorden die je gebruikte. 'Gedoogsteun' is dus echt een belangrijk woord. En 'regeerakkoord' ook. Dat is de basis van de hele samenwerking.
    Speaker 2: Wait, those words you used. So 'support by toleration' is really an important word. And 'coalition agreement' too. That's the basis of the entire collaboration.

    Maarten: Ja precies. En het verschil tussen de 'coalitie', de partijen die regeren, en de 'oppositie', de partijen die controleren. Die vier moet je eigenlijk kennen.
    Speaker 2: Yes, exactly. And the difference between the 'coalition', the parties that govern, and the 'opposition', the parties that scrutinize. You should really know those four.

    Lisa: Coalitie, oppositie, regeerakkoord, gedoogsteun. Oké. Ik denk dat ik het nu beter onthoud. Vooral dat woord 'gedogen' vind ik wel grappig in die context.
    Speaker 1: Coalition, opposition, coalition agreement, support by toleration. Okay. I think I'll remember it better now. Especially that word 'gedogen' (to tolerate) I find quite funny in that context.

    Maarten: Ja, 'ik tolereer je, maar ik hou niet van je'. Dat is het een beetje.
    Speaker 2: Yes, 'I tolerate you, but I don't like you'. That's kind of it.

    Lisa: Haha, ja, dat dus. Dus, even samenvatten: na de verkiezingen wordt er heel lang onderhandeld om een coalitie te vormen die een meerderheid heeft in de Tweede Kamer.
    Speaker 1: Haha, yeah, exactly. So, to summarize: after the elections, there are very long negotiations to form a coalition that has a majority in the House of Representatives.

    Maarten: Klopt. Die coalitie schrijft een regeerakkoord met alle plannen. De partijen die niet meedoen, vormen de oppositie.
    Speaker 2: That's right. That coalition writes a coalition agreement with all the plans. The parties that don't participate form the opposition.

    Lisa: En als het niet lukt om een meerderheid te vinden, kan een minderheidskabinet proberen te regeren met gedoogsteun van een andere partij. Helder.
    Speaker 1: And if it's not possible to find a majority, a minority cabinet can try to govern with support by toleration from another party. Clear.

    Maarten: Zie je wel, het is eigenlijk best logisch.
    Speaker 2: See? It's actually quite logical.

    Lisa: Nou ja, 'logisch'... Het is vooral heel veel praten. Goed, ik moet weer verder met een ontwerp. Ik spreek je snel!
    Speaker 1: Well, 'logical'... It's mostly a lot of talking. Alright, I need to get back to a design. I'll talk to you soon!

    Maarten: Is goed, succes ermee. Tot de volgende keer!
    Speaker 2: Okay, good luck with it. Until next time!

    Lisa: Doei!
    Speaker 1: Bye!

    What is Learn Dutch Everyday?

    Lisa and Maarten are two friends who chat in simple Dutch about everyday life. Perfect for beginners learning Dutch. Short daily episodes with vocabulary, grammar tips, and cultural insights about the Netherlands. From greetings and food to Dutch traditions and daily life — learn Dutch by listening to natural conversations at A1, A2, and B1 levels.

    Maarten!

    Zo,

    ik

    heb

    me

    de

    hele

    ochtend

    op

    zitten

    winden

    over

    de

    politiek.

    Oh?

    Dat

    is

    een

    goed

    begin

    van

    de

    dag.

    Wat

    is

    er

    gebeurd?

    Ik

    las

    een

    artikel

    over

    de

    formatie

    en

    het

    duurt

    allemaal

    lang.

    Waarom

    kunnen

    ze

    niet

    gewoon

    beslissen?

    Ja

    precies,

    dat

    is

    een

    veelgehoorde

    klacht.

    Het

    heeft

    alles

    te

    maken

    met

    hoe

    onze

    regering

    wordt

    gevormd.

    Nou,

    leg

    het

    me

    nog

    eens

    uit,

    want

    ik

    raak

    de

    draad

    altijd

    kwijt

    na

    de

    verkiezingen.

    Oké,

    simpel

    gezegd:

    na

    de

    verkiezingen

    heeft

    bijna

    nooit

    één

    partij

    de

    absolute

    meerderheid

    in

    de

    Tweede

    Kamer.

    Nee,

    dat

    klopt.

    Je

    hebt

    zetels

    en

    je

    hebt

    er

    nodig

    voor

    de

    meerderheid,

    toch?

    Precies.

    Dus

    moeten

    partijen

    gaan

    samenwerken.

    Ze

    moeten

    een

    coalitie

    vormen.

    Ah,

    de

    coalitie.

    Dat

    zijn

    dus

    de

    partijen

    die

    samen

    de

    regering

    zijn.

    En

    de

    rest

    is

    dan...

    de

    oppositie?

    Dat

    is

    de

    kern,

    ja.

    De

    partijen

    in

    de

    coalitie

    gaan

    heel

    lang

    onderhandelen.

    Oh

    wacht,

    en

    dan

    wordt

    er

    zo'n

    heel

    dik

    boek

    geschreven?

    Met

    alle

    plannen?

    Ja,

    dat

    is

    het

    regeerakkoord.

    Daarin

    staat

    precies

    wat

    de

    regering

    de

    komende

    jaren

    wil

    gaan

    doen.

    Over

    alle

    belangrijke

    onderwerpen

    worden

    afspraken

    gemaakt.

    Het

    is

    eigenlijk

    één

    groot

    compromis.

