Het Geheim van de Efteling

S01E03 – Wat maakt sprookjes tijdloos? Waarom hebben we verhalen en verbeelding nodig? En hoe veranderen sprookjes door de tijd? In de derde aflevering van ‘Het Geheim van de Efteling’ ontdekken Paul de Leeuw, Artistiek Ruimtelijk Vormgever Patrick van den Nieuwenhuizen en kinderboekenschrijver Kevin Hassing het geheim achter de sprookjes in het Sprookjesbos. Je hoort waarom sprookjes al generaties lang blijven inspireren en hoe verhalen zich aanpassen aan de tijd. Ook ontdek je hoe de Efteling sprookjes tot leven brengt en waarom verhalen vertellen zo belangrijk blijft. 

What is Het Geheim van de Efteling?

In de allereerste Efteling-podcast gaat presentator Paul de Leeuw op zoek naar Het Geheim van de Efteling. In zeven afleveringen gaat hij dieper het Sprookjesbos in, het kloppende hart van de Efteling. Tussen fantasie en vakmanschap ontmoet Paul ontwerpers, makers en andere creatieve breinen van binnen én buiten het park. Vanuit een sprookjesachtige locatie in de Efteling ontrafelen zij samen bijzondere verhalen, verborgen geheimen en de magie die de Efteling al generaties lang tot leven brengt. Veel luisterplezier!

Hallo, mijn naam is Paul de Leeuw en welkom
bij een nieuwe aflevering...

van de podcast Het Geheim van de Efteling.

En in deze podcast gaan we dieper het Sprookjesbos in.

Vandaag gaan we het hebben over een heel erg leuk
onderwerp, namelijk de sprookjes in het Sprookjesbos.

Want hoe laat je een sprookje tot leven komen?
Wat is de functie van sprookjes?

En waarom hebben mensen sprookjes en vooral verwondering nodig?

En dat gaan we vandaag bespreken met twee geweldige gasten.

Eén van de geweldige gasten zit hier naast mij en hij werkt ook in de Efteling.

Hij is Artistiek ruimtelijk vormgever.

Zo, dat is een flinke mond vol.

Hij is gewoon Artistiek ruimtelijk vormgever. Hoe zou jij het
zeggen Patrick op feestjes en partijen, wat je bent?

Vormgever.

Oh ja.

Ik maak het minder artistiek verantwoordelijk.

Ja, maar je kan ook zeggen tovenaar.

Kan ook, kan ook.

Poppendokter.

Poppendokter vind ik dan weer, dan doe je transplantaties.

Je bent dus Artistiek ruimtelijk vormgever van de Efteling.
Wat houdt dat in?

Hoe lang werk je hier al? Laten we daar eens mee beginnen.

Ik werk hier nu, met mijn jaren
als vakantiewerker erbij, 33 jaar.

Hoe ben je hier begonnen?

Ik ben begonnen in de speeltuin bij een draaimolen.

Maar niet met een regenjas aan neem ik aan?

Nee, we stonden gewoon in een hokje en dan drukte je
op een knopje en dan ging dat ding draaien.

En dan stopte die en dan zei je, kom er maar uit.

Hoe oud was je toen?

Toen was ik 16.

Jeetje man.

Al 33 jaar bij dezelfde baas.

Je hebt geen zin in een horloge?

Als je dan afscheid neemt dan krijg
je toch een horloge als cadeau.

Maar goed, je bent begonnen bij de draaimolens en
nu ben je dus Artistiek ruimtelijk vormgever.

Ja, klopt.

En voor de mensen die dit woord
niet begrijpen, wat houdt het in?

Onze afdeling maakt alle decors, poppen, figuren,
beelden, de maskers voor de animatronics.

Animatronics? Wat betekent dat?

Dat zijn de bewegende poppen in het park.

En dan maak je dus de maskers?

Ja, die hebben allemaal een rubberen
masker zodat ze kunnen praten...

hun ogen kunnen knipperen,
hun nekken kunnen bewegen.

En ben jij directeur van deze afdeling?
Ben jij echt het hoofd?

Nee.

Je valt onder een ander?

Ik val onder een Team Lead.

Heb je wel een afdeling, een team?

Ja, we hebben een team van ongeveer 20 personen.

Ik zag ook twee stagiaires hè?

Ja, klopt. We hebben nu ook twee stagiaires.

Eén stagiaire was echt bezig
met een eigen project volgens mij.

Hij was een eigen stageproject aan het doen.

Waar studeerde hij of studeert hij?

Op SintLucas in Eindhoven.

Wat is dat?

Dat is een creatieve opleiding.

Jij hebt toch SintLucas in Tilburg gevolgd?

Ik heb het in Boxtel gedaan.

O, Boxtel. Ja, what's in a name.

Ja, destijds was dat nog een
opleiding tot decoratieschilder.

Oké, nou kijk waar je nu bent.

Ik ga het nog één keer zeggen,
Artistiek ruimtelijk vormgever.

Dat bedoel ik.

Maar die jongen, die stagiaire, die was met
een enorm mooi masker bezig voor zichzelf.

Hij was volgens mij echt talentvol hè?

Ja, hij is zeker talentvol.

Hij had zijn portfolio gestuurd.

En op basis daarvan dachten we,
die moeten we echt een kans geven.

In de gaten houden.

Ja, precies.

Dus als hij over 33 jaar nog hier werkt,
is hij gewoon begonnen als stagiaire bij Patrick.

Ja, precies.

En nu ben ik Artistiek ruimtelijk vormgever.

Het is de volgende generatie opleiden.

Ja, absoluut.

We gaan het zometeen hebben over
sprookjes en alles wat er mee te maken heeft.

Kevin Hassing is hier ook, hij is schrijver.

Je was acteur vroeger hè?

Ja, ik heb de toneelschool in Amsterdam gedaan.

Toen heb ik 15 jaar...

-Zwaar aan de alcohol heb je ook nog gezeten.

Ja, daarna pas.

Ja.

Niet het een komt door het ander.

Nou, het komt wel door het ander.

Ja, precies.

Dus ik ben voormalig alcoholist.

Daar wil ik het helemaal niet over hebben eigenlijk.

Nee, het mooie is dat je er
heel veel over hebt gepraat.

Je bent afgekickt en je bent sober.

En je bent kinderboekenschrijver geworden.

Nou ja, ik ben nuchter geworden.

En eigenlijk doordat ik toen pas
kon voelen wat ik echt wilde...

voelde ik ook dat ik niet meer wilde acteren.

Alleen maar dat ik ook iets anders wilde doen.

En toen kwam ik op een idee voor een
kinderboek wat ik heb gerealiseerd.

Dus eigenlijk heeft...

Hoe heet dat boek?

Mus en kapitein Kwaadbaard en De 5 slangen.

Zes jaar geleden uitgekomen.

En inmiddels heb ik twaalf boeken geschreven.

En succesvol.

Ja, ik ben heel blij en tevreden.

Er komt een mooie musical
binnenkort van mijn eerste boek.

En het gaat gewoon hartstikke goed.

Ik vind het heel leuk om te doen.

Patrick, mag ik even een een-op-een
vraagje aan Kevin stellen?

Zeker, zeker.

Kevin heeft ook meegedaan aan Expeditie Robinson.

Daar kijk jij graag naar.

Ja, daar kijk ik graag naar.

Maar ik wil...

Toen jullie dat samensmeltingsdiner hadden,
heb je toen gedronken of niet?

Nee, maar dat vond ik heel moeilijk.

Ja, raar.

Iedereen had een hekel aan jou.

Dan zou ik ook gaan drinken.

Nee, de kijker had een hekel aan mij.

Daar had alleen Twan een hekel aan mij.

Ja, oké.

Maar nee, dat was wel moeilijk hoor.

Want iedereen ging aan het bier.

En ik dacht wel, ja, dit is...

als er een moment is om een biertje te drinken...

is het wel na tweeënhalve week zonder eten.

Maar ik dacht, nee, dat ga ik niet doen.

Maar dat was mijn vraag niet.

Heb je het gedaan of niet?

Nee, ik heb het niet gedaan.

Ik heb wel heel veel chocolade gegeten.

Maar nee, dat was een mooie ervaring.

Ik heb daar een nieuw kinderboek bedacht.

Op het eiland.

Dat zou ik ook doen als je zo gehaat wordt.

De Dood van Kapitein Blauwbuik?

Het heet Ruby Crusoe...

Deel 1, Het vertrek.

Over een meisje, de dochter van Robinson,
op een onbewoond eiland.

Jij hebt het Kinderboekenweekgeschenk geschreven.

Ja, vorig jaar.

Dat was de grootste eer tot nu toe.

Dat begrijp ik.

Ik heb een heel mooi jaar gehad vorig jaar.

Mooi. We hebben je
een beetje mooi geïntroduceerd.

Dan gaan we eerst beginnen
met de eerste Efteling-ervaring.

Patrick, kun je de eerste keer
in de Efteling nog herinneren?

Niet heel specifiek.

Maar er zijn wel een aantal
momenten die in mijn hoofd zitten.

