The public transport card — that's what Lisa and Maarten are talking about in this A2 lesson about transport & travel. Key words: de ov-chipkaart, inchecken, uitchecken. Great for inburgering prep! Alles voor je examen op inburgeringprep.com: a practice exam for inburgering.
Grammar: die, dat, wat, wie for connecting clauses
Culture: ns train culture and the ov-chipkaart
Practise this exam skill: spreekvaardigheid A2.
Vocabulary from this episode — more: days of the week in Dutch
Great for inburgering exam prep, NT2 practice, or anyone who needs to reach A2 Dutch. New lessons every day!
Study for your inburgering exam with the KNM practice exams. Also useful: inburgeringsexamen oefenen.
Listen on other platforms:
🎵 Spotify
📺 YouTube
🍎 Apple Podcasts
🌐 More practice at the KNM practice exams
Lisa and Maarten are two friends who chat in simple Dutch about everyday life. Perfect for beginners learning Dutch. Short daily episodes with vocabulary, grammar tips, and cultural insights about the Netherlands. From greetings and food to Dutch traditions and daily life — learn Dutch by listening to natural conversations from A1 up to B2 level.
Maarten,
kijk
nou!
Dat
poortje,
dat
net
open
was,
is
nu
dicht.
Ik
was
bijna
te
laat.
Haha,
rustig
maar,
Lisa.
Je
hebt
het
gehaald.
Je
moet
gewoon
op
tijd
je
ov-chipkaart
gebruiken.
Ja,
ik
weet
het.
Maar
soms
is
die
kaart
een
heel
systeem.
Het
is
dat
ding
dat
je
overal
voor
nodig
hebt.
Ja
precies.
Het
is
wel
handig
als
je
weet
hoe
het
werkt.
Zeker.
Maar
ik
zie
zo
vaak
toeristen
die
niet
weten
wat
ze
moeten
doen.
Ze
staan
voor
het
poortje
en
snappen
het
inchecken
niet.
Dat
is
waar.
Je
moet
de
kaart
op
de
lezer
houden
tot
je
een
piep
hoort.
Dan
gaat
het
poortje
open.
Precies!
En
vergeet
het
uitchecken
niet!
Dat
is
de
fout
die
iedereen
wel
eens
maakt.
Dan
betaal
je
de
volle
prijs.
Nou
ja,
niet
de
volle
prijs,
maar
het
kost
je
wel
extra
geld.
Je
starttarief
ben
je
dan
kwijt.
Oh
wacht,
ja.
Dat
is
zo.
Ik
heb
een
abonnement
dat
me
korting
geeft
in
het
weekend.
Dat
is
echt
ideaal
voor
mij.
Ik
heb
ook
zo'n
abonnement.
Een
Dal
Voordeel
abonnement.
Daarmee
krijg
je
korting
op
de
momenten
dat
het
rustig
is
in
de
trein.
Ja,
die
heb
ik
ook!
Superhandig.
Maar
je
moet
wel
altijd
genoeg
saldo
op
je
kaart
hebben
staan.
Klopt.
Je
kunt
dat
opladen
bij
een
automaat.
Of
je
stelt
automatisch
opladen
in.
Dat
is
een
service
die
je
aan
je
bankrekening
koppelt.
Oh,
dat
heb
ik
niet.
Ik
vind
het
fijner
om
zelf
te
zien
hoeveel
geld
ik
erop
zet.
Dan
heb
ik
meer
controle.
Eigenlijk
wel
een
goed
punt.
Ik
vergat
laatst
uit
te
checken
in
de
bus.
Dat
was
zo
vervelend.
Nee!
Dat
is
het
ergste
wat
er
is.
Dan
moet
je
online
je
geld
terugvragen.
Een
heel
gedoe.
Ja,
precies.
En
wat
dacht
je
van
een
kaart
die
bijna
is
verlopen?
Dan
moet
je
een
nieuwe
aanvragen.
O
ja,
dat
had
ik
vorig
jaar.
Mijn
oude
kaart
was
niet
meer
geldig.
Ik
moest
snel
een
nieuwe
bestellen.
Dat
is
snel.
Reizen
met
de
trein
is
fijn,
maar
je
moet
wel
een
beetje
georganiseerd
zijn
met
die
ov-chipkaart.
Echt
wel.
Het
is
een
klein
stukje
plastic
dat
heel
belangrijk
is.
En
je
hebt
twee
soorten,
toch?
De
anonieme
kaart
en
de
persoonlijke
kaart.
Ja!
Die
blauwe,
dat
is
de
anonieme.
Die
kan
iedereen
gebruiken.
Maar
daar
kan
geen
abonnement
op,
dat
is
het
nadeel.
Precies.
De
gele
is
de
persoonlijke
kaart,
met
je
foto.
Daar
zet
je
een
kortingskaart
of
abonnement
op.
En
als
je
die
verliest,
kun
je
'm
blokkeren.
Dat
is
wel
een
voordeel.
Het
saldo
dat
erop
staat,
ben
je
dan
niet
kwijt.
Dat
is
zeker
een
voordeel.
Ik
ben
de
mijne
gelukkig
nog
nooit
verloren.
Ik
bewaar
hem
altijd
op
dezelfde
plek.
Haha,
typisch
jij,
zo
gestructureerd.
Ik
ben
hem
al
drie
keer
bijna
kwijtgeraakt.
Gaat
lekker.
Je
zei
net
'saldo'.
Dat
is
typisch
zo'n
woord
dat
je
alleen
gebruikt
voor
de
ov-chipkaart,
of
voor
je
bankrekening.
Ja,
klopt.
Saldo
is
gewoon
het
geld
dat
op
je
kaart
staat.
En
dat
moet
je
dus
opladen.
Opladen,
ja.
Dat
klinkt
als
een
batterij,
maar
het
is
dus
geld
toevoegen.
En
met
een
abonnement
krijg
je
dan
korting.
Precies.
Korting
is
het
beste
woord
dat
er
is.
Dus,
we
hebben
het
gehad
over
de
ov-chipkaart.
Over
inchecken,
uitchecken,
en
het
saldo
dat
je
moet
opladen.
En
over
het
abonnement
dat
je
korting
geeft.
En
dat
je
je
kaart
niet
moet
verliezen!
Ja,
precies.
Oh,
ik
hoor
een
omroep.
Ik
geloof
dat
mijn
trein
eraan
komt.
Ik
moet
gaan!
Oké,
goede
reis!
We
spreken
elkaar
snel
weer.
Ja,
doei!