"Het eigen risico" (Going to the Doctor - Part 5) — in today's A2 inburgering prep lesson, Lisa and Maarten explore going to the doctor. You'll hear words like de huisarts, het ziekenhuis, de apotheek. Everything for your exam at inburgeringprep.com: the DUO exam.
This lesson teaches you prepositions of time and place in context, plus you'll learn about the huisarts system and why dutch doctors say 'take paracetamol' — a topic that comes up on the KNM exam.
Train dit examenonderdeel: lezen examen B1.
Vocabulary from this episode — more: months in Dutch
Whether you're studying for the inburgering exam or just want to speak better Dutch, this A2 lesson is for you. Subscribe for daily episodes!
Preparing for the inburgering exam? Start with the exam simulator. Free on inburgeringprep.com: KNM oefenexamen.
Listen on other platforms:
🎵 Spotify
📺 YouTube
🍎 Apple Podcasts
🌐 Free inburgering practice at staatsexamen B2
Lisa and Maarten are two friends who chat in simple Dutch about everyday life. Perfect for beginners learning Dutch. Short daily episodes with vocabulary, grammar tips, and cultural insights about the Netherlands. From greetings and food to Dutch traditions and daily life — learn Dutch by listening to natural conversations from A1 up to B2 level.
Pfoe,
ik
ben
echt
een
beetje
moe
vandaag,
Maarten.
Oh?
Hoe
komt
dat
dan?
Een
drukke
week
gehad
op
je
werk?
Ook,
maar
ik
moest
vanochtend
weer
naar
de
huisarts.
Ik
ben
dat
hele
gedoe
nu
wel
een
beetje
zat.
Ja,
precies.
Je
was
vorige
week
toch
ook
al
geweest?
Wat
was
er
aan
de
hand?
Ja,
ik
had
vorige
week
op
donderdag
een
afspraak.
Ik
had
last
van
mijn
keel
en
was
de
hele
tijd
moe.
Oké,
en
wat
zei
de
dokter
toen?
Nou,
wat
denk
je?
'Kijk
het
een
weekje
aan
en
neem
maar
een
paracetamol.'
Echt,
altijd
hetzelfde!
Haha,
ja,
dat
is
wel
heel
Nederlands,
hè?
Even
afwachten.
Ja,
maar
mijn
klachten
werden
niet
minder!
Dus
ik
ben
vanochtend
teruggegaan.
Bij
dezelfde
arts.
En?
Kreeg
je
nu
wel
iets
anders?
Een
recept
voor
de
apotheek?
Uiteindelijk
wel.
Maar
ik
moest
echt
een
beetje
aandringen.
Ik
zei:
'Ik
woon
in
Utrecht,
maar
ik
kom
uit
Rotterdam,
wij
wachten
niet
zo
lang!'
Haha,
dat
heb
je
niet
echt
gezegd.
Nee,
niet
echt.
Maar
ik
dacht
het
wel.
Hij
zei
dat
het
waarschijnlijk
een
virus
is.
Ik
heb
nu
een
recept
voor
een
neusspray.
Nou,
kijk.
Dat
is
al
beter
dan
niks.
Het
is
gewoon
hoe
het
systeem
werkt.
De
huisarts
is
de
poortwachter.
Poortwachter?
Wat
een
woord.
Ja,
hij
of
zij
beslist
of
je
naar
een
specialist
in
het
ziekenhuis
mag.
Dat
kan
niet
zomaar.
Oh
wacht,
dan
heb
je
zo'n
briefje
nodig,
toch?
Ja
precies,
een
verwijzing.
Zonder
die
verwijzing
betaalt
je
verzekering
niets.
Oh
ja,
de
verzekering.
Moet
je
dan
ook
nog
eigen
risico
betalen
bij
de
specialist?
Meestal
wel.
Eerst
je
eigen
risico,
en
daarna
betaalt
de
verzekering.
Maar
bij
de
huisarts
is
dat
gelukkig
niet
zo.
Ah,
oké.
Dat
is
fijn.
Anders
ga
je
nóg
minder
snel.
Lekker
belangrijk
weer,
die
regels.
Ik
wil
gewoon
snel
beter
worden!
Dat
snap
ik.
Maar
het
houdt
de
zorg
wel
betaalbaar.
Anders
gaat
iedereen
voor
elk
klein
ding
naar
het
ziekenhuis.
Dat
is
waar.
Nou
ja,
ik
ga
straks
dus
even
langs
de
apotheek.
Die
is
gelukkig
naast
de
supermarkt,
dus
dat
is
makkelijk.
Handig.
En
is
die
open
na
je
werk?
Ja,
tot
zes
uur.
Dus
dat
moet
lukken.
Nou,
beterschap
dan
maar.
Haha,
ja,
beterschap!
Maar
even
over
die
woorden,
specialist
en
verwijzing.
Dat
vergeet
ik
steeds.
Een
specialist
is
een
dokter
met
een
specialisatie,
bijvoorbeeld
een
cardioloog
voor
het
hart.
Die
werkt
vaak
in
een
ziekenhuis.
Oké,
duidelijk.
En
de
verwijzing
is
dus
het
ticket
om
naar
de
specialist
te
mogen?
Eigenlijk
wel,
ja.
Het
is
een
brief
van
je
huisarts.
Zonder
die
brief
heb
je
geen
toegang.
Dus,
we
hebben
het
weer
gehad
over
het
hele
proces.
Een
afspraak
maken,
je
klachten
uitleggen...
...en
de
typisch
Nederlandse
oplossing:
paracetamol.
En
natuurlijk
over
de
huisarts
als
poortwachter
voor
de
specialist.
Ja
precies.
En
dat
je
een
verwijzing
nodig
hebt.
Ik
heb
weer
wat
geleerd
vandaag!
Nou,
ik
hoop
dat
je
je
snel
beter
voelt.
Ga
maar
rustig
naar
de
apotheek.
Ja,
ga
ik
doen.
Bedankt!
En
tot
volgende
week.
Tot
volgende
week,
doei!