Zoals de boze wolf bij de zeven geitjes.

Die ontweek ik altijd met een grote bocht.

Omdat je er bang van was?

Ja, daar was ik echt bang van.

En het Spookslot.

Ik kan me nog heel goed herinneren...

we waren met een groepje...

Ik was een jaar of tien.

En ik dacht, daar wil ik ook
in want iedereen ging daarin.

Ik ben zeg maar tien meter binnen gegaan.

Toen werd het donker.

En toen ben ik weer zo terug...

Maar was het het Spookslot wat na de...

-Het Spookslot wat nu afgebroken is.

Nee, waar Danse Macabre staat.

Wat er voor Danse Macabre was?

Ja, klopt.

En vond je het eng om
daar gewoon doorheen te lopen?

Ja, ik vond het toch te eng.
Het was toch te spannend.

En nu heb je daar geen last meer van?

Nu heb ik daar geen last meer van.

Nu je bijna 49 bent?

Ja, nee.

Oké, mooi.

Goed om te weten.

Hij doet alles, behalve de enge dingen.

De wolf doe ik nog steeds niet, jongens.
Ik doe het niet.

Ik denk dat die enge dingen juist...

die geven wel de herinneringen.

Dus dat is wel heel mooi.

Je kan ze nu verzinnen.

Je kan ze nog enger maken.

Voor kinderen van jouw leeftijd.

Mij daar neerzetten.

Wat zeg jij?

Mij daar neerzetten.

Ja, maar dat is te veel eer.

Zo eng was je nou ook weer niet.

Kevin, wat was jouw eerste Efteling-ervaring?

Ook een enge.

De Draak in het Sprookjesbos.

Op de schatkist...

die voor mijn gevoel gigantisch was.

Heel groot.

En vuur en blazen en doen.

En ja, als je volwassen bent, dan is alles
kleiner dan dat je het als kind ziet.

Dus ik vond hem vandaag een stuk kleiner uitvallen.

Maar ik vond het doodeng.

Maar het is grappig, ik ben ook
even door het Sprookjesbos...

Als voorbereiding ga ik elke morgen, voordat we
dit doen, weer even door het Sprookjesbos...

Maar dan zie je kinderen staan bij die draak...

die hetzelfde gevoel hebben als jij.

En ik vond het Sprookjesbos echt best wel eng.

Dus ook...

Roodkapje.

Er stonden kinderen voor het raam.

En op een gegeven moment hapt hij...

En al die kinderen geschrokken.

Maar ook wel lekker geschrokken.

Zo van oh, spannend.

Maar ik weet...

in mijn gevoel is het toch allemaal enger.

De Efteling durft echt wel
wat meer op het randje te zitten.

Van spanning naar eng...

dan andere attractieparken.

Dat vind ik wel tof eraan.

Het schuwt de donkere kant niet.

Nee. En die kinderen hebben nog
geen last van alles op Instagram...

of TikTok-rijen.

Die kunnen nog echt hun
fantasie de vrije loop laten gaan.

Ja, maar ik ben ook vanmiddag
naar Magicaluna geweest.

De voorstelling in het theater.

En die is wel heel snel.

Met heel veel.

En toen zei een vriendin van mij...

Dat komt omdat kinderen
van nu dat gewoon gewend zijn.

Toch snel en veel.

Is dat zo, Patrick, dat je je aanpast
aan de huidige generatie?

Ik denk dat daar wel naar
gekeken wordt. Zeker.

Maar ik denk ook wat je zegt...

Als je naar het Sprookjesbos kijkt...

zie je dat kinderen toch
nog de tijd kunnen nemen...

voor die rustige sprookjes.

Dus dat dat ook wel een hele mooie afwisseling is.

Ja, als moeders niet teveel op de telefoon zitten...

dan hebben ze een hele mooie ervaring.

Mag ik even een persoonlijke vraag aan Patrick stellen?

Als Artistiek vormgever directeur.

Heb jij er dan ook voor gezorgd dat de
borsten van Doornroosje minder werden?

Daar heb ik mee naar gekeken, ja.

Mee naar gekeken?

Hij is niet overal bang voor.

-Hij stond er gewoon bij.

Dat was een goed verhaal.
Het waren te grote borsten.

Vertel het verhaal even.

Word je nou een beetje rood of niet?

Dat zal wel, vast en zeker.

Vertel even het verhaal.

Het verhaal is dat
Doornroosje zoals ze daar lag...

die had natuurlijk al een cupje.

Alleen dat was in de loop der
jaren een beetje verzakt.

-Dat had jij gelijk gezien.

Dat hadden wij gelijk gezien
toen we haar gingen onderhouden.

Dat is eigenlijk gewoon vervangen.

Het is helemaal niet groter
dan dat het oorspronkelijk was.

Ook op de Anton Pieck tekeningen
heeft zij gewoon een boezem.

Hij bewoog.

Ja, hij bewoog altijd al.

Ik vond die wolf niks, maar die
bewegende borsten vond ik heel eng.

Toen wist je dat je gay was?

Daar wil ik niet op ingaan.

We hebben ons geïntroduceerd.

We gaan het verder hebben over sprookjes.

De eerste scoop is dat Patrick verantwoordelijk
is voor de nieuwe cup van Doornroosje.

We gaan door.

We gaan het hebben over die
sprookjes en die verbeeldingen.

Kevin, jij bent schrijver.

Jij gaat ook vaak naar de Efteling.

Nu ook nog, nu je deze leeftijd hebt bereikt.

Jazeker.

Ik loop graag alleen een rondje
en dan doe ik een paar dingen.

Dan ga ik om te ontspannen...

maar ik kom toch wel vaak geïnspireerd terug.

Door muziek of een beeld of een sfeer.

Dat neem ik dan toch mee als ik ga schrijven.

Mijn verhalen spelen zich ook af
in een wereld wat langer geleden.

Lijkend op de onze, maar net anders.

Dus ik haal er heel veel inspiratie uit.

En ik schrijf ook heel veel van mijn boeken met
de muziek van de Efteling op de achtergrond.

Wat voor muziek dan?

De Vliegende Hollander en Baron 1898.

Die kan ik echt meezingen.

Moet ik niet doen.

En jouw partner blijft dan ook thuis?

Mijn partner wil niet mee naar de Efteling.

Hij leest ook niet.

Waarom ben ik eigenlijk met hem?

Omdat je verliefd op hem bent misschien.

Of omdat hij een mooie
boezem heeft. Ik weet het niet.

Hebben sprookjes eigenlijk een vast stramien?

Ja, in principe wel.

Een sprookje is vaak een uitdaging...

een waarschuwing...

toch doen...

en een les geleerd hebben.

Dat is een beetje wat ik heb begrepen
van de opbouw van sprookjes.

En zo werkt een kinderboek eigenlijk ook.

Maar ik denk dat het grote verschil is
met kinderboeken of literatuur van nu...

is dat het nu veel meer gaat over...

iemand wil iets heel graag.

Moet iets overwinnen.

Dus een sprookje heeft nog een educatieve vorm.

Dat moet je niet doen, pas nou toch op.

En dat lees je in kinderboeken eigenlijk niet meer terug.

Dat is te moraliserend voor nu.

Een soort levensles krijg je in een sprookje.

Ja, maar op een harde manier.

En in een modern kinderboek zou je zeggen...

meer op een opbouwende manier.

Maar een sprookje loopt altijd gelukkig af.

Nee.

Toch Patrick?

Niet altijd.

Het is net wat je gelukkig vindt.

Bijvoorbeeld bij Het Meisje met de Zwavelstokjes.

Zij overlijdt wel, maar ze is wel bij haar grootmoeder.

Ja.

Ik denk dat ze toen kinderen veel heftigere dingen
lieten meemaken in die verhalen dan nu.

Om de boodschap duidelijker te maken.

Dus nu zit er altijd wel een soort van
lichtheid in verhalen en in kinderboeken.

En de duistere kant van sprookjes...

die vind je niet meer zo snel
terug in een kinderboek van nu.

Houd jij er als kinderboekenschrijver
echt rekening mee?

Ja, ik zorg wel dat het nooit eng wordt.

Dus waar in de Efteling sommige
sprookjes echt eng worden...

Omdat een kinderboek zo
leeft in het hoofd van een kind.

Dat als het daar aan de haal gaat,
dan ben je ze gewoon kwijt.

En dan kan er iets gebeuren wat gewoon te erg is.

Maar zijn er kinderen die nu sprookjes van Grimm lezen?

Of vinden ze dat de zwavelstokjes niet meer kan?

Nou, als ik heel eerlijk ben...

denk ik dat kinderen sprookjes
zelf niet meer zo actief lezen.

Dat ze het wel voorgelezen krijgen of doorverteld.

Of hier meemaken.

Maar een origineel sprookje lezen...

dat gebeurt denk ik niet meer zo heel vaak.

Omdat gewoon de taal en de setting en...

ik denk dat er eerder een hervertelling plaatsvindt.

En dan zijn die sprookjes toch aangepast.

Er zijn toch dingen aangepast.

Roodkapje zal toch opgegeten blijven
worden door de boze wolf.