    Een

    compromis,

    ja,

    dat

    kan

    ik

    me

    voorstellen.

    Iedereen

    wil

    wat

    anders.

    En

    de

    oppositie

    probeert

    het

    ze

    dan

    zo

    moeilijk

    mogelijk

    te

    maken?

    Nou

    ja,

    de

    oppositie

    controleert

    de

    regering

    en

    dient

    zelf

    ook

    plannen

    in.

    Als

    er

    bijvoorbeeld

    een

    wetsvoorstel

    wordt

    ingediend

    door

    de

    regering,

    moet

    de

    hele

    Tweede

    Kamer

    erover

    stemmen.

    Dus

    ook

    de

    oppositie.

    En

    als

    de

    coalitie

    een

    meerderheid

    heeft,

    wordt

    zo'n

    voorstel

    meestal

    gewoon

    aangenomen.

    Meestal

    wel.

    Maar

    het

    wordt

    pas

    echt

    interessant

    als

    een

    regering

    geen

    meerderheid

    heeft.

    Een

    zogenaamde

    minderheidsregering.

    Hoe

    kan

    dat

    dan?

    Dan

    kan

    er

    toch

    nooit

    iets

    besloten

    worden?

    Dan

    heb

    je

    zoiets

    als

    'gedoogsteun'

    nodig.

    Dat

    is

    best

    een

    typisch

    Nederlands

    concept.

    Gedoogsteun?

    Dat

    klinkt...

    alsof

    je

    het

    met

    tegenzin

    goedkeurt.

    Eigenlijk

    wel.

    Het

    betekent

    dat

    een

    partij

    niet

    in

    de

    coalitie

    zit,

    maar

    belooft

    om

    de

    regering

    bij

    belangrijke

    beslissingen

    te

    steunen.

    In

    ruil

    daarvoor

    worden

    een

    paar

    van

    hun

    wensen

    in

    het

    beleid

    opgenomen.

    Dus

    je

    doet

    niet

    officieel

    mee,

    maar

    je

    helpt

    wel

    mee.

    Lekker

    belangrijk.

    Dat

    is

    toch

    super

    onstabiel?

    Dat

    kan

    het

    zijn.

    Het

    vereist

    constant

    overleg

    en

    het

    sluiten

    van

    een

    compromis

    voor

    elk

    groot

    besluit.

    Alles

    moet

    in

    de

    Tweede

    Kamer

    worden

    besproken

    en

    goedgekeurd.

    Oké,

    nu

    snap

    ik

    beter

    waarom

    dat

    onderhandelen

    zo'n

    eeuwigheid

    duurt.

    Ze

    moeten

    het

    over

    zóveel

    dingen

    eens

    worden.

    Inderdaad.

    Voordat

    er

    een

    regeerakkoord

    is,

    zijn

    er

    maanden

    van

    praten,

    schuiven

    en

    plannen

    die

    worden

    aangepast.

    Pfoe.

    Ik

    ben

    blij

    dat

    ik

    grafisch

    ontwerper

    ben

    en

    geen

    politicus.

    Geef

    mij

    maar

    gewoon

    een

    duidelijke

    opdracht.

    Wacht,

    die

    woorden

    die

    je

    gebruikte.

    'Gedoogsteun'

    is

    dus

    echt

    een

    belangrijk

    woord.

    En

    'regeerakkoord'

    ook.

    Dat

    is

    de

    basis

    van

    de

    hele

    samenwerking.

    Ja

    precies.

    En

    het

    verschil

    tussen

    de

    'coalitie',

    de

    partijen

    die

    regeren,

    en

    de

    'oppositie',

    de

    partijen

    die

    controleren.

    Die

    vier

    moet

    je

    eigenlijk

    kennen.

    Coalitie,

    oppositie,

    regeerakkoord,

    gedoogsteun.

    Oké.

    Ik

    denk

    dat

    ik

    het

    nu

    beter

    onthoud.

    Vooral

    dat

    woord

    'gedogen'

    vind

    ik

    wel

    grappig

    in

    die

    context.

    Ja,

    'ik

    tolereer

    je,

    maar

    ik

    hou

    niet

    van

    je'.

    Dat

    is

    het

    een

    beetje.

    Haha,

    ja,

    dat

    dus.

    Dus,

    even

    samenvatten:

    na

    de

    verkiezingen

    wordt

    er

    heel

    lang

    onderhandeld

    om

    een

    coalitie

    te

    vormen

    die

    een

    meerderheid

    heeft

    in

    de

    Tweede

    Kamer.

    Klopt.

    Die

    coalitie

    schrijft

    een

    regeerakkoord

    met

    alle

    plannen.

    De

    partijen

    die

    niet

    meedoen,

    vormen

    de

    oppositie.

    En

    als

    het

    niet

    lukt

    om

    een

    meerderheid

    te

    vinden,

    kan

    een

    minderheidskabinet

    proberen

    te

    regeren

    met

    gedoogsteun

    van

    een

    andere

    partij.

    Helder.

    Zie

    je

    wel,

    het

    is

    eigenlijk

    best

    logisch.

    Nou

    ja,

    'logisch'...

    Het

    is

    vooral

    heel

    veel

    praten.

    Goed,

    ik

    moet

    weer

    verder

    met

    een

    ontwerp.

    Ik

    spreek

    je

    snel!

    Is

    goed,

    succes

    ermee.

    Tot

    de

    volgende

    keer!

    Doei!