Where is it cheaper? — that's what Lisa and Maarten are talking about in this A2 lesson about shopping. Key words: duurder, goedkoper, groter. Great for inburgering prep! Alles voor je examen op inburgeringprep.com: learn Dutch online.
Today's grammar point is comparative and superlative. Along the way, discover dutch markt culture and haggling — essential knowledge for the inburgering exam.
Practise this exam skill: spreekvaardigheid A2.
Vocabulary from this episode — more: basic Dutch words
Great for inburgering exam prep, NT2 practice, or anyone who needs to reach A2 Dutch. New lessons every day!
Study for your inburgering exam with the KNM practice exams. Also useful: learning Dutch for beginners.
Listen on other platforms:
🎵 Spotify
📺 YouTube
🍎 Apple Podcasts
🌐 More practice at the KNM practice exams
Lisa and Maarten are two friends who chat in simple Dutch about everyday life. Perfect for beginners learning Dutch. Short daily episodes with vocabulary, grammar tips, and cultural insights about the Netherlands. From greetings and food to Dutch traditions and daily life — learn Dutch by listening to natural conversations from A1 up to B2 level.
Maarten,
kijk
nou
naar
de
prijs
van
deze
avocado's.
Echt
niet
normaal.
Poeh,
ja,
die
zijn
wel
heel
duur
geworden.
Voor
dat
geld
koop
je
op
de
markt
een
heel
netje.
Ja
precies!
Ik
ben
de
laatste
tijd
echt
aan
het
opletten.
Waarom
is
alles
in
de
supermarkt
altijd
duurder?
Goeie
vraag.
Het
is
een
jungle
van
prijzen.
Ga
jij
wel
eens
naar
een
andere
supermarkt?
Zoals
de
Lidl
of
de
Aldi?
Ja,
zeker.
Voor
de
basisboodschappen
is
dat
vaak
een
stuk
goedkoper.
Melk,
brood,
dat
soort
dingen.
Ik
ook.
Maar
ik
vind
het
aanbod
daar
soms
wel
wat
kleiner.
Als
ik
iets
speciaals
zoek,
hebben
ze
het
vaak
niet.
Dat
is
waar.
De
Albert
Heijn
is
wel
groter
en
heeft
meer
keuze.
Maar
voor
groente
en
fruit
ga
ik
het
liefst
naar
de
markt.
Ja,
de
markt
is
de
beste!
Alles
is
verser
en
de
prijzen
zijn
veel
beter.
En
de
sfeer
is
ook
leuker.
Precies.
En
je
kan
vaak
proeven.
Dan
weet
je
dat
de
kwaliteit
goed
is.
Dat
kan
hier
in
de
supermarkt
niet.
Oh
wacht,
en
je
krijgt
ook
veel
meer!
Voor
drie
euro
heb
je
een
enorme
zak
appels.
Hier
krijg
je
er
vier.
Haha,
ja,
dat
verschil
is
soms
echt
groot.
Probeer
jij
wel
eens
af
te
dingen
op
de
markt?
Soms,
aan
het
einde
van
de
dag.
Dan
willen
ze
van
hun
spullen
af.
Dan
lukt
het
wel
eens.
Ik
durf
dat
nooit.
Ik
voel
me
dan
bezwaard.
Ik
ben
daar
heel
slecht
in.
Ach,
gewoon
proberen.
Maar
oké,
terug
naar
de
supermarkt.
Het
huismerk
versus
het
A-merk.
Nou,
ik
ben
een
grote
fan
van
het
huismerk.
Voor
kaas,
bijvoorbeeld.
De
jonge
kaas
van
het
AH-merk
is
prima.
En
veel
goedkoper.
Echt?
Ik
vind
de
A-merken
kaas
toch
vaak
lekkerder.
Die
hebben
meer
smaak.
Hm,
misschien
een
klein
beetje.
Maar
is
dat
het
verschil
in
prijs
waard?
Dat
is
de
vraag
die
je
moet
beantwoorden
als
je
gaat
kiezen.
Ja,
dat
is
het.
Voor
chocola
en
cola
kies
ik
altijd
het
A-merk.
Dat
is
gewoon
een
wereld
van
verschil.
Oké,
bij
cola
snap
ik
het.
De
smaak
is
echt
anders.
Maar
voor
pasta
of
rijst?
Kom
op.
Nee,
oké,
dat
is
waar.
Dan
pak
ik
ook
gewoon
de
goedkoopste.
Maar
ik
had
laatst
van
die
goedkope
koekjes...
die
waren
zó
vies.
Echt
zonde
van
het
geld.
Ja,
dat
heb
je
soms.
Dan
is
goedkoper
ook
echt
slechter.
Dan
heb
je
niks
bespaard.
Precies!
Dus
je
moet
altijd
een
beetje...
een
balans
vinden.
Ja,
je
moet
constant
dingen
naast
elkaar
leggen
en
een
keuze
maken.
Hoe
noem
je
dat
ook
alweer?
Als
je
kijkt
wat
beter
of
goedkoper
is?
Vergelijken.
Oh
ja,
vergelijken!
Ik
ben
dus
de
hele
tijd
aan
het
vergelijken.
Wat
is
het
verschil
in
kwaliteit,
wat
is
het
verschil
in
prijs...
pff,
boodschappen
doen
is
een
serieuze
taak.
Haha,
ja,
zeker
als
je
op
je
geld
wilt
letten.
Dus,
onze
conclusie:
de
markt
is
het
goedkoopst
en
het
best
voor
verse
dingen.
En
in
de
supermarkt
moet
je
goed
vergelijken
tussen
het
huismerk
en
een
A-merk.
En
soms
is
duurder
echt
beter,
en
dat
is
dan
maar
zo.
Haha.
Precies.
Nou,
zullen
we
dan
maar
eens
wat
gaan
kiezen
voor
vanavond?
Ja,
kom
op.
Ik
heb
honger.
Tot
de
volgende!
Doei!