Ja, maar ik stond er net voor...

Niet dat ze naar Uber Eats gaat.

Nee, maar ik stond net bij Roodkapje.

En toen viel me wel op...

het is heel spannend.

Dus de wolf heeft oma opgegeten.

En dan eet hij Roodkapje op.

En toen zei de stem...

en hoe het afloopt, dat weten jullie wel.

Ze leefden nog lang en gelukkig.

En toen zei ik tegen mijn vriendin, maar wacht even...

Er gebeurt toch heel veel gruwelijks.

Ze snijdt zich er toch uit en er gaan stenen in.

Maar dat heb ik net niet gehoord.

Is dat om toch de hele duistere
kant een beetje af te schermen?

Ik denk het, ja.

Want die zit er dan toch wel in.

En het is dus al eng genoeg.

Om dat niet nog eens te vertellen.

En het oorspronkelijke sprookje van
Roodkapje was natuurlijk nog veel gruwelijker.

Ik ken het niet precies.

Dus de sprookjes zijn natuurlijk door de eeuwen
heen ook al minder gruwelijk geworden.

Ja, en sprookjes zijn ooit opgeschreven.

En dat is wat we hebben.

Maar ze zijn daarvoor al heel veel doorverteld.

Verteld, ja.

Dus mond tot mond, mond tot mond.

En toen ging iemand het eens opschrijven.

En Andersen en Grimm gingen het opschrijven.

Toen werd het die versie.

Maar die heeft ook niet stilgezeten.

Dus een sprookje anno nu. Een Disney-sprookje...

is natuurlijk een totaal andere versie
dan die van 300 jaar geleden.

Elk sprookje heeft een boos iemand.

Althans, bij mijn weten.

Ja, of ongeluk.

Of pech.

Of een noodlottig iets.

Maar er zit altijd slecht en goed in.

Ja, dat wel.

En waarom hebben wij die sprookjes eigenlijk nodig?

Want je kunt Harry Potter
eigenlijk ook een sprookje noemen.

Dus wij hebben altijd die sprookjes nodig.

Waarom denk je dat dat is, Kevin?

Omdat je als volwassene, wil je denk ik...

je kinderen iets meegeven op een
manier die interessant is voor ze.

Dus een levensles of verbeelding.

Want sprookjes draaien ook om entertainment...

en de kracht van de verbeelding.

En ik denk dat het fijne verhalen
zijn om aan kinderen te vertellen...

om ze iets mee te geven wat visueler is.

Actiever in het hoofd dan alleen maar...

je mag dat niet doen.

Dus een verhaal om iets verzinnen...

maakt het altijd tastbaarder en meer inlevend.

Dus ik denk dat het daar ooit mee begonnen is.

En wat zegt dat over ons, als mens?

Dat we een hele goede kant hebben.

Maar ook een hele zwarte kant.

Ja, ik weet er ook alles van.

Ja, Expeditie Robinson,
aflevering 2 tot en met aflevering 33.

Nee, het begint bij 8.

Daar komt de zwarte kant.

Wat is jouw lievelingssprookje, Kevin?

De Kleine Zeemeermin.

Maar dat komt omdat ik als klein jochie...

dus dat zag, en ik zag Ariël kussen met de prins.

Toen dacht ik, oh.

En waar zag je dat?

Was het dan een Disney-film?

Ja, het laatste shot is dat ze kussen.

Echt die monden helemaal over elkaar.

Ik dacht alleen maar, ik wil niet de prins zijn...

ik wil Ariël zijn.

Ook een soort bewustwording dus.

Ja, klopt.

En in een van mijn laatste boeken zit...

het hele sprookje van de Kleine Zeemeermin...

verwerkt als een soort theaterscript.

Dus ik ben er opnieuw
ingedoken en erachter gekomen...

dat het best wel heel gruwelijk was.

En ook daar heb ik weer een vorm voor gevonden...

dat ik dat niet een op een vertel, want dat is gewoon...

benen afsnijden.

Te heftig, maar de essentie van het verhaal...

is nog steeds nieuwsgierigheid en spijt.

Dat zijn toch twee thema's...

die veel voorkomen in sprookjes.

Zeker liefde, ja.

Wat is jouw lievelingssprookje, Patrick?

Het Meisje met de Zwavelstokjes vind ik
toch wel een heel mooi verhaal.

En ook omdat ik dat hier...

zelf heel mooi heb mogen bouwen.

Dat is wel echt vet natuurlijk.

Was het ook al je lievelingssprookje voordat je...

het mocht maken?

Ik denk het niet helemaal, nee.

Maar door het te maken,
ga je je er wel in verdiepen...

en komt het wel meer...

Laten we die zwavelstokjes...

nou eens pakken, want jij bent hier werkzaam.

Je bent creatief decorateur of vormgever.

Dus de zwavelstokjes...

Wat was het? Wat heb je eraan veranderd?
Of heb je het helemaal gemaakt?

We hebben het helemaal gemaakt.

Dus er komt een opdracht.
Lees je dan eerst het sprookje heel goed?

Dan lees je ook zeker het sprookje.

En er komen ontwerpen vanuit het ontwerpteam.

En dan gaan we met elkaar...

nadenken hoe we het gaan bouwen.

Wat is dan bijvoorbeeld de essentie van...

wat je gaat bouwen?

Wat moet de essentie zijn van
Het Meisje met de Zwavelstokjes?

Hier draaide het veel om de techniek.

Door middel van projectie
wilden we het verhaal vertellen.

In een echt decor.

Dus ik denk dat daar de essentie lag voor ons.

Er zit een soort folie in als projectiescherm.

Hoe gaan we dat in dat
decor verwerken, zodat niemand het ziet?

En dat je dus echt helemaal...

in dat decor bent.

En je kiest een heel duidelijk beeld uit.

Van deze scène willen we vertellen.

Ja, dat doen de ontwerpers.

Die lezen het sprookje en kiezen
een scène die ze willen vertellen.

En die krijg jij dan aangeleverd.

Jullie kijken technisch...

visueel, hoe geven we dat vorm.

Want dat lijkt me nogal belangrijk.
Dat je de juiste scène kiest.

Dus dat spreekt natuurlijk voor zich.

Dat je Doornroosje in die kist...

Maar het had ook een andere scène kunnen zijn.

Wat had het dan kunnen zijn?

Dat ze nog wel leefde.

Of net daarna, snap je?

De meest dramatische scène, kan je het zo zien?
Dat die dan wordt gepakt?

Ja.

Welke scène zien wij bij de zwavelstokjes?

We zien eigenlijk bijna het hele verhaal.

We zien haar al buiten zitten in
een armoedig winterlandschap.

Is ze al heel arm en moet
ze haar zwavelstokjes verkopen.

Dus we zien haar als animatronic, als pop.

Zij steekt die zwavelstokjes aan en daarmee
verschijnt er een visioen voor haar.

En uiteindelijk, waarom sterft ze eigenlijk?
Het werd te koud geloof ik, hè?

Het was te koud, ja.

En alle zwavelstokjes waren op.
Ze kon zich ook nergens meer aan warmen.

En dan krijg je dat beeld.
Dus je moet het hele verhaal vertellen.

Maar ze zit dan buiten in een mistroostige omgeving.

Ja, in een winters landschap.

Dus dan ga je kijken, hoe gaan we dat decor bouwen?

Gaan we dat met echte stenen metselen?

Of gaan we het van piepschuim maken?

Hoe gaan we de sneeuw maken?

En dan vergader je daarover.

Om half tien begin je gewoon
met punt één op de agenda.

Hoe ziet de sneeuw van de zwavelstokjes eruit?

Ja, dat kan inderdaad zo zijn.

Koffie. Hoe gaan we die sneeuw maken?

Broodje en dan...

Hoe lang ben je daarmee bezig geweest dan?

Ik denk dat we daar zeker een
jaar mee bezig zijn geweest.

En hoe lang is het nu al open?
Hoe lang is het nu al te zien?

Ja, wanneer is dat geopend? 2015 ofzo?
Nee, eerder denk ik, 2011.

Ja goed, 15 jaar geleden heb je dat gebouwd.

Als je langs loopt, wat voel je dan?

Ja, dan voel je wel trots .

Dat je denkt, ah ja, dat
hebben we toen wel leuk gemaakt.

En ook, wat daar heel goed gelukt is,
is het samenspel tussen het decor en de muziek.

En het verhaal.

En dat je mensen met een traan in
hun ogen die attractie ziet verlaten.

Dan denk je, ah ja, dat hebben we voor elkaar.

Goed is dat, hè?

Kan je je nog verliezen in het verhaal,
of kijk je heel technisch?

Oh, hij loopt wat stroever.

Nee, ik kan me daar ook
wel verliezen in het verhaal.

Via de blik van de kijker?

Ja, daar zit muziek bij die zo...

-Ja, dat is prachtig.

En kijk je dan ook naar de kinderen?

Nou ja, ik kijk zeker hoe die reacties zijn.

Het is best wel grappig dat
je naar een pretpark gaat...

en daar naar een verhaal staat
te kijken waar iemand overlijdt.

Een heel treurig verhaal...

waar je ook de schoonheid van kunt zien.

Alle kinderen die langslopen,
moeten dan toch het sprookje...

de zwavelstokjes, moeten ze dan toch kennen?

Nee, in dat geval niet.

Want het hele verhaal wordt heel bondig verteld.

Bij Roodkapje is het een scène, en de rest
kan je gaan lezen als je wilt.

Dus het verschilt per sprookje.

Krijg je een beeld, letterlijk en figuurlijk...

of krijg je het hele verhaal mee.

Maar het is natuurlijk helemaal niet erg om...

Kijk, ik vergelijk het een beetje met...

ik schrijf een heel boek.
Daar ben ik ook een jaar mee bezig.

En iemand maakt dan van het mooiste beeld een omslag.

En daar moet je op aangesproken worden.

Dat je hem ziet liggen en denkt
wauw, dit lijkt me fantastisch.

Maar het moet niet het hele verhaal weggeven.

Want je wil het boek nog lezen.

En bij zo'n sprookje kan ik me ook voorstellen...

dat sommige sprookjes in het
Sprookjesbos gewoon een mooie scène zijn...

die nieuwsgierig maakt naar het hele verhaal.

Eigenlijk zijn wij de illustratie uit het sprookjesboek.

Juist.

Maar hoe belangrijk is Anton Pieck?

Want Anton Pieck heeft de sprookjes natuurlijk gecreëerd.

Hoe belangrijk is Anton Pieck
nog voor jullie als vormgevers?

Hij is nog erg belangrijk.
Daar wordt echt nog naar gerefereerd.

We hebben hier een heel
groot archief met al zijn tekeningen.

En daar gaan we regelmatig kijken...

of iets aansluit bij wat
Anton Pieck in gedachten had.

Is het nog steeds...

want jullie gaan nu de
Sprookjesbibliotheek maken, hè?

Wordt Anton Pieck dan ook nog steeds gebruikt?

Daar zitten zeker heel veel kenmerken in die
Anton Pieck in zijn illustraties gebruikt.

En wat zijn dan de kenmerken? Kun je die noemen?

Het ziet er altijd een beetje oud en vervallen uit.

Dat is een van de...

Een scheur in de muren.
-Een scheur in de muren.

Ja, dat soort dingetjes.

De manier van schilderen.

De kleuren zijn altijd wat gedempt.

Dus de Sprookjesbibliotheek, waar we
zometeen nog over gaan hebben...

omdat we natuurlijk proberen scoops te halen...

Dat we weten wat er uiteindelijk gaat gebeuren.

Maar dan zijn de scheuren al een feit.

Het wordt natuurlijk weer een muur met scheuren.

Ja, dat is meestal wel een voorwaarde.

Kun je dat ook een Efteling-stijl noemen?

Ja, zeker.

Kun je nog meer dingen noemen
die echt een Efteling-stijl zijn?

Kromme lijnen.

Wat is kromme lijnen?

Als we ergens een balk in hebben, is
deze meestal niet heel mooi strak recht.

Maar meestal een beetje doorgezakt.

Is er nou wel eens iemand geweest
die hier kwam werken...

en die rechte balken maakte en dat je hem uitlachte?

Je moet dat wel even leren.

Je hebt kromme lijnen en je hebt Raveleijnen.

Ja, precies.

Vooral metselaars vinden het heel
moeilijk om kromme muurtjes te metselen.

Ja, dat kan ik me voorstellen.

En wat zijn nog meer Efteling-stijlen?

Nou ja, wat ik zei.

De manier waarop wij dingen kleur geven.

Dat is altijd...

Het is donkerder.

Is het wat donkerder?
- Het is donker, vergrijsder.

Het is meestal geen felrood,
maar meer een beetje Engels rood.

Dat is net wat zwakker.

En we poetsen dingen ook in met olieverf...

zodat het in de randjes vaak wat viezig lijkt.

En dan dus zoeken naar wanneer is het echt vies...

of wanneer is het echt nog mooi.

En woon je thuis smetteloos wit?

Thuis is het geen Efteling.

Plavuizen.

Ja, precies.

Rechte lijnen.

Rechte lijnen, ja.

Nou, dat ook niet, maar het is ook geen Efteling.

Nee, nee.

Ik vind de zeven geitjes...

dat is volgens mijn favoriete sprookje.

Die klok. Ja, dat is ook mooi.

Hoe krijg je zeven geitjes in een klok?

Ja, daar zit er eentje in.

Ja, daar zit er eentje in, ja.

Maar goed, er zijn er uiteindelijk zeven.

Die sprookjes, want je had het nu net over...

de sprookjes zijn eigenlijk harder
dan we nu eigenlijk leven.

Dus je hebt net al een beetje aangegeven...

met je boek houd je er ook wel rekening mee?

Ja, enorm.

En de laatste...

Sinds ik begonnen met schrijven...

en dat is nu nog maar zes jaar geleden...

toen was er natuurlijk al de wokestroming...

zorgt ook voor heel veel nieuwe denkbeelden over...

wat je aan kinderen vertelt.

Niet alleen over hoe mensen eruitzien...

hoe je dat omschrijft, maar ook gewoon...

Welke boodschap geef je ze mee?

En kan dit allemaal wel?

En dat is natuurlijk enorm in ontwikkeling.

Dus verhalen vertellen die voor
kinderen van nu relevant zijn...

zijn anders dan dertig jaar geleden.

Dus daar ben je constant mee bezig.

Maar je wil ook de spanningsboog hoog houden.

Dus het is een heel moeilijk veld waar je in zit.

Dus de concentratie is slechter.

Ze willen sneller iets ervaren, voelen, prikkels.

Maar je wil ook een verhaal vertellen...

en je wil ook spanning.

Ik vind het wel een moeilijk vlak
af en toe om me op te begeven.

Is dit dan te eng of kan dit wel?

Maar ja, mensen die dan meelezen of meekijken...

die hebben er vaak ook een betere mening over dan ik.

Ik zit er dan te diep in.

Maar daar ben je constant mee bezig.

Ik vraag me wel eens af...

want wij zijn altijd bezig met de tijdgeest.

En als we dan bijvoorbeeld...

nu is er een recentelijk een
serie Rust en Vreugd, geloof ik.

Dat gaat over een tuincentrum met Annet Malherbe.

Er gebeurt eigenlijk niet zoveel.
Ja, wel intriges.

Maar het is eigenlijk heel rustig kijken.

En je hebt het zo naar je zin.

Dan is misschien een heel mooi boek maken...

waar eigenlijk niet zoveel gebeurt...

Het zou misschien een enorme hit kunnen worden.

Ik weet niet of dat voor kinderen werkt.

Dat weet ik dus ook niet.

Nee, ik vrees dus een beetje...

dat je kinderen anders moet
prikkelen dan volwassenen.

Maar als kinderen al zo geprikkeld, getiktokt...

door het leven gaan, is dat misschien wel...

Je moet ze juist, zeker door voor te lezen...

moet je ze laten onthaasten.

Je moet hun verbeelding laten werken.

En tot rust komen met een verhaal.

Daar geloof ik nog steeds in.

Ik geloof alleen wel dat, dramaturgisch gezien...

dat de dingen zich sneller moeten opvolgen...

dan 300 jaar geleden.

Dus je kan niet een pagina lang een bos beschrijven.

Dan haken ze gewoon af. Dat wel.

Maar toch, als ze bij die sprookjes staan...

kunnen ze daar heel lang kijken...

naar zeven geitjes die aan het Ganzenborden zijn.

Er is heel veel te zien.

Dus eigenlijk, als een kind moet lezen...

dan moet hij zich het allemaal voorstellen.

Dat kost meer energie en meer tijd.

Daar moet een kind wel zin in hebben.

Maar gewoon zien, dan wordt het al gemaakt.

Dus de kracht van een boek is dat je het zelf ziet...

maar dat is ook de zwakte ervan.

Want het moet dus dan wel zo goed en
prikkelend geschreven worden...

dat het gezien wordt en dat iemand er wil blijven.

Maar bij jullie is het al zo met fantasie vormgegeven...

dat je er alleen maar kan zijn.
Je hoeft er alleen maar te zijn.

Je hoeft er niet te hard voor te werken.

Maar is die verbeelding bij jullie
ook veranderd de laatste tijd?

Want kinderen worden natuurlijk ongeduldiger.

Ik begreep iets van Langnek.

Heb je Langnek nog aangepast?

Ja, dat is meer esthetisch aangepast.

De eerste Langnek...

Langnek is dus Langnek, die gaat met de nek omhoog.

En volgens mij heb ik dat ook nog in
de eerste aflevering gezegd...

dat als je dan uit de Efteling ging...

keek je even of je Langnek nog kon zien.

Maar door de bebossing met dank aan Mario...

zie je heel die Langnek niet meer.

Mario spraken we vorige week,
hij is verantwoordelijk voor de bossen.

Het is allemaal boven het hoofd van Langnek.

In de loop der jaren is hij ook langer gemaakt.

Mag ik één woord zeggen?

Snoeien!

Snoeien om te groeien.

Wij hebben Langnek.

Die was minder vriendelijk.

Ja, hij was wat minder vriendelijk.

En hij was wat primitiever.

In de jaren 50 waren de
technieken nog heel anders dan nu.

Dus in de loop der jaren is zijn hoofd vervangen.

Door een betere versie.

Maar het is nog steeds Langnek.

Ik zat te denken aan het Sprookjesbos.

Het ziet er heel mooi uit
en stevig, maar het is ook kwetsbaar.

Het is heel kwetsbaar.

Zo'n Langnek staat in weer en wind.

Dat kan hij dus aan.

Alle sprookjes kunnen alle weersomstandigheden aan?

Ja, in principe wel.

We hebben wel heel veel onderhoud.

Dus om de zoveel jaar gaat Langnek eruit.

Helemaal eruit?

Ja, een deel naar binnen en een deel blijft daar.

En dat gaan we dan opnieuw decoreren.

En verven en doen.

Is de Efteling het hele jaar open?

We zijn het hele jaar open.

Vroeger niet?

Vroeger waren we in de winter gesloten.

Deed je er dan, net als bij onze
meubels, een kapje overheen?

Alle figuren werden onder de overkapping gezet.

Gezellig ook.

Ja, heel gezellig.

Dat was een hele leuke tijd.

Maar er zijn ook dingen die worden weer vernieuwd.

Zoals het huisje van Hans en Grietje.

Ja, dat was in zo'n slechte staat.

Dat hebben we helemaal 3D ingescand.

En op basis van die scans hebben
we het helemaal opnieuw opgebouwd.

Zodat het eigenlijk gewoon weer
hetzelfde eruitziet als dat het was.

En er is niemand die dan denkt,
we zullen één kleine verandering aanbrengen?

Nou ja, je gaat altijd kijken wat beter kan.

Dus nu zijn de dakpannetjes net iets anders.
Of het zijn pannenkoeken.

Waardoor het beter weersbestendig is.

En ik begreep dat Roodkapje heeft twee grote...

Je hebt Roodkapje zelf en de grote boze Wolf.

Ja.

Zijn die ook steeds vernieuwd?

Nou, toen de Efteling openging was er
alleen een beeldje van Roodkapje.

En een beeldje van de Wolf.
En die stonden ergens midden in het bos.

En later is daar een heel huisje bij gekomen.

En het huidige verhaal zeg maar.

Maar ook dat huisje is
ondertussen al een keer vernieuwd.

Ja, zo blijf je lekker bezig hè?

Leuk hè?

Zo houd je die 33 jaar wel vol.

We gaan naar Sprookjespost.

Ik heb natuurlijk vragen voor onze gasten.

Maar er zijn ook heel veel mensen die luisteren.

En die hebben heel veel vragen.

Die kun je gelukkig mailen.

Ik heb vorige keer een paar mensen genoemd.

Maar nu gaan we gewoon de top vijf
doen van de meest gestelde vragen...

als het gaat over sprookjes.

Op nummer vijf.

Die ga ik aan Kevin stellen.

Misschien weet Patrick het antwoord wel.

Wat denk jij dat de bewoners
van het Sprookjesbos doen...

als de poorten van het park sluiten?

Langnek gaat langs Doornroosje denk ik.

Even kijken of het daar...

Of het nog altijd goed zit.

Of de föhn erop moet.

Nee, ik denk...

als ik schrijver zou zijn...

-Dat is Toy Story, hè?

Ja, dat is Toy Story.

Het komt tot leven dus.

En dan denk ik dat ze met elkaar vergaderen...

in het grootste huis.

En dat is misschien wel Doornroosje.

Ja, dan komen ze samen
en gaan ze de dag doornemen.

Ik wil even zeggen tegen jou Fakir...

normaal gesproken ga je
dertien keer heen en weer...

deze keer was het twaalf keer.
Waar was je?

Ze gaan een quality check doen.

En dan gaan ze ook met elkaar bespreken...

welke sprookjes vandaag niet zijn bezocht of minder.

En dan zorgt de rest voor....

dan moeten wij wat minder ons best doen.

Accent op de kabouters leggen.

Het is een democratie, een soort nachtelijke
vergadering. Dat is het hè?

Heb jij weleens alleen door de Efteling gelopen?

Of met een heel klein...

Zeker, zeker.

Dus ook in die wintermaanden, toen het nog dicht was.

Dat lijkt me fantastisch.

Ja, dat maakt het wel allemaal weer net iets magischer.

Ik heb hier met de Streamers een concert mogen geven.

Toen mochten we ook in de middle of nowhere...

Er was niemand, behalve op één
plek waar 160.000 man stonden.

Maar ernaartoe lopen was zo magisch.

En dan denk je inderdaad...

Ik zou willen dat er iemand op me afkwam...

zo'n kabouter.

Ben jij Paul de Leeuw?

Ik ben een eekhoorn uit Leeuwarden.

Daarover meer in de vorige podcast.

Op nummer 4.

Wat zorgt voor de lekkere vanillegeur
rond het huisje van de heks van Hans en Grietje?

Dat hebben 14 mensen gevraagd.

Zo.

Dat is natuurlijk de vanilletaart.

Maar...

Ja, je kan me wel aankijken
maar ik ben niet gek.

Ik heb wel mavo, maar ik heb havo overigens.

Ergens in die taart zit natuurlijk een geur.

Er zit een aromaverstuiver in.

Net als een wc-spray.

Ja, daar zit iemand de hele tijd...

Er zit dus inderdaad een apparaat in...

dat die geur verspreidt.

Het kan zo simpel zijn.

Het is eigenlijk helemaal niet leuk om te weten.

Dat is wel waar. Je blijft er
toch even staan om te ruiken.

Zijn er nog meer geuren in het park?

Ja, in Fata Morgana
daar zitten veel geuren.

We hebben zelfs een
potgrondgeur in de jungle.

Dat zorgt dan voor een echte grondlucht.

En in De Vliegende Hollander niet, hè?

In De Vliegende Hollander
hebben we ook geuren zitten.

Diarree. Uit angst.

Scheurbuikgeur.

Nee, daar rook ik bij de eerste scène...

In het water ruik je een
soort ondefinieerbare geur.

Zeelucht, denk ik dan.

Ja, dat was mijn vriendin waarschijnlijk.

Ik denk dat het ook de frisheid is...

van het water waar je in komt.

Water heeft sowieso een geur.
Er zit geen chloor in, denk ik. Dan ruik je dan weer.

Nee, het is het effect.

Je krijgt een soort bries over je heen.

Alsof het licht is.

Dat is heel grappig.

Zo'n plantenspuitgevoel heb je echt.
Dat over je heen komt.

Op nummer drie.

Heel veel mensen hebben dat gevraagd.

Welk sprookje was het moeilijkst
om te maken? En waarom?

Ik denk dat dat de Sprookjesboom was.

Voor mijzelf dan.

Daar zit een enorm groot gezicht
in dat helemaal kan bewegen.

Dat was een heel groot uitdenkwerk...

van hoe gaan we die maskers maken.

Het deel van zijn mond bijvoorbeeld
dat weegt al 25 kilo aan rubber.

Er was wel superveel technisch denkwerk
hoe we dat voor elkaar gingen krijgen.

En wat is dan het technische denkwerk?
Om die mond te laten bewegen?

Om die mond te laten bewegen, ja.

En dan heb je uiteindelijk
de mond aan het bewegen...

maar dan moet hij niet in
de mondhoeken gaan scheuren, bijvoorbeeld.

Wordt hij helemaal doorgetest?

Dat hij dan dagen aan het praten is...

om te kijken hoe dat rubber houdt?

Dan gaat hij van binnen naar buiten.

Dan krijg je andere weersomstandigheden.

Welke sprookjes...

Dat was dus nummer twee.

Daarna heb ik de meest gestelde
vraag als het over sprookjes gaat.

Welk sprookje heeft het vaakst onderhoud nodig?

En waarom?

P.S. Sla Doornroosje over.

Het meeste weet ik zo niet precies.

Maar er zijn een aantal sprookjes die veel...

problemen hebben. Of althans...

-Onderhoudsproblemen.

Precies. Zoals de Sprookjesboom.
Die mond regelmatig vervangen worden.

Repelsteeltje ook.
Die praat de hele dag heel veel.

Niemand weet, niemand weet, dat ik Repelsteeltje heet.

En dan moet die stem veranderd worden?

Nee, dan werkt het
mondmechanisme niet meer goed.

Dus dan hangt hij met zijn mond open.

En dan moet er dus snel een poppendokter naartoe.

En moet die mond dan
weer gewoon hersteld worden?

Alsof ze een TIA'tje heeft gehad.

Ja, precies.

Oke.

Wordt er elke dag gekeken of alles het doet?

Ja, er loopt elke ochtend
iemand een rondje om te kijken...

waar de storingen zijn.

En als een Sprookjesbosbewoner
een mankement heeft...

dan wordt die gesloten?

Nou, dat ligt er dan een beetje aan.

We gingen het mondje even doen.

Dan wordt er gelijk gehandeld?

Ja, daar wordt een melding van gemaakt.

En dan gaat een monteur dat repareren.

Ik heb echt een kindertrauma gehad.

Ik denk nog een pre-puber of adolescenten trauma.

De Indische Waterlelies is gewoon mijn aorta.

Als ik hier in de buurt zou zijn, zou ik echt...

Als ik depressief zou zijn, wat ik niet vaak ben...

dan kan ik twee uur bij de Indische Waterlelies zitten.

Drie van de lelies deden het niet.

Oh, dat is te veel.

Gelijk EMDR gehad.

Nou, dat niet.

Waarom trekt dat sprookje jou zo aan?

Als je gaat, is dat verwachtingspatroon heel groot.

En als er dan...

Kijk, als eentje het niet doet...

Nu ook weer.
Als ik hier ben, mag ik er naartoe.

Ik word ook niet voorgetrokken. Ik moet
gewoon wachten in de rij. Dat vind ik heel goed.

Maar dan heb ik toch...

Ik hoop toch dat ze het dan allemaal doen.

Wat trekt jou zo aan in dat verhaal?

Ja, dat weet ik niet. Ik was ook wel
fan van Koningin Fabiola.

Ik vind het gewoon... die heks gaat zingen...

dan komen eerst drie kikkers.

Dan gaan die waterlelies open.
Die gaan dan dansen.

Die kikkers zijn dan lekker bezig.

En dan komen er nog drie ganzen.
Die maken het helemaal af.

En dan hoor je POM!
En dan moet je naar buiten.

Ik vind dat die heks wat minder goed zingt.

Dat is een beetje alsof... Daar mag AI wel even overheen.

Maar ik vind het nog steeds een indrukwekkend ding.

Terwijl ik denk: waar kijk ik naar?

Maar dat is begonnen in je kindertijd?

Ja, ik wilde ook steeds terug.

Ik ging als enige. We gingen naar de uitgang....

en dan vroeg ik of ik nog één
keer terug mocht. En dan ging ik weer terug.

Je kon ernaar blijven kijken.

Dat mag nog steeds. Dat is helemaal
niet zo streng geregeld.

Ik wilde wel vier of vijf keer achter elkaar.

Mijn moeder werd gek. Die wilde dan iets anders.

Ik wilde nog naar de Indische Waterlelies.

Ik was heel dominant in mijn jeugd.

Nou, niet alleen in je jeugd.

Dit is een inkoppertje.

Maar dat wordt dan wel...

Dus die Indische Waterlelies
worden dan toch elke dag gecheckt?

Gecheckt, ja.

Hoe kan het nou dat drie lelies het niet deden?

Ik zou het niet weten.

Nee, ik begrijp het ook niet.

Het is ook geen oorlogstribunaal.

Het is gewoon verwondering.

Op 24 augustus 2021.

Dit is echt langer geleden.

En dan de meest gestelde vraag.

En die ligt ook wel voor de hand.

Maar ik vind hem wel heel erg leuk.

Die is 126 keer...

Deze vraag is 126 keer gesteld.

Waarvoor jullie dank.

Wat is het oudste sprookje in het Sprookjesbos?

Toen de Efteling openging in 1952...

waren er tien sprookjes.

Dus het zijn tien oudste sprookjes...

waaronder De rode Schoentjes.

Ja.

Wieteke van Dort heeft dat toch ingesproken?

-Dat heeft zij ingesproken, ja.

Dan keek je naar een plateau
van hoekjes en blokjes.

En dan waren er twee schoentjes.

Die gingen hakje omhoog, hakje omlaag.

En daar keek je dan naar.

En die draaien een rondje.

Ja, mijn moeder keek dan.
Ik zat gewoon bij de Indische Waterlelies.

Ze kon er gewoon drie kwartier naar kijken...

omdat ik maar niet kwam.

Maar zo mooi dat dat nu nog steeds...

dat daar kinderen naar staan te kijken.

Maar ook de put.

De put van Vrouw Holle.

Dan moet je zorgen dat je er niet invalt.

En als je goed kijkt...

dan kun je het hele sprookje zien.

Dat is echt fantastisch.

En zijn het nog precies zoals vroeger?
Met de originele materialen?

Alles is inmiddels wel vervangen, denk ik.

Ja, alles is wel vervangen.

We gaan even verder over de sprookjes.

De vormgeving van sprookjes.
We hebben het er net al over gehad.

Het wordt eerst ontworpen en
jullie moeten het dan maken.

Waar begin je dan?

Begin je dan met een...

Er ligt een tekening.

En hoe gaat het dan verder?

Als ik bijvoorbeeld een
kop ga maken van iemand...

dan begin ik met een statief van metaal.

Daar ga ik klei op slaan.

Echt ouderwetse klei?

Echt ouderwetse klei.

Ik ga ook langzaam een
beetje over naar 3D-modeling.

Maar ook nog heel veel in klei.

En dan ga je duwen, trekken, smeren...

totdat het gezicht erin komt.

En ondertussen komt
de ontwerper regelmatig langs.

En dan zijn we in overleg.

Neus groter, neus kleiner.

En als het kleimodel klaar is maken we
daar een mal overheen van siliconen.

Of een harde mal.

En daarin kunnen we dan...

-Wat is een harde mal?

Ja, dan maak je een mal van polyester of epoxy.

En daar kun je een siliconen product uithalen.

En dan heb je een bewegend masker.

Je liet mij ook verschillende...

Ik mocht even in je werkplaats komen.

Je liet me verschillende maskers zien.

Wat is dan het meest soepele wat je had?

Dat is siliconen.

En ook het verschil in haar liet je mij zien.
Per haartje ingeplant.

Ja, we hebben maskers waar de haartjes
echt één voor één ingeprikt zijn...

met een prikkertje.

En we hebben ook maskers waar pruiken of
haarwerken speciaal voor geknoopt worden.

Die daarop aangebracht worden.

En wanneer kies je dan voor haartje voor
haartje of het hele pruikwerk?

Ja, dat is afhankelijk van
waar dat figuur komt te staan.

Hoeveel dat hij te lijden heeft.

Oh, ik dacht ook met emotie...

Oh, te lijden heeft door weer en wind bedoel je?

Ja, ja.

Heeft het ook niet met emotie te maken?

Hoe krijg je nou emotie in die beelden?

Ja, dat is iets...

Je bent er heel lang mee bezig.

Dus je wordt een beetje één met het figuur.

Je neemt het nooit mee naar huis, neem ik aan.

Je ligt niet in bed met een masker van polyester.

Nee, nee, nee.

-Nee, heel goed. Dat kan.

Ja, dat kan.

Dan wil je de flow niet laten stoppen.

Nee, precies. Ja, dat zou kunnen.

Gebruik je je eigen mimiek in de spiegel?

Ja, zeker.

Ik kijk in de spiegel.

Als ik dieren maak, maak ik zelfs
weleens geluidjes tijdens het werk.

Oh ja?

Heb je een relatie?

Ja.

Oké, prima, dan weten we dat.

-Hij had een relatie.

Maar je maakt geluidjes van die dieren?

En dan zit je gewoon te werken.

En dan word je een beetje dat beest.

Ja, ja.

Oh ja.

Dan leef je je in, in wat je aan het maken bent.

Ja, natuurlijk.

Terwijl je aan het maken bent...

leef je je gewoon in.

Het is natuurlijk niet dat ik de
hele tijd als ik een ezel maak...

ie-aa roep.

Nou, dat was de volgende vraag.
Doe je dat de hele tijd?

Komt er dan iets uit je reet?

Dat is die gouden ezel.

Maar heb jij dat ook, als jij boeken schrijft,
dat je praat in het karakter?

Ja, ja, ja.

Omdat ik acteur ben, ben ik denk ik goed
in het mensen met elkaar laten spreken.

Omdat ik dat gewoon gespeeld heb.

Dus ik weet hoe iemand praat.

En ik lees het ook voor.

En ik zeg het ook.

Maar ik moet in mijn hoofd ook daar zijn.

Daarom die muziek op de achtergrond.

Ik moet in die kroeg zijn.

Ik moet op dat schip zijn.

Dan kan ik het allemaal opschrijven.

En als ik dat niet ben, is het gewoon werk.

Dat heb jij waarschijnlijk ook zo.

Dan doe je gewoon je werk.

Dan maak je het mooi.

Maar als je er bent met diegene gaat het leven.

En krijgt het bezieling.

Ja. En dat verschil is echt.

Het kan met de dag verschillen of ik het wel of niet voel.

En hoe visualiseer je dat dan?

Je zei net, er komt een musical...

Ben je ook al bezig met het maken van het boek?

Hoe ze eruitzien? Het beeld?

Ja, in mijn hoofd wel.

Maar dat beeld moet zo vrij zijn dat ik dat
niet allemaal woordelijk opschrijf.

Jullie moeten natuurlijk heel goed weten,
die muur is bruin...

Ik niet.

Want ik wil dat een kind zijn eigen ruimte maakt.

Dus ik moet het wel een beetje zien...

maar ik voel het vooral.

De sfeer.

Maar ik schrijf niet op, hij heeft een
rode trui aan en hij een blauwe broek.

Want dat vind ik niet relevant.

En dat mag je in je hoofd ook anders maken.

Maar voor jullie is dat juist waar de sfeer in zit.

En ik moet het juist andersom doen.

Dus ik moet weinig taal gebruiken om
een sfeer neer te zetten.

Jullie moeten beelden gebruiken om
dezelfde sfeer te creëren, denk ik.

Je hebt twaalf boeken geschreven.

Heb je altijd dezelfde illustrator gebruikt?

Nee, voor elke serie een ander.

En die leest dan mijn boek.

En die kijkt, wat vind ik een mooie scène?

Meestal zeg ik, ik vind deze scène heel mooi.

Kan je die illustreren?

Dan maakt hij een schets.

En daar kunnen we dan van alles over zeggen.

De meesten schilderen echt nog,
op de ouderwetse manier.

Eentje werkt digitaal, dus die
kan heel snel dingen veranderen...

maar die schilders niet.

Dus die maken dan een schilderij.

En dan komt dat binnen en dan
hoop je dat dat is wat je verwacht.

Meestal is dat wel zo. En soms niet.

En dat is heel pijnlijk.

Want dan vraag je iemand,
het hele schilderij weg te gooien...

en weer opnieuw te beginnen.

Heb je dat weleens gezegd?

Ja, dat heb ik weleens gedaan.

En heb je daar nog contact mee?

Bij Expeditie Robinson?

Mijn uitgever doet dat gelukkig.

Ik hoef dat niet zelf te doen.

Ik geef het wel door.

Maar het is zo belangrijk dat
het omslag past bij je verhaal.

Dat het klopt.

Dat het goed voelt.

Want dat is wat je ziet.

Op basis hiervan ga je er wel of niet in investeren.

Kan je soms ook verrast worden?

Dat iemand iets maakt waar je nooit aan hebt gedacht?

Ja.

Nou, bij mijn laatste boek niet.

Want toen wilde ik heel duidelijk...

een eiland in de verte, een meisje op een rots...

die kleuren...

-Als cover.

Ja.

Toen was ik zo specifiek...

dat het nog steeds prachtig was.

Maar het was precies wat ik wilde.

En soms is het anders dan ik had gedacht...

en ook dus vaak mooier.

Want ik denk dus niet zo visueel.

Ik denk in een sfeer en een verhaal.

Een illustrator denkt alleen maar in kleuren en vormen.

En zo denk ik niet.

Nee.

Patrick, jij maakt dan een ontwerp
naar aanleiding van een ontwerper.

Maar moet je je daar altijd...

aan houden of heb je ook een soort vrijheid?

Nee, ik heb daar wel vrijheid in.

Hoe gaat dat dan?

Van sommige ontwerpers
krijg ik gewoon een krabbeltje...

met een sfeer...

en eventueel wat referentiebeelden erbij.

En dan ga ik aan de slag.

En na een bepaald moment denk ik...

oh, dit is wat ik denk dat de ontwerper wil.

Dan gaan we in overleg.

En dan komen we tot een eindresultaat.

Ben je ook weleens keihard tot de orde geroepen?

Patrick, houd je nu gewoon aan de feiten.

Nee, niet zo.

Houd eens op met geluiden maken.

Ja, precies.

Je bent geen ezel.

Maar ik kan me wel voorstellen dat soms iemand zegt...

nou, dat wil ik echt niet.

Ja, we gaan ook wel eens terug.

Ja.

Om te zeggen dat de neus korter moet.

En heb je wel eens dat je iets moet maken...

en je weet wat de ontwerper wil.

Maar je kan het technisch gewoon niet maken.

Daar worden ook concessies in gedaan.

Ja?

Er is natuurlijk ook nog een budgetstukje.

Mag een ontwerper vrijuit ontwerpen?

Of moet hij toch altijd rekening
houden met budget en techniek?

Die begint vrijuit.

En dan gaat er iemand kijken.

Past dit grof binnen het budget?

En zo ga je dat steeds verder uitwerken.

Dus er worden constant concessies gedaan?

Ja, zeker.

Dat is altijd met kunst.

Ja.

Ja, jij niet, omdat je je natuurlijk vrij tekent.

Jawel.

Nee, tuurlijk.

Nee, ik heb een redactie.

En dan wordt er heel veel geredigeerd.

Maar dat is soms ook gewoon...

keihard.

Ja, vreselijk.

Ik vind het zo erg.

Nou ja, soms denk je dan van...

Ik kan het niet.

Dat denk ik nooit.

O, nee?

Nooit gedacht?

Ja, als ik thuis kom...

Ik heb wel wat dingen van jou gezien dat ik dacht...

-Dat kon ik ook niet.

Nee.

Dat is ook mijn kracht.

Dat ik dingen gewoon niet kan.

Daarom zit ik ook hier, mensen.

Het is een sprookje.

-Humberto kon niet.

Nee, maar ik kan me voorstellen dat je
dan een zin in gedachte hebt.

Dat dan een hele...

goede redacteur zegt...

dat deze zin niet klopt.

Maar ik vind hem dan mooi.

Ja, dan laat je hem staan.

Maar dan ga je met elkaar in gesprek.

Nou ja, in mijn geval, ik schrijf niet zo veel...

De laatste keer was een kookboek.

Maar dat is ook nog steeds dingen
bedenken die wel of niet kunnen.

En de taal ervoor gebruiken om het over te brengen.

Dus constant ben je bezig met...

hoe krijg ik dit zo goed mogelijk over het voetlicht?

Dat is met een sprookje ook.

Dus je bent constant aan
het zoeken tussen je fantasie...

en wat je in realiteit zou kunnen maken.

Dat lijkt me voor jullie wel een spanningsveld.

Zeker, ja.

Wordt het wat de ontwerper wil?

Willen jullie wat de ontwerper maakt?

Dat lijkt me wel een interessant proces.

Dat is het absoluut, ja.

Maar goed, ze kennen jou nu ook al 33 jaar.

En ik weet wat zij ongeveer willen.

Ja, precies.

Daar word je een goed team van.

Heb je wel eens iets gemaakt waarvan ze zeiden...

oh, dit is het gewoon echt niet.

Nee.

Want je bent zo met elkaar in gesprek,
tot dat punt kom je niet.

Nee, daar kom je niet.

Nee.

Een paar weken geleden
hebben we het er ook over gehad...

Ik weet niet of deze uitzending...

Eén van de uitzendingen ging over de nieuwe attractie.

Dat is de Sprookjesbibliotheek.

Ja.

Het is mij gelukt...

Ik heb mij dus onder het mom van...

Ik ben zo geïnteresseerd in wat jullie doen...

Maar ik heb mij toch echt laten voeren naar
een stukje van de Sprookjesbibliotheek.

Ik heb nu een stukje gezien.

Ja, ja.

We zijn vooral nog bezig met het maken van samples.

Ja.

Laten we eerst kijken, Kevin.

Er komt een nieuwe attractie,
de Sprookjesbibliotheek.

Wat stel jij je daarbij voor?

Een bibliotheek natuurlijk,
waar de sprookjes tot leven komen.

Ja.

Dit boek ga ik niet kopen
als je het zo omschrijft.

Ik ben nog niet klaar.

Nee, oké.

We gaan door. Kom maar.

Je hebt weinig geduld.

Ja.

Dus een magische bibliotheek
waar sprookjes tot leven komen.

Waar je zelf op een interactieve
manier invloed op uitoefent.

Maar hoe?

Verschillende technieken.
Dus ik denk iets met een scherm.

Ik denk dat ergens iets open kan gaan.

En dat je ook elke...

Dat zou ik mooi vinden...

Dat je elke keer als je er komt weer iets
anders ontdekt of meemaakt.

En kun je de boeken eruit halen?
Of hoe ga je dat doen?

Nou, dat zal dan wel niet.

Maar wel de illusie dat ze eruit kunnen.

Het is...

Ja.

Ik denk dat het interactief wordt.

Want heel veel elementen in de Efteling zijn
op een kleine manier interactief.

Je drukt op een knop en er gebeurt wat.

En de Sprookjesbibliotheek klinkt alsof je
daar komt om een verhaal te ervaren.

Toch?

Ja, maar hoe komt het boek...

-Tot leven?

Wordt het boek opengeslagen?

Maar het is een retorische vraag.
Jij weet het al lang.

Nee, ik weet niks.
Ze zeggen niks tegen mij.

Nee?

Ik heb zelfs gedreigd dat ik niet meer kom.
Ze zeiden dan kom je toch niet?

Nee.

Is het eindelijk weer rustig bij De Indische Waterlelies.

Kunnen andere mensen er weer gaan staan.

Daar staat die man weer.

Meneer de Leeuw.

Maar ik denk dat er misschien
ook wel boekenkabouters zijn.

Dat er ook beweging is.

Wat gaat het worden?

Ja.

Mag hij dat zeggen?

Nee.

Nee hè?

Alles blijft heel erg geheim in de Efteling.

Alles blijft heel erg geheim tot het opengaat.
Totdat het onthuld wordt.

Dat duurt nog zo lang.

Het duurt nog lang, hè?
Voor ons ook hoor.

Kun je een tipje van de sluier geven?

We zijn nu vooral aan het kijken,
hoe we dit gaan bouwen.

Ik heb een mal gezien van een aantal boeken.

Ja. We zijn nu met de boeken bezig.

Dat is geen verrassing.

Er moeten natuurlijk duizend boeken in die
Sprookjesbibliotheek komen te staan.

Duizend?

Ja, rond de duizend.

We zien wel een aantal effecten van Pieck.

Er zitten scheurtjes in, de kaften zijn niet recht.

We kopen ze niet rechtstreeks in....

dus we moeten iets verzinnen.

Ik heb nog wel duizend boeken.

Ja, precies.

We moeten iets verzinnen om
ze makkelijk te kunnen maken, en mooi.

Is het een binnen ervaring of een buiten ervaring?

Het is een binnen ervaring.

Dus je gaat ergens naar binnen.

We kunnen wel stap voor stap informatie onthutselen.

Dat gaat echt niet lukken.

Ze zijn keihard.

Ik weet niet wat ze hebben geleerd hier.

Hebben jullie nog een mooie stem nodig ervoor?

Ik kan het doorgeven.

Ja?

Heb jij niet ook een stem?

Ja, ik heb De Indische Waterlelies gedaan.

Maar ik ben net als Madame Tussauds.
Met Madame Tussauds ben ik gesmolten en wij...

Het is me nog wel geattendeerd dat mijn stem is nu vervangen door een andere stem.

Echt waar? Vind je dat verdrietig?

Ja.

Ja toch?

Ik ben er overheen.

Je bent er overheen?

Ja. Zeker nu ik het gehoord heb.
Ik dacht het is niet anders.

Ik heb wel twee van de Waterlelies vernield.

In die periode dansten ze wel allemaal.

Ik ging zelf elke dag kijken.

Dans kreng. Dans.

Dat was wel een hoogtepunt om dat te mogen doen.

Ja. Vertel eens even.

Want voelde je je dan weer een kind dat dacht nu
neem ik die ervaring van vroeger mee in...

hoe ik het vertel, of dacht je ik
ga gewoon mijn werk goed doen.

Nee Kevin, je kan het
vergelijken met jouw alcoholgebruik.

-Ik ben heel benieuwd nu...

Ik ben een soort Gall & Gall.

Ik kon het allemaal leveren.

Ja.

Nee, het is gewoon...

Het is, als je daar altijd hebt gestaan,
en gevraagd wordt of je het wil inspreken...

Het was in die tijd van Mooi! Weer De Leeuw.

Ik lag vrij goed in de markt.

Ja.

Dat is een sprookje.

Ja, natuurlijk.

Je moet ook heel goed begrijpen dat het na een
aantal jaar vervangen wordt.

Omdat er natuurlijk ook weer kritiek was.

Want mensen dachten het is Paul de Leeuw.

Ik vind Paul de Leeuw niet leuk.

Oh, ze konden het niet meer ervaren...

Ze hoorden jou.

Ja.

Ik denk ook dat dat een van de redenen was.

Veranderingen.

Waarom heb je hem vervangen?

Was jij dat?

Hij werkt er al zo lang.

Hij moet er iets mee te maken hebben gehad.

Ik snap wel dat je teveel hoort dat is Paul de
Leeuw in plaats van ik hoor het verhaal.

Ik kreeg ook echt wel op mijn social media
mensen die de Efteling leuk vonden...

behalve die stem van Paul de Leeuw.

Nee. Meen je dat nou?

Ja. Maar goed, dat is helemaal niet erg.

We hebben heel veel trouwe fans.

Maar die houden ook heel erg van vastigheid.

Ja, die houden ook van vastigheid.

Ja, ja.

Die vinden verandering moeilijk, hè?

Ja.

Mensen denk ik over het algemeen.

Ja, maar ik denk dat mensen hier
komen om in een wereld te stappen...

die vertrouwd en veilig is.

En als er dan iets nieuws komt, iets verandert,
krijgen jullie volgens mij altijd eerst kritiek.

Ja.

Dat is bij alles, toch?

Ja.

Verandering is altijd eerst kritiek.

Het is niet alleen in de Efteling.

Nee, dat denk ik wel.

Maar die Sprookjesbibliotheek, wanneer gaat het open?

Het duurt nog wel eventjes, hè?

Ja, volgend jaar.

Ja, ja.

Kevin, heb jij een sprookje wat je graag
zou willen zien in het Sprookjesbos?

Ik heb er lang over nagedacht en ik moest echt
goed nadenken en goed kijken wat er allemaal...

Heeft iemand anders die vraag al aan je gesteld dan?

Ja, ik heb een heel voorgesprek gehad.

Ja, tuurlijk.
Zo gaat het ook, in de Efteling.

Met de kabouter, die zei, Kevin, welk sprookje zou jij nou...

Het is moeilijk, want de meest
bekende sprookjes die ik ken, die...

staan er allemaal. Die zijn er.

Of die zijn vertegenwoordigd in Fata Morgana, of die zijn...

Maar toen kwam ik uiteindelijk terecht op een...

Ik heb echt gewoon gezocht naar een antwoord.

Toen kwam ik op de Vuurvogel, een Russisch sprookje,
over een prins en een vogel die vuur...

die licht geeft.

Toen dacht ik, dat is natuurlijk een prachtig beeld.

Het hele sprookje is veel te lang om te vertellen,
maar als je het hebt over enkel een beeld...

een lichtgevende vogel in het duister,
is natuurlijk een prachtig beeld.

Maar het zegt kinderen niks.

Is dat belangrijk?

Moet een sprookje...

kan je ze introduceren aan kinderen,
of moeten ze een punt van herkenning hebben?

Ik denk het niet.

Wij hebben De sprekende Papegaai.

Dat is een klein gebouwtje met
een papegaai die je napraat.

Ja.

Dat is toch gewoon geweldig.

Er zit een heel verhaal achter, maar ik denk dat
negen van de tien kinderen dat niet kent.

Nee.

Dus dan ga je echt alleen maar
voor het beeld en de ervaring.

Dat werkt dus nog steeds,
de magie van zo'n napraat-papegaai.

Ja, precies.

Dat kun je op je telefoon allemaal gewoon doen...

maar het is veel leuker met dat beeld erbij.

Maar als je denkt aan een vuurvogel,
gaat je fantasie dan gelijk los?

Nou ja, dan ga ik wel meteen denken
hoe gaan we dat dan maken?

Als hij licht moet geven, of dat het moet lijken
dat hij gloeit, dan moeten we een transparant...

materiaal hebben.

Oh, je zit gelijk aan materiaal te denken?

Ja, precies.

Dan ga je echt denken, hoe gaan we dat weergeven?

Kan jij zelf iets aanbieden, of werken
jullie altijd in dienst van de ontwerper?

Ja, je komt weleens met ideeën.

Kleine ideetjes.

Voor wat er al ligt, zeg maar.

Ja.

Een eekhoorntje daar of een dingetje daar.

Ja, precies.

Toevoegingen.

We zijn alweer aan het einde gekomen van de podcast. Ontzettend fijn dat jullie hier wilden zijn.

Ik heb nog één vraag voor jullie allebei.

Het Sprookjesbos, daar hebben we het over dit seizoen.

Welk sprookje mag volgens jou nooit
verdwijnen uit het Sprookjesbos?

Ik denk dat ik dan ga voor Roodkapje,
omdat in dit verhaal alles zit...

wat een goed sprookje behelst.

Een waarschuwing, een fout maken, spanning,
opluchting en verwondering.

Heel mooi.

En jij, Patrick?

Voor mij Doornroosje.

Ja, dat weten we nu wel.

Nee, wacht. Laat hem even uitpraten.

De guilty pleasure.
-Ja, precies.

Maar als hij weggaat,
neem je haar mee naar huis.

Maar dat is dan voor het beeld van het kasteel,
dat als je het Sprookjesbos binnenkomt...

dat je als eerste dat kasteeltje in
de verte ziet. Dat is echt... Efteling.

En dan ook die bakker die dan in slaap valt.

En dat spinnending.

Jij let op dat ding, op die adem van Doornroosje,
maar ik zag die andere dingen.

Een spinnenwieltje.
-De kok.

En voor jou de lelies natuurlijk. Toch?

De stem mag wel verdwijnen, maar de attractie niet.

Heel erg bedankt dat jullie er waren.

Patrick, succes met alles.

Kevin, jij ook bedankt. En succes
met de verdere boeken die je gaat schrijven.

En jij heel erg bedankt dat je hebt geluisterd.

En als je je abonneert, kun je alle afleveringen luisteren.

En dan maken we jou daar op attent.

Dan kloppen we op je raampje.

Luisteren.
Tot volgende week.

Volgende week ontdekken we met
huiscomponist René Merkelbach...

en operazangeres
Francis van Broekhuizen...

alles over de wonderlijke muziek van de Efteling.